Opinie

Begrip kost niks

Floor Rusman

Was er ooit een beroepsgroep die meer begrip kreeg dan de boeren? Politici van links tot rechts zeiden deze week begrip voor ze te hebben, en van de Nederlanders heeft zo’n driekwart begrip, zo bleek uit peilingen van RTV Oost, Hart van Nederland en EenVandaag.

Mijn eerste gedachte: driekwart, dat is best veel. Mijn tweede gedachte: wat zegt het eigenlijk? Wat is dat, ‘begrip’? En wat heb je eraan als je veel begrip krijgt?

Ik heb begrip gehad voor de gekste dingen in mijn leven. Toen ik tien was ging mijn beste vriendin mij pesten, omdat de groep waar ze bij wilde horen dat ook deed. Na weer een middag meelopen met de pesters kwam ze vaak met snoep naar mijn huis om het goed te maken. Maar voor mij hoefde ze niet door het stof: „Ik begrijp het, je zit in een moeilijke positie”, zei ik. Je zou maar verscheurd worden tussen je beste vriendin en de coole kinderen!

Volgens mij betekent ‘begrip hebben’ dat je je verplaatst in de positie van de ander, en kunt begrijpen waarom die handelt zoals hij doet. Er is dus inlevingsvermogen voor nodig. Problematisch is dan ook dat de term net zo goed iets zegt over de gever als over de ontvanger van begrip: namelijk, of die in staat is zich in anderen te verplaatsen.

Nog lastiger aan de term ‘begrip’ is dat onduidelijk is of die ook sympathie of zelfs goedkeuring inhoudt. Van Dale is daar dubbelzinnig over: als een van de definities van begrip geef het woordenboek „vermogen en bereidheid om het standpunt van een ander te aanvaarden, om zich in te leven in een ander”. Maar op inleven hoeft toch niet aanvaarden te volgen? Je kunt ook inleven, begrijpen en afwijzen. Heb je dan wel of niet begrip?

Zelf geloof ik niet dat begrip sympathie impliceert. Ik begreep die pestende vriendin, maar ik keurde haar gedrag niet goed. Of ik begrip voor iemand heb, zegt meer over hoe gemakkelijk ik diens belevingswereld kan doorgronden dan over mijn morele oordeel. Laatst zag ik op straat twee bakjes van Wok to Walk, achtergelaten door mensen die aan de waterkant hadden zitten eten. „Ik begrijp niets van mensen die hun afval op straat laten liggen”, zei ik tegen mijn zus. „Ik kan me net zo slecht in hen verplaatsen als in Poetin.” „Ik begrijp Poetin nog beter dan die mensen”, zei zij. En inderdaad: wij kunnen, als we ons verdiepen in Poetins belevingswereld, begrijpen waarom hij doet wat hij doet. Maar ik vind het moeilijk me voor te stellen wat er gebeurt in het hoofd van iemand die een lege wokverpakking laat slingeren. Vindt die dat iederéén dat zou moeten doen, en dat er gewoon meer geld moet naar de gemeentereiniging? Vindt die dat niemand dat zou moeten doen, maar dat hij zelf best even mag sjoemelen? Of denkt die er niet over na? Geen van de opties kan ik begrijpen. Dit betekent uiteraard niet dat ik de anonieme wok-eters slechtere mensen vind dan Poetin.

Dat begrip een dubbelzinnige term is, blijkt ook uit de peilingen. Die van Hart van Nederland gebruikt ‘draagvlak’ als synoniem voor begrip, en een opinieonderzoek van Trouw, uitgevoerd door I&O Research, doet alsof ‘acceptabel vinden’ hetzelfde is als ‘begrip hebben voor’. Maar is dat ook wat de ondervraagden bedoelden? Nergens wordt expliciet gemaakt wat zij verstonden onder begrip.

Zelfs als we weten wat mensen bedoelen als ze zeggen begrip te hebben, is nog niet duidelijk wat de consequenties zijn. Je kunt als je wil voor alle mensen in de wereld begrip opbrengen, omdat begrip voor de één niet ten koste hoeft te gaan van begrip voor de ander. In die zin verschilt het van steun: je kunt niet iedereen tegelijkertijd steunen. Ik kan zeggen dat ik begrip heb voor pro- en anti-Zwarte Piet-activisten, maar ik kan ze niet allebei steunen: óf de schmink gaat eraf, óf niet. Begrip kan dus gratuit aanvoelen, een steunbetuiging veel minder.

Dit is zichtbaar in het opinieonderzoek van I&O. Van de tussen 17 en 20 juni ondervraagde Nederlanders steunde 45 procent de boerenacties; dit was vóór de escalatie van afgelopen week. Slechts 23 procent vindt dat het kabinet minder moet doen om de stikstofuitstoot te reduceren, terwijl 44 procent juist méér actie verlangt.

Je kunt dus van een grote meerderheid van de bevolking begrip krijgen, maar alsnog aan het kortste eind trekken. Dat begrip is dan hooguit een schrale troost.

Floor Rusman (f.rusman@nrc.nl) is redacteur van NRC