Alles wordt duurder, dat vergroot de verschillen verder. Maar het ergste moet nog komen

Koopkracht Ondanks eerdere ingrepen, groeit de druk op het kabinet om nieuwe koopkrachtmaatregelen te nemen opnieuw.

De markt in Woensel, Eindhoven. Boodschappen zijn in een jaar 18,5 procent duurder geworden, aldus marktonderzoeker GfK.
De markt in Woensel, Eindhoven. Boodschappen zijn in een jaar 18,5 procent duurder geworden, aldus marktonderzoeker GfK. Foto Rob Engelaar / ANP

Hongerstenen heten ze, de joekels van stenen die deze zomer door de lage waterstanden in Midden-Europa aan het rivieroppervlak verschijnen. Ze zijn eeuwen geleden ingekerfd, niet alleen om te herinneren aan een droog jaar, maar ook om te waarschuwen voor nog meer leed: mislukte oogsten, hongersnood. „Als je mij ziet, huil dan”, staat op zo’n steen langs de Elbeoever.

Het zijn dagen waarin ook de economische berichten als onheilstijdingen lezen. Energieleveranciers merken dat een groeiend aantal klanten de rekeningen niet kan betalen. Stijgende supermarktprijzen kosten een gemiddeld gezin honderden euro’s per jaar extra. De inflatie lag in juli boven de 10 procent, voor het eerst sinds september 1975.

En ook hier geldt dat de ellende nog niet voorbij is. Nu al zijn de gevolgen voor velen voelbaar: aan de pomp, in het boodschappenmandje en voor wie een nieuw of variabel energiecontract heeft afgesloten. Maar het ergste moet nog komen. Veel Nederlanders moeten hun energiecontracten nog vernieuwen en de hogere prijzen sijpelen op steeds meer plekken door.

Het maakt de opdracht waarover de coalitie van Rutte IV zich de komende twee weken buigt belangrijk én penibel. Deze week kwamen de vier fractieleiders van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie voor het eerst bijeen. Dat zullen ze tot 26 augustus nog vaak doen: dan moeten ze hun besluiten hebben genomen over de begroting voor 2023, die op Prinsjesdag naar buiten komt.

Wordt het een snelle noodgreep – of gaat het systeem op de schop?

De broekriem hoeft niet zo stevig aangehaald en er is ruimte voor herverdeling

Tot nu toe greep het kabinet steeds naar tijdelijke maatregelen om de koopkracht van miljoenen Nederlanders te stutten. Deels was dat noodgedwongen: de meest ingrijpende veranderingen kunnen alleen op jaarbasis, per 1 januari, geregeld worden. In plaats daarvan verlaagde het kabinet de btw op energie en de benzine-accijnzen en kwam er een energietoeslag voor lage inkomens.

Maar de nood blijft hoog, ook na de 6,5 miljard euro die het kabinet er al voor uittrok. Nederlandse huishoudens staan in de top drie van Europa als gekeken wordt wie de hardste klappen in hun koopkracht moeten verteren door de energieprijzen, berekenden economen van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Dat raakt ook steeds meer middeninkomens.

Dus moet er iets gebeuren. Een nieuwe tijdelijke verlaging van de energiebelasting of de btw op energieverbruik liggen als ideeën op tafel. Maar wat als de problemen aanhouden? Dat is inmiddels geen doemdenken meer: de algemene verwachting onder banken en economen is dat de energierekening voor burgers en bedrijven ook in 2023 en 2024 heel hoog gaat uitpakken.

Daar kan zelfs een plottwist, zoals een onverwachts einde aan de oorlog in Oekraïne en een beëindiging van de boycot van Russische olie en gas, weinig aan veranderen. Want de Russische invasie versterkte een al langer gistende energiecrisis. Leveranciers hadden al moeite met het snelle herstel na de pandemie en kunnen de toegenomen vraag nog steeds niet aan.

Dat gat wordt bovendien niet snel gedicht. Groene energie is gewild, maar er is nog niet genoeg. Geld dat nu in olie en gas gestoken wordt is daardoor „gevangen tussen twee toekomstvisies”, stelde het Internationale Energieagentschap (IEA) voor de zomer vast. „Te veel voor een pad dat de opwarming van de aarde tot anderhalve graad moet beperken, maar te weinig om de vraag aan te kunnen zolang overheden [...] hun klimaatbeloften niet nakomen.”

Het gevolg: een ongemakkelijke tussenfase waarin tegenstrijdige keuzes zich aandienen. Frituur je de aarde door meer naar fossiele brandstoffen te grijpen of laat je je bevolking in de kou staan? Dan liever het eerste, zo blijkt.

Dus ziet de Franse regering zich gedwongen om extra in te zetten op fossiele brandstoffen, omdat er vanwege de (door klimaatverandering aangewakkerde) droogte niet voldoende koelwater is om de kerncentrales op volle kracht te laten draaien. En dus subsidiëren overheden vervuilende energie, zodat hun burgers niet kopje onder gaan.

Recordwinsten en vermogens

Hoe lang nog? De coronacrisis rekte het begrip ‘tijdelijkheid’ bij beleidsmakers al flink op, met steeds weer nieuwe compensatie voor noodlijdende werkgevers, werknemers en zzp’ers. Daar is minister van Financiën Sigrid Kaag (D66) wel klaar mee nu de economie opnieuw ontregeld wordt, liet ze deze zomer weten. „Het continu willen of kunnen compenseren is gewoon niet mogelijk”, zei ze.

En net als corona is de energiecrisis geen grote gelijkmaker gebleken, maar legt ze diepere verschillen bloot. Neem de lagere btw en accijnzen. Daarvan bleken veelverdieners veel meer te profiteren dan lage inkomens: zij verbruiken meer energie.

Dat we collectief armer worden, zoals de afgelopen maanden klonk, is evenmin vanzelfsprekend. Bedrijven als Shell boeken juist recordwinsten en het Centraal Planbureau concludeerde tot zijn eigen verrassing dat er bij veel bedrijven meer ruimte is dan gedacht voor een verhoging van de lonen, zonder dat ze daardoor genoodzaakt zijn de prijzen te verhogen. „De broekriem hoeft niet zo stevig aangehaald en er is ruimte voor herverdeling”, concludeerde CPB-econoom Marcel Timmer.

Het verklaart waarom een groot deel van de Tweede Kamer, ook de coalitiepartijen, veel ziet in een solidariteitsheffing of meevallersbelasting. Het bekendste voorbeeld voor zo’n windfall tax is nu het Verenigd Koninkrijk, dat haar onlangs invoerde en hoopt 6 miljard euro aan extra belastinginkomsten op te halen bij oliegiganten als Shell en BP.

Het is de vraag of een vergelijkbare belasting aan deze kant van het Kanaal veel oplevert: de grootste olie- en gasreus in Nederland is de NAM, dat al veel geld kwijt is aan aardbevingscompensatie. Maar een veel bredere belasting op megawinsten zou wel eens veel meer kunnen opleveren, kwam naar voren uit een analyse van het Instituut voor Publieke Economie, een denktank bestaande uit ex-ambtenaren van Financiën.

En op de valreep voor het zomerreces verscheen een groot vermogensonderzoek onder leiding van topambtenaar Laura van Geest, waaruit bleek dat de overheid grote vermogens sterk bevoordeelt. Dat rapport hield een vergelijkbaar pleidooi: als vermogens zwaarder belast worden, kan de belasting op arbeid omlaag. Dat zou veel Nederlanders meer helpen dan een lagere btw.

Lees ook:Van 2.000 naar 5.000 euro voor een energiecontract. Iedereen gaat het voelen