Analyse

En wéér besteedt Rutte IV een lastige klus uit. Hoe kan dat?

Stikstofcrisis De aanstelling van Johan Remkes voor het stikstofdossier legt een structureel probleem bloot. Het kabinet-Rutte IV moet enorme problemen oplossen, maar mist bestuurlijke slagkracht en/of maatschappelijk draagvlak.

VVD’er Johan Remkes tijdens zijn vorige klus, als informateur. Hij overlegt hier met Jesse Klaver (Groenlinks) en Sigrid Kaag (D66) tijdens het debat over het eindverslag over het formatieproces.
VVD’er Johan Remkes tijdens zijn vorige klus, als informateur. Hij overlegt hier

met Jesse Klaver (Groenlinks) en Sigrid Kaag (D66) tijdens het debat over het eindverslag over het formatieproces.

Foto ANP/Bart Maat

Twintig ministers telt het vierde kabinet-Rutte (VVD, D66, CDA en ChristenUnie) maar liefst – een record in de naoorlogse geschiedenis. En toch kan er geen crisis uitbreken, of het kabinet besteedt de lastige klus uit. Aan een bemiddelaar, een adviesorgaan, een commissie, of aan een regeringscommissaris.

Volledig in deze traditie benoemden de ministers Henk Staghouwer (Landbouw, ChristenUnie) en Christianne van der Wal (Stikstof, VVD) zondag een oude bekende als „onafhankelijk gespreksleider”, om te bemiddelen in het hoog opgelopen conflict over de stikstofreductie. Veel haast heeft Remkes overigens niet: hij gaat zich vanaf medio juli voorbereiden, en begint half augustus met gesprekken tussen het kabinet, de provincies en de agrarische sector.

De VVD’er Johan Remkes (71) wordt zo vaak door het kabinet opgeroepen als politieke fixer, dat hij de running gag van Den Haag is geworden. Tegelijkertijd: Remkes heeft inmiddels zo’n schat aan ervaring, dat ze ook steeds minder om hem heen kunnen. Hij was de laatste jaren onder meer informateur tijdens de vastgelopen kabinetsformatie, waarnemend burgemeester in Den Haag en voorzitter van een staatscommissie die het parlementair stelsel wilde hervormen.

Ook voor de stikstofcrisis werd Remkes al twee maal ingevlogen. Beide keren bleek dat hij discussies vlot kon trekken die in Den Haag waren vastgelopen. Zo adviseerde hij in 2019 dat de maximumsnelheid omlaag moest om de stikstofuitstoot te verlagen. Zijn eigen VVD wilde hier niet aan, maar slikte de „rotmaatregel”. Later adviseerde hij de groei van Schiphol en de opening van Lelystad Airport alleen toe te staan als de stikstofuitstoot drastisch vermindert.

Weer een externe partij

In de Tweede Kamer bleek afgelopen donderdag dat veel partijen voelden voor een externe bemiddelaar. Allerlei namen gingen rond, van oud-minister van Landbouw Cees Veerman (CDA) en oud-Kamerlid Elbert Dijkgraaf (SGP) tot NRC-columnist Louise Fresco. Ook de coalitie zag zoiets wel zitten.

Lees ook‘Oliemannetje’ Remkes moet orde scheppen in Den Haag

De aanstelling van Remkes legt meteen wel een structureel probleem bloot van Rutte IV. Het kabinet moet gigantische problemen oplossen, maar mist het maatschappelijk draagvlak óf de bestuurlijke slagkracht om die aan te pakken. In de stikstofcrisis loopt het op allerlei fronten helemaal mis.

In het coalitieakkoord van begin dit jaar wordt nog „langjarig, voorspelbaar en coherent beleid” beloofd, maar van voorspelbaarheid en coherentie is nog geen sprake. De Tweede Kamer was de afgelopen weken zeer kritisch over de volgorde waarmee het kabinet de crisis aanpakt: zonder dat er enig perspectief voor de boeren was uitgewerkt, kregen provincies al te horen met hoeveel procent de stikstofuitstoot omlaag moest. In coalitiepartijen VVD en CDA brak onrust uit, boerenprotesten legden Nederland plat.

Bestuurlijke onmacht

Ook in andere lastige dossiers is deze bestuurlijke onmacht zichtbaar, en wordt daarom snel teruggegrepen naar externe probleemoplossers. Denk bijvoorbeeld aan oud-minister Stef Blok (VVD), die in april werd aangesteld om de Nederlandse sancties tegen Rusland te coördineren. Een typische klus voor de minister van Buitenlandse Zaken, dachten Tweede Kamerleden, maar minister Wopke Hoekstra (CDA) maakte in de Kamer geen slagvaardige indruk.

Tijdens de coronacrisis kregen adviesorganen als het OMT grote invloed op de keuzes die het kabinet maakte, en werd oud-topman van DSM Feike Sijbesma aangesteld als ‘speciaal gezant corona’. En voor de aanpak van grensoverschrijdend gedrag is evenmin een kabinetslid aangesteld, maar een regeringscommissaris: oud-SER-voorzitter Mariëtte Hamer. In de afgelopen jaren stelde Rutte overigens ook nog eens tientallen commissies aan. Het zijn bestuurders die zich politiek niet hoeven te verantwoorden, maar die een grote invloed op het kabinetsbeleid hebben. Zo plaatst Rutte IV, net als Rutte III, een deel van de besluitvorming buiten het democratisch proces.

Het is wel de vraag of Johan Remkes veel kán. De onafhankelijke bemiddelaar, maakten VVD en CDA al tijdens het Kamerdebat van vorige week duidelijk, mag niet tornen aan de stikstofeisen die het kabinet stelt. Remkes kan dus niet gaan onderhandelen met provincies en boeren. Hij zal het kabinetsbeleid moeten gaan verkopen zonder enige speelruimte.

Lees ook deze reportage over het CDA en de stikstofcrisis: Ongekend harde kritiek vanuit het CDA op partijleider Wopke Hoekstra. ‘Waar was jij, Wopke?’