Reportage

NAVO-ruzie tussen Zweden en Turkije: Koerden in Stockholm vrezen

Koerden in Zweden Turkije wil Zweden uit de NAVO houden wegens vermeende steun voor de PKK. Lang niet alle Koerden in Zweden steunen de PKK, ze vrezen wel dat onder druk van Erdogan hun speelruimte wordt beperkt. ‘Offer ons niet op voor een NAVO-lidmaatschap.’

Een Koerdisch restaurant in Stockholm.
Een Koerdisch restaurant in Stockholm. Foto Amir Nabizadeh

Het wantrouwen is groot als de correspondent van NRC het Koerdische gemeenschapscentrum in de Zweedse hoofdstad Stockholm binnenloopt. Het centrum maakt geen geheim van zijn sympathie voor de Koerdische guerrillabeweging PKK. Aan de muren hangen portretten van PKK-leider Abdullah Öcalan en PKK-strijders die zijn gedood bij de strijd met het Turkse leger. Op tafel een petitie die de Europese Unie oproept de PKK van de lijst met terroristische organisaties te halen.

Het centrum had recent een slechte ervaring met een journalist uit Turkije die onaangekondigd een bezoek bracht. De man deed zich voor als een Koerd. Hij dronk thee, kletste wat, nam foto’s van de portretten van gesneuvelde PKK-strijders, en was na tien minuten weer vertrokken. Enkele dagen later publiceerde de regeringsgezinde Turkse krant Sabah een artikel van zijn hand met de kop ‘Beelden die [de opstelling van] Turkije rechtvaardigen: Sabah in het hol van de PKK in Stockholm’.

Vandaar het kruisverhoor voordat leden van het centrum bereid zijn de nieuwe bezoeker te woord te staan. Ze willen onder geen beding met hun naam in de krant. „Het stuk in Sabah stond vol leugens”, zegt een kale man met een Öcalan-snor. „Die journalist heeft goede contacten met de AK-partij van president Erdogan. Hij beschreef ons als een terreurcel die strijders ronselt, terwijl we een cultureel centrum zijn. Het enige dat klopte was de foto.”

De leden van het centrum vrezen dat hun activiteiten aan banden gelegd worden onder druk van Turkije. De Turkse regering blokkeert de toetreding van Zweden en Finland tot de NAVO omdat deze landen te welwillend zouden staan jegens de PKK en haar Syrische zusterorganisatie YPG. President Erdogan eist dat ze hun banden met de YPG verbreken, en gelieerde Koerdische groepen in eigen land aanpakken. Anders kunnen ze toetreding vergeten – oorlog in Oekraïne of niet.

„Volgens Turkije heeft elke Koerdische organisatie banden met de PKK”, zegt de man met de Öcalan-snor. „Maar wij zijn een centrum dat de Koerdische taal en cultuur promoot. Sinds westerse landen samenwerken met de YPG in de strijd tegen IS in Syrië is de positie van Koerdische organisaties in Europese landen verbeterd. We vrezen dat Erdogan de Zweedse toetreding gebruikt om daar een eind aan te maken. We willen niet dat Zweden de Koerden opoffert voor NAVO-lidmaatschap.”

Hoewel de NAVO en de Europese Unie de PKK beschouwen als een terroristische organisatie, blijven veel Europese landen volgens Turkije een vrijhaven voor de groep. De YPG en andere Koerdische organisaties die gelieerd zijn aan de PKK hebben kantoren in Europese steden. „Zweden en Finland beschermen deze terreurgroepen, samen met de politie in Duitsland, Nederland en Frankrijk”, zei Erdogan begin deze maand. „Tijdens demonstraties lopen ze met portretten van hun terreurleiders.”

Zweden is een belangrijk centrum van de Koerdische intelligentsia in Europa. De afgelopen decennia zijn veel Koerden naar Zweden gevlucht wegens de oorlog en repressie in Turkije, Irak, Syrië en Iran. Onder hen zijn veel hoogopgeleide vluchtelingen die zich thuis voelen onder de warme deken van de Zweedse sociaal-democratie. Zweden telt nu ongeveer 150.000 Koerden, 109 Koerdische stichtingen en organisaties, en zes Koerdische parlementariërs van alle politieke gezindten.

