Profiel

De mimiek van Timothy Spall overtreft ieder masker

Profiel | Timothy Spall, acteur Timothy Spall speelt de reizende weduwnaar Tom in ‘The Last Bus’ moeiteloos. Hij wordt per kilometer ouder en zieker, zonder al te veel grime, alleen dankzij mimiek.

Timothy Spall is nog lang niet zo oud als de man die hij overtuigend speelt in ‘The Last Bus’.
Timothy Spall is nog lang niet zo oud als de man die hij overtuigend speelt in ‘The Last Bus’.

The Last Bus is zo’n film die echt gebeurd had kunnen zijn. Weduwnaar Tom reist na de dood van zijn vrouw per bus van John o’Groats, in het noordelijkste puntje van Schotland, ruim 1.300 kilometer naar Land’s End in het zuidwesten van Cornwall. Ooit hebben ze die reis samen de andere kant op gemaakt. Nu is hij op de vlucht voor herinneringen die hem een halve eeuw later nog plagen.

Onderweg verricht hij kleine heldendaden die hem, zonder dat hij er erg in heeft, tot een socialemediafenomeen maken. Met name dat laatste geeft deze slome roadmovie van de Schotse regisseur Gillies MacKinnon (Regeneration, Hideous Kinky) een authentiek tintje. Al bedacht scenarist Joe Ainsworth het verhaal nadat hij zijn bejaarde vader en schoonvader had horen opscheppen over hoe zij hun gratis buskaarten konden ‘misbruiken’ om een lange reis te maken.

The Last Bus is ook, zoals dat heet, een stervehikel voor acteur Timothy Spall (1957), die nog lang niet zo oud is als de man die hij speelt, maar overtuigend sloft en mompelt alsof hij op zijn laatste eindje loopt. De film is sentimenteel met een scherp randje. Natuurlijk gaat hij over de vriendelijke mensen die Tom onderweg tegenkomt, maar hij gaat net zozeer over trauma’s, over ziekte en dood, over de eenzaamheid en de onzichtbaarheid van oudere mensen in een wereld die hen al heeft afgeschreven.

Als de film niet zat volgeplakt met feeërieke landschapsshots van de Schotse Hooglanden, dan had hij gemaakt kunnen zijn door Mike Leigh, de regisseur wiens sociaal-realistische films als Secrets & Lies (1996) en All Or Nothing (2002) Spall rond de eeuwwisseling bekend maakten. Tegenwoordig is Spalls grootste faam die van Wormstaart, de ratachtige handlanger van Lord Voldemort in de Harry Potter-franchise. Een rol die overigens zwaar leunt op zijn optreden in Tim Burtons musical-slasher Sweeney Todd: The Demon Barber of Fleet Street (2007). Als de acteur in The Last Bus onverwacht in een lied uitbarst horen we de echo van die film.

Spall speelt in The Last Bus talloze van zijn eerdere rollen tegelijkertijd. Van zijn transparante working-classpersonages in de films van Leigh tot de introverte tobbers in schildersportretten Mr. Turner (2014) en Mrs. Lowry and Son (2019). Hij neemt het verdriet mee dat hij als in de steek gelaten echtgenoot liet zien in het liefdesdrama Intimacy (2001) en de gevaarlijke ironische charme uit Sally Potters relatiedrama The Party (2017).

Met niet meer dan een pruikje en een leren koffertje – hetzelfde koffertje uit de flashbacks waarin Toms jongere zelf wordt gespeeld door de veel te knappe Ben Ewing – verandert hij in een geïmplodeerde oudere man. Zoals we al zagen in zijn rol als Winston Churchill in The King’s Speech (2010) heeft Spall een geweldige mimiek. Hij kan zijn wangen laten zakken, zijn onderkaak vooruitschuiven en zijn ogen los van elkaar dichtknijpen, zonder dat het ooit echt overacteren of grotesk wordt.

Als al zijn personages iets gemeen hebben, die typische Timothy Spall-touch, dan is het wel dat ze uit onpeilbare dieptes opborrelen. Soms ligt de vurige lava dichter aan de oppervlakte, vaker komt het van diep, en onverwacht. Hij beheerst zijn gezicht als een maskermaker. We zien hem in The Last Bus per afgelegde kilometer ouder en zieker worden zonder protheses of andere speciale make-up. Verder doet de zwaartekracht zijn werk.

De acteur verloor de afgelopen jaren namelijk veel gewicht. Hij ging gezonder leven omdat hij het zat was dat hij door zijn fysieke gestalte vaak getypecast werd. Tussen J.M.W. Turner en J.S. Lowry zit 25 kilo minder. Het spelen van beide schilders inspireerde Spall tijdens de pandemie om zelf het penseel ter hand te nemen. Voor het eerst vond de acteur, die ondanks ruim 150 film-, tv- en theatercredits op zijn naam niet graag over acteren praat, de perfecte metafoor om zijn vak te beschrijven: „Schilderen is een beetje zoals acteren; je krijgt een rol en dan moet je ervoor gaan, schaven en schuren en eigenlijk steeds minder doen.”