De wesp is geen plaag maar een zegen

Als iemand mij slaat, reageer ik ook prikkelbaar, schrijft .
Vespula vulgaris Gewone wesp
Vespula vulgaris Gewone wesp Foto Aglaia Bouma

Elke zomer is het weer raak. Ineens zijn ze overal. Soms vormen ze zelfs een heuse plaag. Ik heb het over wespenverdelgers. Met hun gifspuit, terrortaal en foto’s van vervaarlijk ogende geel-zwarte beesten, kruipen ze tussen de mediaberichten om ons ervan te overtuigen dat we ze toch vooral moeten inhuren. De desinformatie die ze verspreiden is angstaanjagend. Vaak zijn de foto’s niet eens van de ‘limonadewespen’ die volgens hen bestreden moeten worden, maar van vriendelijke Franse veldwespen, Polistes dominula, die zelfs niet met een glas wijn naar onze terrasjes zijn te verleiden.

Vroeger was ik levensbedreigend allergisch voor wespengif. Dan kun je angstig worden van een nest in je directe omgeving. En als kleine kinderen spelen op een plek waar een kolonie woont, is enige nervositeit ook terecht. In alle andere gevallen wordt het gevaar van wespen schromelijk overdreven. Tegenwoordig is dat waar ik allergisch voor ben.

Wespen vliegen heus niet rond op zoek naar een stukje ontbloot mensenvlees om hun angel in te steken. Ze zijn niet eens geïnteresseerd in ons. Als ze al speuren naar vlees, dan is dat om de larven in het nest te voeden. Ze vangen daartoe de hele zomer massa’s vliegen, muggen en rupsen. Ook kadavers van bijvoorbeeld aangereden vogels helpen ze opruimen door er brokjes vlees van af te knagen. In ruil voor hun harde werk, krijgen ze van hun opgroeiende zusjes en broertjes een zoet, suikerrijk goedje. Dat geeft energie om al vliegend op jacht te gaan naar die daas die ons dan niet meer pijnlijk zal bijten.

Aan het einde van het seizoen legt de koningin in het nest steeds minder eieren. Daardoor zijn er ook steeds minder larfjes om te voeren en zoete stof om van te snoepen. Op dat moment zijn er nog wel veel werksters. Die hebben niet veel anders meer te doen dan hun werkloze uren besteden aan zoeken naar suikers.

Dat doen ze bijvoorbeeld op planten en bomen waar veel bladluizen wonen. Die beestjes scheiden honingdauw uit en dat zoete spul lusten wespen graag. Autodaken die glimmen van de honingdauw worden op eenzelfde wijze schoongelikt.

Jagen op suikers

Ook nectarrijke bloemen worden gretig bezocht, waarbij zo’n wesp en passant helpt bij de bestuiving. Sommige individuen vinden onze jam of cola ook erg smakelijk. Een enkeling wordt gefopt door de verlokkelijk zoete geur van parfum en zoemt dan onrustig zoekend naar het lekkers rond een hoofd. Jagen op suikers is dus wat ze in augustus in onze buurt komen doen. En dat is wanneer er in hogere of lagere graad van paniek naar de beestjes gemept wordt. Soms voelt een wesp zich dan zo bedreigd dat ze steekt. Dat is niet raar. Als iemand mij slaat, reageer ik ook prikkelbaar.

In plaats van te meppen, zouden we wespen ook kunnen bedanken voor hun opruimwerkzaamheden en plantenbestuiving in al die maanden dat ze ons niet opvielen. Op een afstandje van waar je zit een schoteltje jam of overrijp fruit doet wonderen. Ook voor je gemoedsrust.