Een Koerdisch cultureel centrum in Stockholm. Foto Anita Szava

Gevierd schrijver

Prominent in de Koerdische gemeenschap is de familie Baksi. Mahmut Baksi vluchtte in 1970 uit Turkije en kwam in Stockholm terecht, waar hij zich ontwikkelde tot een gevierd schrijver en vrienden maakte in de hoogste politieke kringen. Zijn nicht Nalin Pekgül was in 1994 de eerste Koerd die werd verkozen in het Zweedse parlement, voor de regerende sociaal-democraten. Zijn neef Kurdo Baksi groeide uit tot een bekende Koerdische activist.

„Ik kwam hier toen ik veertien was”, zegt Kurdo Baksi, een energieke man met een kaal hoofd en een stoppelig ringbaardje, in de lobby van het Radissonhotel in Stockholm. Hij kwam vlak voor de coup in 1980. „Omdat we een oude Koerdische familie zijn, werden we veertig dagen van tevoren gewaarschuwd door bevriende militairen. De Turkse inlichtingendienst hielp zelfs met mijn koffers.” Hij lacht. „Ze waren blij dat we vertrokken, want ze konden ons niet doden of gevangenzetten.”

Koerden kwamen in golven naar Zweden, de politieke getijden in het Midden-Oosten volgend. „De eerste gastarbeiders kwamen voor werk”, zegt Baksi. „Politieke vluchtelingen kwamen met name omdat de vrijheid van meningsuiting zo goed is geregeld. En in 1975 nam Zweden een wet aan die het recht geeft op onderwijs in je moedertaal. Dit een geschenk van God voor de Koerden, de Tamils en andere volkeren zonder staat, wier moedertaal wordt onderdrukt in hun land.”

Zweden groeide uit tot een cultureel centrum voor de Koerden. Ze richtten kleine uitgeverijen op, die Koerdische boeken en muziek publiceren. „In Zweden zijn twee keer zo veel boeken in het Koerdisch uitgegeven als in Turkije”, meent Baksi. „Er is hier ook meer Koerdische muziek uitgebracht. Dat veranderde nadat Erdogan aan de macht kwam. Ik hou niet van Erdogan, maar dat moet ik hem wel nageven. Hij gaf de Koerden meer ruimte. Toen was hij nog Dr. Jekyll, nu is hij Mr. Hyde.”

Volgens Baksi zijn er geen PKK-leden in Zweden. De PKK is volgens hem geslonken tot zo’n honderd personen, zegt hij, inclusief de leiders in de Qandil-bergen in Noord-Irak. „Het is een erg gesloten organisatie en lidmaatschap is ontzettend moeilijk. Misschien dat er in Duitsland enkele leden wonen, maar niet in Zweden. Van de 109 Koerdische ngo’s in Zweden heeft slechts een klein aantal sympathie voor de PKK. De PKK is onderdeel van de Koerdische kwestie, niet de leider.”

Koerdische artikelen in een cultureel centrum in Stockholm Foto Amir Nabizadeh

Scheidslijnen

Hoewel veel Zweedse Koerden sympathiseren met de strijd van de PKK voor Koerdische autonomie en zelfbestuur, is er tevens een grote groep Koerden die niets moeten hebben van het dogmatische, in marxisme gewortelde gedachtengoed van Öcalan. De scheidslijnen volgen vaak de grenzen in het Midden-Oosten: linkse Koerden uit Turkije en Syrië zijn vaker solidair met de PKK dan liberale Koerden uit Noord-Irak, waar de regerende Barzani-clan goede banden heeft met Erdogan.

„Ik ken niemand die de PKK steunt”, zegt Aziz Abdulkadir, een Koerd uit Irak die een restaurant in Stockholm runt – uit een tv klinkt Koerdische popmuziek. Hij vluchtte tijdens de Eerste Golfoorlog in 1991 met zijn familie naar Zweden. „We zijn gevlucht voor een dictator, dus ik hou me verre van politiek. Ik weet niet eens wie de Zweedse minister van Defensie is. We hebben hier de luxe dat je dat niet hoeft te weten.”

