Profiel

Hoe de vrouw van opperrechter Clarence Thomas een conservatieve 'oorlog' voert

Clarence en Ginni Thomas Lang was Clarence Thomas het zwijgende, conservatieve buitenbeentje van het Hooggerechtshof in de VS. Sinds dit een robuuste rechtse meerderheid kent en zijn vrouw een uitgesproken Trump-fan blijkt, staat het power couple volop in de schijnwerpers.

Ginni en Clarence Thomas op een staatsdiner in september 2019, onder president Trump.
Ginni en Clarence Thomas op een staatsdiner in september 2019, onder president Trump. Foto Patrick Semansky / AP

Vloedgolf. Keerpunt USA. Amerika’s D-Day. Het zijn de tamelijk alarmerende namen van organisaties waaraan Ginni Thomas verbonden is. Met die actiegroepen voert zij een „oorlog op 30 fronten”, zoals het bij Groundswell (vloedgolf) heet: tegen het recht op abortus, tegen het homohuwelijk en tegen de verkiezingsnederlaag van Donald Trump.

Elke Amerikaanse burger mag zo activistisch zijn als de wet toelaat. Maar wat het geval van Virginia ‘Ginni’ Thomas saillant maakt, is dat zij gehuwd is met een van de negen hoogste rechters in de VS. Over elk van de doelwitten die zijn vrouw bestrijdt, kan haar echtgenoot Clarence Thomas zich in de nabije toekomst moeten buigen bij het Hooggerechtshof. Wat betreft het recht op abortus ís dat al gebeurd, daar valt een dezer dagen een uitspraak van het hof over te verwachten.

De afgelopen maanden stonden Ginni en Clarence Thomas vol in de schijnwerpers. Hij schreef een donderdag gepubliceerde, baanbrekende uitspraak over vuurwapenbezit, aangespannen in New York. Maar het is vooral Ginni’s activisme rond de bestorming van het Capitool dat de aandacht trok. Ze was die ochtend van 6 januari 2021 bij de demonstratie die Trumps leugens over verkiezingsfraude kracht moest bijzetten. Ze vertrok, zei ze later, voordat de vurigste aanhangers van Trump het Capitool bestormden en daar politici bedreigden die de overwinning van Biden zouden bekrachtigen.

De Huis-commissie die deze gebeurtenissen onderzoekt, kreeg sms-berichten in handen die Ginni Thomas na de verkiezingen heeft uitgewisseld met Trumps stafchef, Mark Meadows. Daaruit blijkt dat zij overtuigd is van Trumps aantijging dat Biden door fraude gewonnen heeft – een bewering die door tientallen toenmalige Republikeinse functionarissen op sleutelposities is ontzenuwd. „Geef de nederlaag niet toe. We hebben tijd nodig om het leger hem in de rug te laten dekken”, schreef ze, waarbij onduidelijk is of ze het echte leger bedoelt of een ‘leger’ van aanhangers.

Doorvechten

Deze maand werd ook bekend dat Ginni Thomas aan 29 Republikeinse afgevaardigden in de staat Arizona e-mails had gestuurd waarin ze hen aanmoedigde de verkiezingsuitslag af te wijzen. Biden had de kiesmannen van de staat gewonnen, Thomas schreef de afgevaardigden dat zij een „schone set kiesmannen” moesten opstellen die op Trump zouden stemmen.

Na de bestorming van het Capitool schreef Thomas aan stafchef Meadows: „Wij beleven nu wat voelt als het eind van Amerika. De meesten van ons walgen van de vicepresident en we staan open voor suggesties voor waar wij met onze teams kunnen doorvechten.” Vicepresident Mike Pence was een van de doelwitten van de aanval op het Capitool, nadat Trump de loze theorie had verkondigd dat de vicepresident de verkiezingsuitslag eigenmachtig kon afwijzen. De onderzoekscommissie wil Ginni Thomas horen. Zij liet meteen weten: graag!

Ook in dit dossier raken de overtuigingen van Ginni Thomas aan het ambt van haar echtgenoot. Het Hooggerechtshof moest oordelen over de weigering van Trump om bepaalde documenten over te dragen aan de 6-januari commissie. Clarence Thomas was de enige van de negen rechters aan het hof die oordeelde dat de oud-president dat niet hoefde te doen.

