Opinie

Een kunstacademie heeft een academisch karakter: geef ze ook die titel

Onderwijs Geef de Nederlandse kunstacademies een universitaire status, betoogt .
Foto Sabine Joosten/ANP

Steeds meer kunstenaars halen een diploma. Meetbare vaardigheden zijn van propedeuse tot eindexamen getoetst, besproken en in orde bevonden. Kunstenaar zijn is dan ook een vak, en volgens velen ook wel meer dan dat. Het is het zwaarste vak dat er is, want waar andere studies opleiden tot een plaats op de arbeidsmarkt biedt een kunstacademie vooral een zoektocht naar het vinden van een eigen artistiek handschrift.

Die zoektocht is academisch van aard, er wordt onderzoek gedaan, er wordt gemaakt, gelezen, gekeken, gereflecteerd en gediscussieerd. Academisch? Ja. Universitair? Ja, maar niet in Nederland. Anders dan in vele omringende landen maakt de Nederlandse kunstacademie geen deel uit van het wetenschappelijk onderwijs. Daar moet verandering in komen. Kunstacademies verdienen de universitaire status.

In 1999 hebben de Europese landen in Bologna afspraken gemaakt over de inrichting van het hoger onderwijs. Er is een systeem vastgelegd met een bachelor, master en doctoraatstitel. Hiermee zijn universitaire opleidingen in Europa vergelijkbaar en kunnen studenten eenvoudig in andere landen studeren. Ook docenten kunnen meedraaien in een internationale mobiliteitscarroussel. Om dit in 1999 voor elkaar te krijgen zijn in alle Europese landen enorme inspanningen geleverd. Het Nederlands systeem heeft een indeling met hoger beroepsonderwijs en wetenschappelijk onderwijs met de vooropleidingen havo en vwo. Na drie jaar studeren staat de student met een bachelortitel alweer buiten de poort, met een jaar extra met zelfs een mastertitel op zijn of haar naam. Voor kunstvakstudenten is dat respectievelijk vier en zes jaar.

Er wordt onderzoek gedaan, gelezen, gekeken, gereflecteerd en gedis-cussieerd. De kunst-academie academisch? Ja.

In de overgang tussen het Nederlands systeem en het Europese zijn er vanzelfsprekend oneffenheden ontstaan. Een daarvan zou nu alsnog gecorrigeerd moeten worden, namelijk de positie van het kunstvakonderwijs en dan met name van de kunstacademies. Een opleiding aan een kunstacademie vereist de ambitie om zelfstandig te willen studeren op een abstract niveau, vaardigheden die op het vwo worden voorbereid. In wetenschappelijk onderwijs maakt onderzoek doen deel uit van het curriculum, een eigenschap die veel aankomende kunstenaars van zichzelf hebben. Doordat het lesprogramma doortimmerd is met weinig keuzevrijheid loopt de werkdruk voor studenten op.

In een veranderende wereld moet een student bij diverse faculteiten keuzevakken kunnen volgen die passen bij de actuele belangstelling, van genderstudies, duurzaamheidsvraagstukken tot de gevolgen van een post-koloniale samenleving. Het adagium dat alle goede kunst over kunst gaat kan gehanteerd worden in de hoofdvakken; juist in de bijvakken verwerft een student meerwaarde voor zichzelf, de studiegenoten en voor de samenleving. Door bredere oriëntatie wordt de buitenwereld de kunstacademie binnen getrokken.

Verschillende perspectieven

De academie biedt een algemene vorming waarbij studenten verschillende perspectieven leren hanteren. Studenten onderzoeken kunst, mens en maatschappij en vanuit deze breedte scherpen ze hun eigen blik. Een samenleving heeft baat bij deze individuele blik. De stem van de kunstenaar, de kleinst mogelijke minderheid met een goed gearticuleerde mening, kan een kleine of grote groep van mensen inspireren, wakker schudden en aandacht vragen om de wereld anders te bezien dan gebruikelijk.

Lees ook: Kleurig en heerlijk overdadig afstudeerwerk van Amber Hyacinth

Worden kunstenaars betere kunstenaars met een universitaire titel? Op vele Europese kunstuniversiteiten maakt artistiek onderzoek deel uit van zowel het curriculum van de student als van de taakomschrijving van de docent. Daarmee is de student beter in staat om zich te verwoorden en om na zijn bachelor- een mastertitel te halen, en, weer een stap verder, een promotie-onderzoek te verrichten. Momenteel haalt een enkeling een PhD via de Koninklijke Academie in Den Haag, die dat traject heeft opgezet in nauwe samenwerking met de Universiteit Leiden.

Dan is er nog iets verwarrends. Nederlandse instellingen voor hoger beroepsonderwijs mogen zich in het Engels university of applied sciences noemen. Een aantal Nederlandse kunsthogescholen vertaalt zich als University of the Arts. Voor docenten blijkt bij een aanstelling als hoofd van een vakgroep echter, pas na sollicitatie, dat op hun visitekaartje geen professorentitel staat, maar ‘slechts’ hoofddocent. Dat is in Duitsland, Frankrijk en Engeland dus anders. Europese professoren ervaren degradatie als ze in Nederland worden benoemd.

Ja, het maakt uit

Maakt het iets uit als een kunstenaar ook hoogleraar is? Ja, de media weten dat ze hem of haar kunnen bellen voor helder en doorwrocht commentaar over kunst, cultuur en samenleving. Politici laten zich graag adviseren door denktanks met professoren erin, en kunst krijgt zo weer een aantal goed zichtbare pleitbezorgers.

Vanzelfsprekend is het toekennen van de ‘universitaire’ status niet zo maar gebeurd. Er zijn verschillende manieren om het voor elkaar te krijgen. De kunstacademie kan onderdeel worden van een universiteit, meerdere kunstacademies en conservatoria kunnen samen als coalitie een eigenstandige positie verwerven als universiteit, of iedere kunstacademie of Hogeschool voor de Kunsten kan zelfstandig opteren voor een positie als zelfstandige universiteit. Een kleine stelselwijziging is dan nodig. Zoals de Erasmus Universiteit ooit de Nederlandse Economische Hogeschool was, zo kan een Hogeschool voor de Kunsten een Universiteit voor de Kunsten worden.