De Grand Prix van Hongarije: waarom investeren overheden zo graag in de Formule 1?

Formule 1 Circa 230.000 fans – een recordaantal – zien Max Verstappen de GP van Hongarije winnen. Het contract tussen de Formule 1 en de Hungaroring zal met hulp van de overheid waarschijnlijk met tien jaar worden verlengd.

Nelson Piquet van Williams-Honda wint de eerste GP in Hongarije op 10 augustus 1986. Fans kijken massaal naar de zege van de Braziliaan.
Nelson Piquet van Williams-Honda wint de eerste GP in Hongarije op 10 augustus 1986. Fans kijken massaal naar de zege van de Braziliaan. Foto’s Paul-Henri Cahier / Getty Images en Daniel Janin / AFP

Het is een vreemd gevaarte dat de coureurs voorbijsnellen als ze tijdens de grand prix van Hongarije heuvelafwaarts richting bocht 13 van de Hungaroring rijden, met een vaart van meer dan 150 kilometer per uur. In het gras waaromheen het asfalt een lange bocht van 180 graden maakt, rijzen drie buizen in het rood, wit en groen vijftien meter de hemel in voordat ze zich verstrengelen, alsof de nationale driekleur in een knoop is gelegd.

Het kunstwerk draagt de naam ‘Kanyarulatok’, wat vanuit het Hongaars vrij vertaalt als ‘Wendingen en bochten’. Het is in 1986 vervaardigd door de Hongaarse kunstenaar Mihály Gábor ter gelegenheid van de opening van de Hungaroring. De kronkels moeten het bochtige circuit symboliseren. Bij de voet van de in totaal twintig meter hoge installatie ligt een plaquette, waarop staat: „Een geschenk van de Hongaarse weg- en transportautoriteiten.”

De GP van Hongarije heeft meer te danken aan de overheid dan enkel een kunstwerk. Als de Formule 1 onder leiding van Bernie Ecclestone in de jaren tachtig zoekt naar mogelijkheden om een race te organiseren achter het IJzeren Gordijn, lijkt in eerste instantie Rusland de beste papieren te hebben. Maar mede dankzij de Hongaarse minister van Transport Lajos Urbán weet Hongarije in 1985 het contract voor de eerste Oost-Europese Grand Prix binnen te slepen.

Stadspark

Het oorspronkelijke idee is dat de race in een stadspark van Boedapest wordt gehouden, maar de gemeente houdt dat tegen. Daarop besluit minister Urbán, die geen genoegen neemt met ‘nee’, de bouw van een nieuw circuit te lanceren. Tussen de heuvels van Mogyoród, een gehucht van nog geen zesduizend inwoners, wordt een stuk land gekocht en met belastinggeld wordt in negen maanden tijd de Hungaroring neergelegd. In 1986 wordt de eerste Hongaarse GP gewonnen door Nelson Piquet.

Sindsdien zijn de banden tussen de Hungaroring en de Hongaarse overheid altijd nauw gebleven. Circuits zijn doorgaans zuinigjes met het delen van informatie over hun financiële nering, maar in de Hongaarse staatscourant zijn de overheidssubsidies voor de Hongaarse GP terug te vinden. Dit jaar ontvangt de organisatie 48 miljoen dollar (46,9 miljoen euro), een bedrag dat volledig besteed wordt aan de license fee, de prijs die de Formule 1 van het circuit vraagt om op de jaarlijkse racekalender te blijven. Hongarije heeft nog een contract voor F1-races tot 2027; tegen die tijd is de overheidsbijdrage opgelopen tot 57 miljoen dollar. De overheid heeft dan in tien jaar bijna een half miljard euro aan overheidssteun aan de Hungaroring verstrekt.

Overheidssteun

Het zijn grote bedragen, maar Hongarije vormt geen uitzondering. Bijna elk circuit ontvangt jaarlijks steun van nationale of lokale overheden in de vorm van subsidies of belastingvoordelen. Volgens Stuart Pringle, de directeur van het Britse circuit Silverstone en voorzitter van de Formula One Promotors’ Association dat de belangen van de circuits behartigt, ontvangen alleen de Britse GP en de Nederlandse GP op Zandvoort geen jaarlijkse overheidsbijdrage.

Een grand prix organiseren is een dure business. Volgens de website Formula Money kost het houden van een wedstrijd tussen de 18 en 56 miljoen euro per jaar. Een wedstrijd organiseren op een circuit is goedkoper dan een stratenrace, maar de kosten van de aanleg van een nieuw racecircuit bedragen gemiddeld zo’n 260 miljoen euro. En dan komt de licence fee van tientallen miljoenen, die varieert per circuit en elk jaar toeneemt, daar nog bovenop.

Lang niet elk circuit kan of wil die kosten jaarlijks ophoesten. Voor hun inkomsten zijn ze voornamelijk afhankelijk van ticketverkoop, zaken die veel geld opleveren zoals tv-rechten, hospitality en sponsoring hebben ze af moeten dragen aan de Formule 1. Over de jaren heen zijn daardoor veel circuits van de racekalender verdwenen, zoals meest recent nog de GP van Duitsland die na 2019 niet terugkeerde.

