De energietoeslag gaat omhoog, maar meer steun gaat het kabinet niet geven

Koopkrachtbeleid Rutte zegde 500 euro extra energietoeslag toe, maar de oppositie dreigt de nieuwe begroting te torpederen als meer financiële steun voor huishoudens uitblijft.

Het kabinet heeft beloofd de energietoeslag voor huishoudens met lage inkomens met 500 euro te verhogen.
Het kabinet heeft beloofd de energietoeslag voor huishoudens met lage inkomens met 500 euro te verhogen. Foto Camiel Mudde

Veel huishoudens die geldzorgen hebben door de stijgende energieprijzen en oplopende inflatie hoeven dit jaar niet op extra hulp te rekenen. Nieuwe plannen om de koopkracht te stutten zijn zó moeilijk uit te voeren dat het beter is te wachten tot 2023, zegt het kabinet.

Geld of onwil is niet het probleem, zei premier Mark Rutte (VVD) dinsdag tijdens het debat over de Voorjaarsnota. Het is simpelweg „een te groot risico” voor de nu al zwaarbelaste uitvoeringsorganisaties. Techniek. Regels. Te weinig mensen.

De oppositie gelooft niets van die uitleg. Een groot aantal partijen zegt dat er wél van alles mogelijk is. Zij wijten het gebrek aan actie aan politieke redenen en dreigen de nieuwe begroting te torpederen als het kabinet niet alsnog maatregelen neemt.

„Schaamteloos”, noemde GroenLinks-leider Jesse Klaver de respons van het kabinet. PVV-leider Geert Wilders sprak van „een middelvinger” naar de Nederlandse bevolking. „Volgend jaar is gewoon te laat”, zei Attje Kuiken (PvdA).

Kan niet of wil niet?

Vanuit de Kamer klinkt al weken de roep om extra steun, nu de financiële nood bij veel gezinnen als gevolg van de stijgende prijzen blijft toenemen. Het Centraal Planbureau (CPB) schatte in juni dat bij ongewijzigd beleid volgend jaar tot wel 1,2 miljoen huishoudens in de problemen zouden kunnen komen. Het Nibud vreest dat zelfs 2,5 miljoen huishoudens, niet alleen lage inkomens maar ook middeninkomens, in financiële moeilijkheden zullen belanden door de hoge energieprijzen.

Het kabinet is steeds sceptisch geweest. Er zou niet veel mogelijk zijn, bovenop de zes miljard euro die in het najaar en voorjaar al waren uitgetrokken om huishoudens tegemoet te komen. Toen de Tweede Kamer half juni voor het eerst over de Voorjaarsnota debatteerde, groeide de druk om toch íets te doen. Het debat werd daarop stilgelegd, het kabinet ging op zoek naar een oplossing, de coalitie ging achter de schermen in gesprek met de oppositie, en er werd gerekend en gepraat.

De uitkomst van die zoektocht: niks kan. Een verhoging van het minimumloon, een verlaging van het collegegeld, een aanpassing van toeslagen of een bevriezing van de huren: al die dingen zouden pas volgend jaar kunnen. Een tijdelijke verdubbeling of verhoging van de zorgtoeslag, zoals respectievelijk Volt en PvdA en GroenLinks in juni voorstelden, brengt dan weer het risico van honderdduizenden terugvorderingen met zich mee. Een ander voorstel uit het debat, om geld op te halen door een solidariteitsheffing in te voeren voor bedrijven die de afgelopen maanden forse winsten boekten, zou ook niet lukken.

„Als je gaat kijken naar alle zaken die voorlagen, dan kom je er gewoon achter dat het in de uitvoering redelijk rampzalig is”, zo vatte Rutte het vrijdag tijdens zijn wekelijkse persconferentie in Nieuwspoort samen. Denk-leider Farid Azarkan was dinsdag bij het vervolg van het Voorjaarsnotadebat in zijn kritiek nog bondiger: „Eigenlijk is het: Rutte says no.”

Eigenlijk is het: Rutte says no

De oppositie, van links tot rechts, was niet over de uitleg van de premier te spreken. „U heeft een bak papier over de schutting gegooid waarbij alle plannen van de oppositie zijn afgeschoten”, zei SP-voorvrouw Lilian Marijnissen. „Waarom is er niet actief meegedacht?” wilde Laurens Dassen (Volt) weten. „Waarom is er niet gedacht: hoe zijn deze plannen wél uitvoerbaar?”

Hij deed zelf een voorzet. Als het kabinet een herhaling van de Toeslagenaffaire vreesde, was het dan geen optie om niets terug te vorderen en het verlies op de koop toe te nemen? Dat leek de premier geen goed idee: „Dan laat je alle principes onder je wetgeving los.”

‘Armoedegolf’

Rutte zag toch één uitweg. Hij hoopt dat de energietoeslag waarmee het kabinet de 800.000 huishoudens met de laagste inkomens nu al met 800 euro tegemoetkomt met 500 euro verhoogd kan worden. De gemeenten voeren die toeslag uit en zouden in staat zijn dat te doen, bleek kort voor het debat.

De coalitie was daarmee tevreden gesteld, maar de oppositie niet. Dat is niet onbelangrijk, want het kabinet heeft in elk geval een deel van de oppositie – JA21, GroenLinks, PvdA of een aantal kleinere partijen samen – nodig om de begrotingswijzigingen uit de Voorjaarsnota volgende week door de Eerste Kamer te loodsen.

De kritiek: honderdduizenden Nederlanders die nét boven het bestaansminimum zitten, grijpen dan nog steeds mis. „Wat het kabinet zegt is: je kunt bijna beter op een uitkering zitten dan dat je werkt tegen het minimumloon”, aldus een geërgerde Klaver.

„Er komt een armoedegolf aan die zijn weerga niet kent”, zei Pieter Omtzigt. „Wat hebben we nou geleerd van de kinderopvangtoeslag? Als je tijdig mensen kunt laten rondkomen, komen ze niet in die schulden, komen ze niet bij die incassobureaus. Als ze eenmaal over het randje geduwd worden, hebben we hier in januari en februari debatten over honderdduizenden huishoudens die in de schuldsanering moeten.”