Sommige juristen vinden dat de activiteiten van Ginni Thomas strijdig zijn met de wet. Onder het kopje ‘Diskwalificatie van rechters aan het hof en lagere rechtbanken’ (28 US Code, paragraaf 455) staat dat een rechter zichzelf diskwalificeert als „hij weet dat hijzelf, individueel of als vertrouwensman, of zijn echtgenoot of minderjarig kind in zijn huishouden, een financieel belang heeft in het geschil dat aan het hof is voorgelegd, of enig ander belang dat wezenlijk kan worden beïnvloed door de uitkomst van de procedure”.

Dat het echtpaar Thomas er conservatieve opvattingen op nahoudt, is geen geheim. Sinds zijn tumultueuze aanstelling in 1991 – hij werd beschuldigd van seksuele intimidatie door zijn vroegere medewerker Anita Hill – bevindt rechter Thomas (74) zich aan de uiterste rechterflank van het Hof. Hij is wat ze in de VS een ‘originalist’ noemen: hij vat de tekst in de Amerikaanse grondwet uit 1787 letterlijk op. Een belangrijke leerstuk daarin is dat alle bevoegdheden liggen bij de staten voor zover ze niet expliciet in de wet zijn overgedragen aan de federale overheid. De progressieve rechter Stephen Breyer schoof voor de grap eens een briefje door naar zijn collega: ‘States’ rights über alles’. (Op zijn beurt schreef Thomas een briefje aan Breyer: ‘De crimineel gaat altijd voor, hè?’)

Ook de conservatieve overtuigingen van Ginni Thomas (65, de tweede echtgenote van Clarence) zijn openbaar. Ze is een lobbyist, ze was onderdirecteur van de conservatieve denktank The Heritage Foundation. In het boek The Nine, over het Hooggerechtshof, schrijft jurist en commentator Jeffrey Toobin dat Ginni Thomas in 1996 medewerker was van een invloedrijke Republikeinse Afgevaardigde uit Texas. Vanuit die positie schreef ze een memo aan de belangrijkste Republikeinse Congresleden dat ze „zo snel mogelijk” belastende informatie over de pas herkozen Democratische president Bill Clinton wilde hebben.

Verschillende achtergronden

Clarence en Ginni Thomas kwamen van heel verschillende achtergronden toen ze trouwden in 1987. Hij groeide op in een straatarm eenoudergezin uit Georgia, in een stadje zonder riool, zonder verharde wegen. Zijn eerste taal was niet Engels maar Gullah, de taal van creolen die als slaven in de kuststaten Georgia en South Carolina werden gehouden, zoals zijn voorouders. Via katholieke scholen werkte hij zich op naar de prestigieuze rechtenfaculteit van Yale. Hij hield een hekel over aan de eliteschool omdat mensen na zijn doctoraalexamen aannamen dat zijn toelating daar een geval van positieve discriminatie was.

Zijn benoeming aan het Hooggerechtshof gaf hem in dat opzicht weinig voldoening. President George H.W. Bush kandideerde Thomas als opvolger van de progressieve icoon Thurgood Marshall – het enige dat de twee mannen gemeen hadden was de kleur van hun huid. De beschuldigingen van Anita Hill en de voor alle betrokkenen pijnlijk persoonlijke vragen bij de hoorzittingen in de Senaat, onder voorzitterschap van toenmalig senator Joe Biden, lijken alle plezier van Thomas in zijn eervolle ambt te hebben vergald. Lange tijd sprak hij niet of nauwelijks in het openbaar. En als hij iets zei, konden getuigen een snerende opmerking over zijn ‘vijanden’ in die benoemingsprocedure optekenen.