Toch zijn er veel overheden die wel bij willen springen. Want tegenover de kosten staat dat de landen die een grand prix huisvesten erop rekenen dat een raceweekend twee dingen oplevert: toerisme en prestige. Hongaarse wetenschappers onderzochten in 2018 de effecten van de race voor het land. Hoewel volgens hen vanwege stijgende kosten en licence fees de race financieel steeds minder aantrekkelijk wordt om te organiseren, is het „absoluut noodzakelijk” om de GP op de kalender te houden, schreven ze.

Op basis van overheidsdata stelden de onderzoekers dat het bezoek van de Formule 1 jaarlijks 43 miljoen euro bijdroeg aan het bruto binnenlands product in de vorm van hotelovernachtingen en andere bestedingen, de race wereldwijd door 69 miljoen mensen werd gezien en het land en de GP bijna 11.000 keer werd genoemd in nationale en internationale media. „Het land heeft de kracht en de prestige van de Formule 1 nodig”, concludeerde het onderzoek.

Niet iedereen onderschrijft die bevindingen. Een jaar later publiceerden Noorse wetenschappers een rapport waarin ze concludeerden dat het organiseren van een race juist negatieve effecten heeft. „Met onze bevindingen kunnen we niet onderbouwen dat het organiseren van een Formule 1-race positieve effecten op toerisme heeft. Eerder het tegendeel”, schrijven de onderzoekers. Volgens hun data daalde het bnp in de jaren van en na een race door de grote investeringen die nodig zijn. Daarmee is het besteden van publiek geld niet gerechtvaardigd, aldus de Noren.

Lage ticketprijzen

Tijdens het raceweekend in Boedapest is in ieder geval te merken dat de grand prix fans van over de hele wereld aantrekt. De race in Hongarije is populair omdat de prijs voor tickets nergens op de wedstrijdkalender lager is. Al op donderdagavond zie je de supporters, voornamelijk groepjes mannen, door de straten van de Hongaarse hoofdstad lopen. Ze spreken Duits, Engels en Nederlands. De dagen erna zorgen ze voor opstoppingen en files op de kleine weggetjes rond het circuit.

Er is zoals in eerdere jaren weer een flink contingent Nederlanders naar Boedapest afgereisd. De plukjes ‘orange army’ zijn overal op de tribunes die tegen de heuvels zijn opgebouwd zichtbaar. Een paar weken geleden misdroegen groepen in het oranje gehulde fans zich tijdens de GP van Oostenrijk. Vrouwen werden lastiggevallen, er waren homofobe spreekkoren te horen en Lewis Hamilton, een rivaal van de Nederlandse wereldkampioen Max Verstappen, werd uitgejouwd.

Dit weekend is de sfeer een stuk gemoedelijker. Misschien komt het door de nieuwe campagne die de Formule 1 zaterdag lanceerde tegen wangedrag van fans, maar in ieder geval genieten de aanwezigen rond het circuit probleemloos van het zomerweer. Grote tenten gevuld met barren en picknicktafels geven de fanzones een aanblik die doet denken aan Oktoberfest. Soms hoor je de Nederlanders wel, bijvoorbeeld als een aantal beschonken fans in Red Bull-polo’s – sixpack Heineken onder de arm – iets als „Boeren, Boeren” naar hun vrienden scanderen.

Als zondag de race van start gaat, is het weer Hongarije onder en Hongarije boven. De nationale driekleur is overal. Een grote vlag ligt op het asfalt als het volkslied klinkt, begeleid door een vleugel die daarvoor speciaal het circuit op is gereden.

Naar schatting meer dan 230.000 fans – een recordaantal – zijn daarna getuige van een een spectaculaire race. Verstappen begint na motorproblemen tijdens de kwalificatie op plek tien, maar eindigt door slimme pitstops, goede bandenkeuzes en knappe inhaalacties uiteindelijk als eerste. Verstappen houdt de Brit Lewis Hamilton achter zich en vergroot zijn voorsprong in de strijd om de wereldtitel met Charles Leclerc tot tachtig punten. De Nederlander krijgt onder luid gejuich de winnaarstrofee op het podium boven de pitstraat uitgerekt door de Hongaarse minister van Buitenlandse zaken en Handel.

Diens ambtgenoot, minister László Palkovics van innovatie en technologie, heeft dan al tegen Hongaarse media gezegd dat het zo goed al zeker is dat het contract tussen de Formule 1 en de Hungaroring met tien jaar verlengd zal worden, tot 2037. „Het moge duidelijk zijn dat Hongarije graag de Formule 1 hier houdt. De overheid heeft de afgelopen jaar niet voor niks veel geïnvesteerd in infrastructuur rond het circuit”, zegt Palkovics.

Voorwaarde is wel dat de organisatie alle faciliteiten rond de Hungaroring voor vele tientallen miljoenen renoveert. Voor de Hongaarse autoriteiten lijkt dat geen probleem te zijn: het kostbare racefeest dat de Formule 1 biedt, is in hun ogen de investering nog altijd waard.