Als een onderwaterinsect doet deze zeepissebed aan bestuiving

Biologie Het voortplantingssucces van een rood zeewier is groter als er zeepissebedden nabij zijn. Onder water doen die aan bestuiving.

De gewone zeepissebed op rood zeewier. Daar verschuilt hij zich tegen roofdieren én hij helpt het wier zich voort te planten.
De gewone zeepissebed op rood zeewier. Daar verschuilt hij zich tegen roofdieren én hij helpt het wier zich voort te planten. Foto Station Biologique de Roscoff, CNRS

Ook onder water vindt er bestuiving plaats. Dat was al bekend van zeegrassen, maar is nu voor het eerst aangetoond bij zeewier. Met behulp van de gewone zeepissebed Idotea balthica deden Chileense en Franse biologen experimenten in het lab. Zo ontdekten ze dat het voortplantingssucces van het rode zeewier Gracilaria gracilis sterk toeneemt dankzij tussenkomst van het drie centimeter grote diertje. Mogelijk bestond onderwaterbestuiving ver voordat de eerste planten op land verschenen, schrijven de auteurs in Science.

Tegenwoordig is bestuiving door insecten de meest voorkomende wijze waarop bloeiende planten bevrucht worden. Maar dierlijke bestuiving is niet altijd zo vanzelfsprekend geweest. Onder biologen bestaat discussie over wanneer dit begon. Bij het ontstaan van de eerste bloemen, menen sommigen, 140 miljoen jaar geleden. Anderen houden het op 99 miljoen jaar geleden, omdat in barnsteen van die ouderdom met stuifmeel bedekte insecten zijn aangetroffen. In 2006 opperden biologen in Science dat er wellicht al zo’n 250 miljoen jaar geleden bestuiving door ongewervelden plaatsvond bij mossen. De meeste biologen lijken het erover eens dat dierlijke bestuiving pas ontstond lang na de ontwikkeling van de eerste landplanten, 450 miljoen jaar geleden.

Geen zweepstaartje

Die aanname betwisten de auteurs van het huidige artikel. Nadat in 2012 uit Mexicaans onderzoek bleek dat zeegras onder water kan worden bestoven door ongewervelden, wilden de Chileense wetenschappers weten of een soortgelijk proces ook plaatsvindt bij rode algen, waaronder het zeewier Gracilaria gracilis. Daarbij hebben de mannelijke geslachtscellen, in tegenstelling tot veel andere onderwaterplanten, geen zweepstaartje om zich door het water voort te bewegen. De vrouwelijke geslachtscellen zitten vast op het wier.

Omdat de zeepissebed Idotea balthica zich vaak in het rode zeewier verschuilt, vroegen de onderzoekers zich af of de soort zou kunnen helpen bij het verspreiden van de mannelijke zaadcellen. Om dat te testen, plaatsten ze mannelijk en vrouwelijk zeewier op 15 centimeter van elkaar in zeewateraquaria met of zonder pissebedden. In de aquaria mét pissebedden was het voortplantingssucces zo’n 20 keer groter.

Vervolgens voorzagen de biologen sommige pissebedden van wat mannelijke zeewiergeslachtscellen en plaatsten ze in een tank met alleen vrouwelijke wieren. Die werden succesvol bevrucht. Ook was duidelijk te zien dat pissebedden in de aquaria met mannelijk zeewier geslachtscellen op zich droegen. Kortom: Idotea balthica draagt bij aan het voortplantingssucces van rood zeewier. Zeker in kalm water is dat belangrijk, benadrukken de auteurs. In turbulenter water kan stroming ervoor zorgen dat de mannelijke geslachtscellen bij de vrouwtjeswieren geraken.

Mogelijk is deze vorm van bestuiving al heel lang gaande, denken de onderzoekers. De familie van rode zeewieren ontstond tussen 1.049 en 817 miljoen jaar geleden, en de vroegste zeepissebedden verschenen zo’n 650 miljoen jaar geleden. Ver vóór de eerste planten aan land kwamen.