Abdulkadirs afkeer tegen de PKK komt voort uit ervaring. Als jonge student aan de Universiteit van Erbil werd hij in 1994 onder dreiging van geweld naar een demonstratie van de PKK gebracht. „Ze dwongen ons leuzen te roepen en APO [koosnaam van Öcalan] te scanderen. Ik haat de PKK. Mensen die naar de bergen gaan [allegorie voor zich aansluiten bij de PKK], zijn dieven en moordenaars zonder enige vorm van opleiding.”

Abdulkadir houdt van Turkije. Hij heeft twee appartementen in Antalya, waar hij al vijftien jaar met zijn gezin in de zomer vakantie viert. „De mensen in Turkije zijn warm en gastvrij, het eten is goed. Ik voel me er thuis. Waarom zou ik de PKK steunen? Waarom zou ik willen dat Turkije op Irak gaat lijken? In de vijftien jaar dat ik in Zweden woon, ben ik nog nooit teruggegaan naar Irak, want mijn vaderland is totaal verwoest.”

Abdulkadirs restaurant ligt in het centrum van de Stockholmse achterstandswijk Tensta, waar veel migranten wonen. Hoewel de wijk de afgelopen jaren werd opgeschrikt door diverse schietpartijen, is de sfeer op een zonnige namiddag gemoedelijk. Bewoners liggen in hangmatten tussen de pastelkleurige betonnen flats. Verderop is een markt. Het is Midzomer, in het centrum van Stockholm zijn mensen dronken. Veel stadsbewoners zijn vertrokken naar hun zomerhuis.

Andreas, een anarchistische activist uit Tenstra, moet doorwerken. De lange, blonde Zweed projecteerde met enkele kameraden een enorme PKK-vlag op het stadhuis van Stockholm. Foto’s van de actie werden vorige week gretig overgenomen door de Turkse media, als bewijs dat Zweden sympathie koestert voor de PKK. De Zweedse regering was not amused en sprak van een „kwaadaardige beïnvloedingscampagne”.

„We wilden met de actie onze solidariteit tonen met Rojava”, zegt Andreas, die de Koerdische naam gebruikt voor Noordoost-Syrië en niet met zijn achternaam in de krant vanwege de gevoeligheid van het onderwerp. De actie werd opgeëist door het Rojava Comité, een netwerk van linkse activisten die boeken van Öcalan naar het Zweeds vertalen en demonstraties organiseren. „Öcalan heeft de politieke ideeën van Marx gemoderniseerd. De YPG brengt die in Rojava in de praktijk.”

Belangrijke kiezersgroep

Ook Amineh Kakabaveh, een onafhankelijk Koerdisch parlementslid van Iraanse afkomst, is gecharmeerd van het linkse experiment in Noordoost-Syrië. Om deze autonome Koerdische regio te verzekeren van Zweedse steun gooide ze het vorig jaar op een akkoordje met Magdalena Andersson, de leider van de sociaaldemocraten. Als Andersson de YPG bleef steunen, zou Kakabaveh haar aan een parlementaire meerderheid helpen en de eerste vrouwelijke premier van Zweden maken.

Inmiddels is Kakabaveh zwaar teleurgesteld in de regering. Want na de Russische invasie in Oekraïne staakten de sociaal-democraten hun verzet tegen NAVO-toetreding. „Ik ben tegen toetreding”, zegt Kakabaveh. „We geven tweehonderd jaar onafhankelijkheid op om lid te worden van een militaire alliantie waarvan Turkije deel uitmaakt en laten onze principiële buitenlandbeleid varen. Toen Turkije onlangs zestien Koerdische journalisten arresteerde, hebben we dat niet veroordeeld.”

Koerden zijn een belangrijke kiezersgroep voor de sociaal-democraten. Daarom is de kans klein dat Stockholm zijn steun voor de YPG intrekt. Bovendien steunen NAVO-landen de YPG net zo goed. Turkije ligt dwars omdat het de NAVO onder druk wil zetten die steun te beëindigen.

Baksi vindt dat als Turkije dwars blijft liggen, Zweden zijn verzoek om lid te worden van de NAVO maar moet intrekken. „De Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk garanderen onze veiligheid ook zonder dat we lid zijn van de NAVO”, zegt hij. „Zweden heeft tweehonderd jaar van Russische dreigementen overleefd. Is de PKK werkelijk gevaarlijker dan Poetin? Zijn we zo bang voor de despoot in Moskou dat we naar de despoot in Ankara uitwijken?”