Sean Penn in 2021 in Cannes voor de première van zijn film ‘Flag Day’.

Foto Stephane Cardinale / Corbis via Getty Images

Interview

Sean Penn: ‘Rijpe mensen leveren klotewerk af’

Interview | Sean Penn, regisseur Met ‘Flag Day’ lijkt Sean Penn zijn laatste kans te hebben verspeeld op de eredivisie van filmauteurs. Maar zijn veerkracht is bewonderenswaardig. „Niets is beter dan in Cannes in première gaan, ook al krijg je dan misschien een enorme klap voor je kop.”

Sean Penn, 60 jaar, is terug op het filmfestival van Cannes, vijf jaar na zijn debacle The Last Face. Dat hulpverlenersdrama gesitueerd in de ‘killing fields’ van Afrika deed de filmpers in 2016 schuddenbuiken van het lachen. Penns ernst en goede bedoelingen kantelden hulpeloos om in toondove witte redders-bombast. Op een filosofisch debat boven een berg zwarte kinderlijkjes volgde pardoes romantisch voetsabbelen bij zonsondergang. Tenenkrommend.

2021 moet het jaar van Penns revanche worden; Cannes biedt hem als regisseur een tweede kans in de hoofdcompetitie met Flag Day. Als acteur heeft hij alles wel bereikt, inclusief twee Oscars voor Mystic River (2003) en Milk (2008). Zijn dagen als tabloidvoeder met voormalige echtgenote Madonna zijn een ver verleden, de laatste mishandeling van een fotograaf – 300 uur taakstraf plus 36 uur ‘anger management’ – is ook alweer elf jaar terug. In de jaren tien acteerde Penn vooral in genrefilms, als gangster of actieheld. Om het zwembad warm te houden, zoals hij het in Cannes noemt. Maar Sean Penn heeft andere ambities. Filmauteur worden. De wereld redden. Liefst allebei.

Desperate liefde

Wat filmauteur betreft: zijn film Flag Day is een bewerking van de autobiografische bestseller Flim-Flam Man van Jennifer Vogel, over desperate liefde tussen vader en dochter. Vader John Vogel is een fantast wiens oplichterij escaleert naar drugssmokkel, bankroof en valsemunterij. Sean Penn speelt hem met vertrouwde emotionele intensiteit, zijn eigen dochter Dylan Penn biedt hem als dochter Jennifer prima weerwerk. Als kind zet Jennifer haar afwezige vader op een voetstuk terwijl haar in de steek gelaten moeder verslonst in dronkenschap. Later, als een kleffe stiefvader haar seksueel betast, trekt ze in bij pa en ontdekt dat zijn bravoure op een wankele basis van zelfhaat en wanhoop rust. Op ontgoocheling volgt verbittering en wantrouwen: haar vader laat een spoor van „mislukte opzetjes, verspild geld en gebroken harten” achter, beseft Jennifer.

Flag Day is lang niet slecht, maar niet goed genoeg voor Cannes, waar de lat zeer hoog ligt. Sean Penn filmt wat nadrukkelijk: moet je het opgroeien van Jennifer tot bokkige tiener nu echt markeren met de songtekst „I am older, yeah, I am older”? De Terrence Malick-achtige mooifilmerij van lyrische slowmotion, zonsondergang, magisch schemerlicht en zonovergoten graanveld heeft iets oubolligs. Vijftien jaar terug ervoer je dat als authentieke ‘Americana’, maar de wereld draaide door. En Sean Penn stond stil.

We spreken Sean en Dylan Penn in een hotel in Cannes als de eerste kritieken binnen zijn. Die zijn lauw: de gehoopte revanche voor de regisseur van ‘critics darlings’ als The Pledge (2001) en Into the Wild (2007) blijft uit. In de bioscoop flopt Flag Day later, in Nederland gaat hij deze week roemloos uit op video on demand.

In Cannes ziet Sean Penn die bui al hangen. We spreken hem in een hotellobby, de stoelen op anderhalve meter – het is nog pandemie. Zijn stem hapert en jengelt, zijn dictie sleept alsof hij aangeschoten is – zou het? Penn oogt kreukelig, verslagen, pas halverwege het gesprek komt er enige lijn in zijn antwoorden. Vermoedt hij ook dat hij hier in Cannes zijn laatste kans heeft verspeeld op de eredivisie van filmauteurs?

