Opinie

Belastingparadijs Nederland ondergraaft de democratie

Hubert Smeets

De wraak werd nu eens niet koud maar warm opgediend. Terwijl premier Rutte maandag op bezoek was in de door Rusland kapotgeschoten Oekraïense stad Irpin, serveerden het Financieele Dagblad, Trouw en De Groene Amsterdammer de handel en wandel van ex-Eurocommissaris Kroes en de Belastingdienst rond de ‘disruptieve’ taxidienst Uber uit. Gebaseerd op 124.000 gelekte interne documenten.

Deze Uber files stinken. Ze ruiken misschien niet naar regelrechte corruptie, maar toch zeker naar hypocrisie en rechtsstatelijk bederf. Om met de huichelarij te beginnen. Jarenlang heeft de Nederlandse regering corruptie opgevoerd als reden waarom Oekraïne geen lid zou kunnen worden van de EU. Op de index van Transparancy International staat Nederland qua smeergeldreinheid immers op de achtste plaats terwijl Oekraïne onderaan op 122 bungelt. Maar wat blijkt? Juist eigen vaderlanders en zelfs de Staat der Nederlanden die ‘ons’ Europa van vreemde smetten vrij wil houden, bezondigen zich aan subversief gedrag binnen de EU.

Dat ex-Eurocommissaris Kroes te snel na haar vertrek uit Brussel voor de taxi-app ging werken en zich daarbij niets gelegen liet liggen aan de Europese richtlijnen die ze zelf ooit had onderschreven – Commissievoorzitter Juncker was vermoedelijk „dronken”, mailde ze aan Uber – is pijnlijk. Zij het geen verrassing, omdat Kroes wetten wel vaker ziet als categorieën die niet zozeer voor haar maar wel voor anderen gelden.

Dat de Nederlandse fiscus tegelijkertijd vertrouwelijke informatie van fiscale collega’s in Zweden en Groot-Brittannië aan Uber doorspeelde om het bedrijf zo lang mogelijk uit de wind te houden, is echter meer dan pijnlijk. Door deze contraspionage bij collega’s in andere EU-lidstaten heeft de Belastingdienst in de woorden van de Leidse hoogleraar belastingrecht Jan van de Streek „op illegale wijze de samenwerking met andere belastingautoriteiten ondermijnd”. Als dat „opzettelijk is gedaan, zou dat plichtsverzuim en zelfs strafbaar kunnen zijn”, aldus Van de Streek bij Nieuwsuur.

Hier gaat het niet meer om hypocrisie, hier is sprake van bederf. Mogelijk willens en wetens heeft de Belastingdienst geopereerd als dubbelagent door waardevolle geheime kennis te delen met een ‘disruptieve innovatieve’ onderneming uit het buitenland. Belastingparadijs Nederland heeft zich daarmee als onbetrouwbare bondgenoot binnen de EU ontmaskerd.

Dat deed de fiscus toch ter wille van de werkgelegenheid en in opdracht van de wetgever? Dat zal inderdaad de verdediging wel worden van de Belastingdienst, die zich nu al ‘niet herkent’ in de berichtgeving. Maar dat neemt niet weg dat die eenzijdige en oncontroleerbare dealtjes intussen wel een bedreiging zijn geworden voor de rechtsstaat.

De Belastingdienst is een bij uitstek rechtsstatelijke instelling. Als er één staatsmonopolie is dat alle burgers in gelijke omstandigheden gelijk moet behandelen, dan is het de fiscus. ‘Streng doch rechtvaardig’ mag een cliché zijn, het klopt wel. In onze democratische orde, waarin eigendom al sinds 1798 een constitutionele verworvenheid is en belastinginning even lang een grondwettelijke basis moet hebben, ondermijnt een troebel normbesef dan ook meer dan alleen de kwaliteit van het ambtelijk apparaat. Als de Belastingdienst zich verbindt met een buitenlands concern (Uber) en zich tegelijkertijd keert tegen gewone burgers (Toeslagenaffaire) – om slechts twee dossiers te noemen – dan ondergraaft ze niets minder dan een hoeksteen van de democratie: het onderlinge vertrouwen in de samenleving.

Het aantal akkefietjes bij de fiscus is intussen zo groot dat er sprake lijkt van een patroon. Nog even en Nederland convergeert met het ‘corrupte’ Oosten, dat het zelf met zoveel ponteneur en eigendunk kritiseert. Tien tegen één dat ook Rutte zich hierin niet herkent. Dat zou een vergissing zijn. Als hij wacht tot half Nederland het rood-wit-blauw omgekeerd laat hangen, dan wordt de wraak ineens koud opgediend en is het te laat.

Hubert Smeets is journalist en historicus.