Advocaten over contante betalingen: ‘Cash geld op zich is niet meteen verkeerd’

Advocatuur Strafrechtadvocaten namen te vaak contant geld aan, bleek maandag. Cash kan een risico zijn, erkennen de advocaten, maar doorslaan in regulering óók.

Foto Roos Koole/ANP

Een voorschot van 10.000 gulden, betaald in tien briefjes van duizend. Zo ging dat vroeger, vertelt strafrechtadvocaat Jan Boone. Dat werd dan keurig ingeboekt, naar de bank gebracht, en op de rekening van het advocatenkantoor gestort. Niemand die er moeilijk over deed. „De mentaliteit was toen: als je naar de bakker gaat en betaalt met 100 euro, vraagt hij toch ook niet waar het vandaan komt?”

Die mentaliteit is veranderd. De regels rondom cashbetalingen aan strafrechtadvocaten zijn de laatste jaren verder aangescherpt. Contante betaling is in een beperkt aantal gevallen toegestaan, bijvoorbeeld als een cliënt niet over een eigen bankrekening beschikt of als er beslag is gelegd op de bankrekening.

Maar, zo bleek maandag uit een onderzoek van de lokale dekens, die toezicht houden op de advocatuur: cash geld werd ook vaak in andere gevallen aangenomen. Vooral in 2018 en 2019 werden de tuchtregels vaak overtreden. Daarnaast werd de regel dat advocaten moeten overleggen met de deken als ze een contant bedrag van boven de 5.000 euro aanvaarden, in een groot aantal gevallen niet nageleefd. In 2020 nam het aantal contante betalingen sterk af, volgens de dekens mede door het aankondigen van het onderzoek en de discussie die daardoor binnen de beroepsgroep op gang kwam.

„We hebben moeten constateren dat er een cultuur is ontstaan waarin onvoldoende is gelet op de regels rondom contante betalingen”, zei de Amsterdamse deken Evert-Jan Henrichs maandag. De dekens pleiten onder meer voor het verlagen van het maximaal bedrag aan te ontvangen cash geld naar 1.000 euro.

‘Niet doorslaan’

Volgens strafrechtadvocaat Mark Teurlings zijn de regels de afgelopen jaren al „heel streng” geworden. „Ik heb vorig jaar 2.000 euro cash aangenomen en moest daar gelijk uitleg over geven aan de deken. Dat is goed, maar we moeten ook niet doorslaan. Contant geld op zich is niet meteen verkeerd denk ik en op de limiet nog verder te verlagen vind ik wel extreem. In winkels mag je ook met contant geld betalen.”

Dat sentiment leeft bij meer strafrechtadvocaten. „Ik vind het verlagen van het maximumbedrag uitgaan van een negatieve grondhouding”, zegt Gitte Stevens uit Roermond. „Contant geld moet je kunnen inboeken als je er transparant over bent, en voldoet aan de voorwaarden.” De Bredase strafpleiter Erik Thomas zegt dat Nederland „het strengste jongetje van de klas wil zijn. In Nederland leeft de gedachte dat cash geld vies is veel meer dan in de landen om ons heen. Maar je kan mij niet uitleggen waarom iemand wel 1.000 euro mag neertellen voor een televisie en er bij een advocaat allerlei voorwaarden aan verbonden zijn.”

Lees ook over het onderzoek van de lokale dekens: Advocaten namen vaak cash aan tegen eigen tuchtregels

Orde van Advocaten

De Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) concludeert op basis van het bericht van de lokale dekens dat niet de regels rond contante betalingen een probleem lijken te zijn, maar mogelijk wel de bekendheid ervan, de naleving en het toezicht daarop. De NOvA zegt ook in de toekomst de mogelijkheden te zullen benutten om meer bekendheid te geven aan de regels en zegt ervan uit te gaan dat de dekens in de toekomst zullen toezien op de naleving ervan. Een woordvoerder van de NOvA zegt dat de huidige regel voldoet, en het dus niet nodig is de grens voor contant geld te verlagen naar 1.000 euro.

Het kantoor van advocaat Nico Meijering stopte per 1 januari 2021 met het aannemen van contante betalingen, na overleg met de deken. „We hebben dat gedaan omdat je altijd risico’s blijft houden, hoe goed je ook probeert na te gaan wat de oorsprong van geld is.” Meijering zegt dat de beslissing wel gevolgen heeft. „Mensen uit het buitenland die in Nederland een advocaat nodig hebben, hebben nogal eens geen bankrekening. Die kunnen we niet meer bijstaan. Dat staat weleens op gespannen voet met de eed die ik als advocaat heb afgelegd.”

Advocaat Niels van Schaik zegt de regels nooit onduidelijk te hebben gevonden. „Uitgangspunt is gewoon: geen contant geld, ook niet onder de 5.000 euro. En als er sprake is van een cliënt die zegt geen bankrekening te hebben, dan moet je dat goed onderzoeken.” Van Schaik zegt dat een vergelijking met contant betalen in een winkel niet altijd opgaat. „Als advocaat heb je in het maatschappelijk verkeer een bijzondere positie en weet je bovendien meer van je cliënt dan een winkelier. Als iemand zonder inkomen die verdacht wordt van een hennepkwekerij aankomt met 3.000 euro cash, is dat daarom voor een advocaat een ander verhaal, dan voor de tweedehands autodealer op de hoek.”