Vader en dochter Penn weten dat wij graag alles over hun relatie zouden willen horen. Dylan is Seans dochter bij actrice Robin Wright. Toen ze vier jaar was, in 1995, verliet hij zijn gezin voor zangeres Jewel. Een jaar later keerde hij terug; in 2010 volgde een definitieve scheiding.

Dylans jongere broer Hopper Penn (1993) speelt in Flag Day Jennifers jongere broer Nick. Welke rol speelt dat eigen verleden in de film? Dylan ontwijkt ons gepeuter met algemeenheden, Sean Penn wil er dit over kwijt: „Een vader en een dochter weten enorm veel dingen van elkaar. Als de één een gitaar meeneemt naar het feest en de ander een mandoline kennen ze beide het liedje al. Dat merk je direct bij de eerste akkoord, dan komt de inherente dynamiek naar boven.”

Sean Penn was tuk op de rol van John Vogel sinds dochter Dylan hem attendeerde op het boek. Hij kocht de rechten en hoopte bevriend regisseur Alejandro Iñárritu te porren voor de regie. Toen Iñárritu in 2013 koos voor Birdman lag de zaak jaren stil, waarna Penn het geld vond om zichzelf te regisseren. „Dat betekent multitasken, waar ik slecht in ben. Anderzijds had ik op de set wel een acteursego minder te masseren. Dus jij wilt nog een take, Sean? Sorry, geen tijd.”

Een collega brengt – tactisch als de laatste vraag – het fiasco van zijn hulpverlenersfilm The Last Face in herinnering. Hoe ervoer Penn dat? „Indertijd wist ik in Cannes dat ik twee dagen later naar het front in Syrië zou gaan, voor een documentaire. Zie je daar kinderen sterven, dan besef je helemaal dat er ergere dingen zijn dan wat slechte recensies. Niets is beter dan in Cannes in première gaan, ook al krijg je dan misschien een enorme klap voor je kop. Bring ’em on!” Korte pauze: „Maar als je film zo door de mangel wordt gehaald, is het pijnlijk de teleurstelling op de gezichten van al die mensen af te lezen die zich voor jou uit het naad hebben gewerkt omdat ze in jouw visie geloofden.”

Sean Penns ambities? Filmauteur worden. De wereld redden. Liefst allebei

Sean Penn schreef het floppen van dat passieproject van zich af in de roman Bob Honey Who Just Do Stuff . Het boek werd in 2018 neergesabeld door critici – door Penn omschreven als „eunuchs in de harem” – maar geprezen door schrijvers als Salman Rushdie en Paul Theroux. Hij was klaar met film, verklaarde Sean Penn toen: er viel nog een echte wereld te redden. Penn stak de handen uit de mouwen in New Orleans na orkaan Katrina en andere brandhaarden; na de aardbeving in Haïti in 2010 zette hij een ngo op, de Haitian Relief Organization. En dan is er nog zijn activisme, dat zich uit in radicaal linkse opiniestukken en bezoeken aan Iran, Hugo Chávez in Venezuela, Raúl Castro in Cuba en de Mexicaanse drugsbaron El Chapo.

Zolang je op Washingtons zwarte lijst staat, vind je Sean Penn aan je kant – zijn rode vader Leo belandde in de jaren vijftig immers op Hollywoods zwarte lijst. Toch brengt zijn recentste project hem op één lijn met Washington: in maart dook Penn op in Kiev, waar hij werd verrast door de Russische invasie terwijl hij de Oekraïense president Zelensky filmde. Onlangs stortte hij zich ook in de cultuurstrijd over woke en cancelcultuur met de stelling dat Amerika „doorslaat in feministing”. Als man kan je een vrouw ook respecteren zonder haar te imiteren, stelt Penn.

Bring ’em on! Hoe excessief ook, je kan Sean Penns ernst, veerkracht, energie en strijdlust alleen maar bewonderen. „Ik geloof niet in rijpen en tevreden worden”, zegt hij in Cannes. „Rijpe mensen leveren klotewerk af.”