Het echtpaar Thomas in 1991, toen Clarence werd genomineerd voor het Hooggerechtshof. Foto Mark Reinstein / Corbis / Getty Images)

Virginia Lamp, zoals de meisjesnaam van Ginni Thomas luidt, komt uit een welgesteld gezin uit Nebraska. De familie Lamp was enthousiast betrokken bij de campagne van de Republikeinse presidentskandidaat Barry Goldwater in 1964. Goldwater ageerde tegen de elitaire conservatieven uit zijn partij en was zo de wegbereider voor Ronald Reagan en Donald Trump, Republikeinse presidenten die een doorbraak naar de witte arbeidersklasse forceerden. Een portret in tijdschrift The New Yorker van januari citeert een buurjongen en leeftijdgenoot: „Haar ouders stonden aan de oorsprong van de idiote Republikeinse Partij van nu. Mijn ouders waren ook voor Goldwater, maar zelfs zij vonden de Lamps knettergek.”

Waar Ginni en Clarence elkaar in vonden, was de overtuiging dat overheidsingrijpen om ongelijkheid te effenen, schadelijk is. Hij streed als jurist vaak tegen regels voor positieve discriminatie. Zij vocht als lobbyist tegen afgedwongen gelijke betaling voor vrouwen. Beiden vinden dat werkelijke gelijkwaardigheid pas kan bestaan als iedereen aan een gelijke standaard wordt afgemeten. Het leverde Thomas de kritiek op dat hij „een verrader van zijn ras” zou zijn. In 1998 ging hij daarop in op een congres van een organisatie voor Amerikaanse advocaten. „Het doet mij diepe pijn, meer dan iemand van u zich kan voorstellen, dat ik door zo veel mensen van mijn eigen ras wordt beschouwd als iemand die hen kwaad doet.”

Iets van die pijn wordt voelbaar als je de reactie leest van zijn nieuwe schoonfamilie in de jaren tachtig. „Hij was zo aardig dat we vergaten dat hij zwart was”, zei Ginni’s tante Opal Knop tegen een verslaggever van de Washington Post. „Al zijn andere kwaliteiten wogen op tegen het feit dat hij zwart was.”

Zielsverwanten

In profielen van het echtpaar worden ze als „intellectuele zielsverwanten” getypeerd en als „power couple”. Ze zijn geziene gasten in conservatieve kringen. Clarence Thomas voltrok het (derde) huwelijk van de uiterst rechtse radiopresentator Rush Limbaugh. Ginni is via alle conservatieve organisaties al jarenlang, ver voor de verkiezingscampagne van Trump, verbonden met sleutelfiguren uit diens omgeving: de latere Witte-Huisadviseurs Steve Bannon en Dan Bongino, en generaal Mike Flynn, Trumps eerste veiligheidsadviseur.

Het enige smetje op het conservatieve blazoen van Ginni Thomas, volgens christelijke conservatieven, is dat zij actief is geweest in het Cult Awareness Network, een organisatie die slachtoffers van sektes bijstaat. Thomas heeft op bijeenkomsten verteld over haar lidmaatschap, begin jaren tachtig, van Lifespring, een zelfverwerkelijkingsprogramma met sektarische trekjes volgens Thomas. Christelijke groeperingen zagen daarin een voorwaardelijkheid ten aanzien van religieuze vrijheid.

Clarence Thomas is als rechter een kampioen voor religieuze vrijheid – dat kan snel blijken als het Hof binnenkort een uitspraak doet over bidden op het sportveld bij school. Het wantrouwen zit nu exclusief aan de andere kant van het politieke spectrum, bij progressieve Amerikanen. Zij proberen Clarence Thomas tot ontslag te dwingen door hem het activisme van zijn vrouw te verwijten en te zeggen dat zij onheuse invloed uitoefent op de oordelen van haar man en daarmee het Hooggerechtshof.

Een vriendin van het echtpaar, echtgenote van een andere hoge rechter, zei in 1991 tegen The Washington Post dat de Thomas’en veel met elkaar spreken „over ideeën en sociale politiek”. Zij deed dat zelf ook met haar man. „Wij discussiëren zeker over rechtszaken.” Maar zelfs het kritische artikel over Ginni Thomas in The New Yorker van januari haalde een rechtsethicus aan die oordeelde dat „bijna maar net niet helemaal” sprake is van belangenverstrengeling. „In de 21ste eeuw zijn we van mening dat man en vrouw niet aan elkaar vastzitten.”