Reportage

Jubilerend Delft Chamber Music Festival biedt trippende ervaring

Festival Het kamermuziekfestival in Delft werd dit jaar geprogrammeerd door de Georgische pianiste Nino Gvetadze. ‘Mensen en hun verhalen’ was het thema. Dit werd duidelijk zichtbaar door Gvetadze’s keuze voor Georgische componisten en musici.

Pianist Nino Gvetadze en violisten Isabelle van Keulen en Liza Ferschtman tijdens het Delft Chamber Music Festival.
Pianist Nino Gvetadze en violisten Isabelle van Keulen en Liza Ferschtman tijdens het Delft Chamber Music Festival. Foto Melle Meivogel

Het is dit jaar de vijfentwintigste editie van het Delft Chamber Music Festival dus dat roept om een jubileumconcert. Afgelopen vrijdag stonden in de overdekte binnenplaats van het Museum Prinsenhof de drie artistiek leiders die het kamermuziekfestival tot nu toe heeft gehad centraal: violisten Isabelle van Keulen en Liza Ferschtman, en de huidige programmeur pianiste Nino Gvetadze. Speciaal voor hen componeerde de Georgische componiste Eka Chabashvili The Three Graces of Delft voor twee violen, piano en Skype. Skype? Ja, Ferschtman zou voor repetities naar New York gaan en via een online verbinding meespelen.

Zo werd het inbelmuziekje van Skype integraal onderdeel van de komische en theatrale compositie waarbij de musici om beurten opliepen, en weer afgingen, of in Ferschtmans geval, de verbinding verbrak en weer inbelde. Maar na afloop, en tot verrukking van het publiek, liep Ferschtman toch nog het Delftse podium op. Haar visum voor Amerika was te laat gekomen, dus was ze nog niet in New York, maar bleek ze achter het podium via een Skypeverbinding, zoals het stuk oorspronkelijk bedoeld was, mee te hebben gespeeld. Dus hop, een stukje Sjostakovitsj met z’n drieën. Een verrassend moment in wat verder een beetje ongeïnspireerd concert dreigde te worden. Vooral bij Schuberts vioolsonate in a klein door Van Keulen en Gvetadze, omdat het leek alsof hier nog erg van blad gespeeld werd. Het pianokwartet nummer drie van Brahms, waarmee men afsloot, klonk al comfortabeler, omdat het leek alsof daarvoor wel meer repetitietijd was geweest.

Na afloop liep iedereen in ganzenpas naar de markt, waar Sinfonia Rotterdam de Delftenaren trakteerde op een openluchtconcert dat nogal onevenwichtig werd versterkt. Elke stoel die op het podium een centimeter verschoof, snerpte door de speakers. Maar al gauw waren die mankementen vergeten. De markt zat bomvol met een veel gemengder publiek, minder deftig, wat de vrolijke festivalsfeer alleen maar ten goede kwam. Kraaiende baby’s bij Händels Music for the Royal Fireworks: het was ongecompliceerd vrolijk makend.

Zuurstofgebrek

De volgende dag speelde het festivalthema ‘Mensen hun en verhalen’ eindelijk een rol, en werd de Georgische hand van artistiek leider Gvetadze duidelijk zichtbaar door haar keuze voor persoonlijk getinte stukken van Georgische componisten, uitgevoerd door Georgische musici. Het middagconcert opende met een onstuimig en dan weer intiem verstild pianotrio van componist Nodar Gabunia (1933–2000), een leraar van Gvetadze. Violiste Natalia Gabunia vertelde hoe haar vader dit in Tbilisi had geschreven nadat hij hoorde dat hij niet meer lang te leven had. De drie uitvoerende vrouwen kenden het veeleisende stuk door en door, en het was heerlijk door hen meegesleept te worden. Ook de afsluitende sonate voor trompet, percussie en piano van Gabunia was boeiend, maar nu moeten we het helaas, hoewel het de musici niet aan te rekenen valt, toch hebben over de slechte ventilering in de met glas overdekte zaal. Niet zozeer de warmte als het gebrek aan zuurstof breekt de luisteraar op een gegeven moment op.

Zo ook in het avondconcert, waarbij de Oekraïense musici Maryana Golovchenko als zangeres en bespeler van verschillende traditionele Oekraïense blaasinstrumenten, en Anna Antypova op viool, een soundtrack verzorgden bij beelden van de film Schaduwen van vergeten voorouders van Sergej Paradzjanov uit 1965. Paradzjanov maakte met die film een onversneden ode aan de folklore van de West-Oekraïense Karpaten. De traditionele zang was fantastisch, de elektronische soundscape die eronder lag maakte het geheel een trippende ervaring, maar door de slechte ventilering het was het bijna onmogelijk de aandacht tot het eind vast te houden. Wat heerlijk is het dan om na afloop weer in de smetteloos witte voortent te staan, maar vooral in de frisse lucht.

Lees ook: Delft Chamber Music Festival eert Georgische heldin Maro