Recensie

Recensie Theater

Zolang er nog kinderen in Aleppo zijn, kan de clown niet vertrekken

Festival Op De Parade in Eindhoven nemen de beste voorstellingen de geschiedenis als uitgangspunt. Hoe moeten we kijken naar het verleden: door een roze bril of met een kritische blik?

Scène uit de voorstelling ‘Het Wim Sonneveld Complex’ van Tarik Moree en Tim Olivier Somer.
Scène uit de voorstelling ‘Het Wim Sonneveld Complex’ van Tarik Moree en Tim Olivier Somer. Foto Sofie Simao

„Het is een kat. Een abstracte kat.” Ik krijg van de clown een langwerpige ballon in mijn handen geduwd. Een talent in het vervaardigen van opblaasdieren is hij niet, maar de clowns liggen in het door oorlog verscheurde Aleppo nu eenmaal niet voor het oprapen.

De laatste clown van Aleppo, een voorstelling van schrijver en theatermaker Amro Kasr die op festival De Parade te zien is, is losjes gebaseerd op het verhaal van Anas al-Basha. Hij was een Syrische geschiedenisstudent die toen de oorlog uitbrak maatschappelijk werker werd, en kinderen in de ergste conflictgebieden als clown begon te vermaken. Kasr speelt de monoloog zelf en onderstreept in zijn tekst het contrast tussen de gruwelen van de oorlog en de hartverscheurende goedheid die de hoofdpersoon de wereld in brengt. Als zijn moeder, die al een zoon heeft verloren, hem smeekt met haar de stad te ontvluchten, weigert hij: zolang er nog kinderen in de stad zijn, kan hij niet vertrekken.

Kasr is slechts één van de makers die dit jaar de geschiedenis als uitgangspunt hebben genomen. Aan de andere kant van het festivalterrein hebben Tarik Moree en Tim Olivier Somer met de voorstelling Het Wim Sonneveld Complex een ode aan Wim Sonneveld ingericht. Onder begeleiding van de driekoppige band The Sunfields spelen ze allebei afzonderlijk de rol van de vermaarde cabaretier – wat ze al snel met elkaar in conflict brengt – want wie is hier eigenlijk de échte Wim Sonneveld? De kolderieke identiteitsstrijd wordt grimmiger als de hele inzet van de voorstelling op het spel komt te staan – waarom, vraagt Somer aan zijn collega, wentelen we ons eigenlijk in nostalgie ten opzichte van een tijdsgewricht dat we niet eens hebben meegemaakt?

Lees ook het verslag van vorig jaar: De Parade verrast, vermaakt en ontroert, óók op anderhalve meter

Dystopisch beeld

Moree en Somer, die zich lijken te specialiseren in voorstellingen waarin ze een dialoog aangaan met het bronmateriaal zelf, weten het ideologische meningsverschil op geestige wijze op de spits te drijven. Wanneer Moree de sentimentele ode ‘Het dorp’ inzet, onderbreekt Somer de tekst met zijn eigen versie, waarin een dystopisch beeld van verlaten gemeenschappen en ‘stikstofstallen’ wordt opgevoerd. Kibbelend en uiteindelijk zelfs elkaar in de haren vliegend, proberen ze een antwoord te vinden op de vraag hoe we om moeten gaan met het verleden: door een roze bril of met een kritische blik.

Diezelfde vraag blijkt ook centraal te staan in het scherpe muziektheaterstuk Eromenos van Koen Verheijden. In een halve cirkelopstelling luisteren we naar het hoofdpersonage (een krachtige rol van Coen Bril), een queer jongen van begin twintig die in een strak wit decor vertelt over zijn fascinatie voor de Griekse Antinous, die in het jaar 123 n.Chr. op twaalfjarige leeftijd de jonge minnaar werd van de Romeinse keizer Hadrianus. In eerste instantie verliest Bril zich in een romantische fantasie over de relatie: dansend op een soort sokkel brengt hij een lyrische ode aan Antinous en Hadrianus, onder begeleiding van de duistere, opzwepende soundscape van Mees Vervuurt, die de muziek live van achter op het podium aanstuurt.

Zijn totale overgave aan de liefdesgeschiedenis levert enig ongemak op, gezien de overduidelijke duistere kanten van het verhaal. In het tweede deel pelt Verheijden de redenen achter dit escapisme langzaam af: door de continuë uitsluiting die de hoofdpersoon als lgqbti’er in zijn leven heeft ervaren, snakt hij ernaar een grootse en meeslepende liefde te ervaren. Subtiel snijdt Eromenos zo aan hoe kwetsbaar jonge lgqbti’ers door dit soort problematische mythevorming kunnen zijn voor toxische relaties en seksueel machtsmisbruik.