Reportage

Geld voor defensie is er genoeg, maar nog lang geen pantserwagen of periscoop

Defensie-industrie Door de oorlog in Oekraïne verhogen veel landen hun defensiebudget. Leveranciers voorzien extra orders, én grote vertraging. „Defensieprojecten mag je uitzonderen van de plicht om aan te besteden. Maak daar gebruik van.”

Apparaat voor het verzenden van data door een lichtbundel voor de communicatie bij een landingsbaan.
Apparaat voor het verzenden van data door een lichtbundel voor de communicatie bij een landingsbaan. Frank van Beek

Bij de slag om het vliegveld van Kiev op 5 maart kwam een Oekraïense Varta-pantserwagen onder vuur te liggen. „Die hield het vol, waardoor de bemanning veilig bleef”, schrijft het ministerie van Defensie op Facebook. De voorruit raakte beschadigd, maar ging niet stuk. „Dat stelde onze mannen in staat hun mitrailleur te blijven gebruiken en een vijandelijke bmp [pantservoertuig] uit te schakelen.”

De voorruit in de Varta was gemaakt door Crystal Company, producent van ballistisch glas. „Ons glas heeft levens gered”, zegt Willem Moniharapon, directeur-eigenaar van Crystal: „We hebben daarvoor een bedankmail van het leger gekregen.” Inmiddels heeft Crystal een stuk of tien nieuwe ruiten geleverd aan het Oekraïense leger, ter vervanging van beschadigde. „Wij leverden vóór de oorlog best veel glas aan Oekraïne”, zegt Moniharapon. „Nu zijn de grote leveringen stilgevallen.”

Crystal is een van de weinige Nederlandse bedrijven die de oorlog in Oekraïne direct voelt. Dat leert een bezoek aan Eurosatory, een grote defensiebeurs die vorige week in Parijs plaatsvond. Daar stonden zo’n vijfentwintig Nederlandse ondernemingen die producten en diensten leveren aan de krijgsmacht – van kunststofvezels voor scherfvesten tot bescherming tegen chemische oorlogsvoering.

Nederland moet veel meer orders bij de eigen bedrijven plaatsen. Zo kun je bouwen aan een Nederlandse defensie-industrie

De verwachting is dat deze bedrijven profiteren van de vele tientallen miljarden euro’s die Europese landen nu extra willen besteden aan defensie. Zo trekt Duitsland in een klap 100 miljard euro uit, terwijl Nederland zijn defensie-uitgaven jaarlijks met 5 miljard (40 procent) verhoogt. Daarbij laat de oorlog in Oekraïne zien, zo zeggen de ondernemers, dat de krijgsmacht juist hún spullen goed kan gebruiken.

„Er wordt daar heel veel via de lucht gecommuniceerd en dus afgeluisterd”, zegt bijvoorbeeld Coen van Gemert, directeur-eigenaar van Gemco, dat voertuigen voor draadloze communicatie bouwt. Hij wijst op een foto van een groene vrachtauto met uitschuifbare zendmast: „Daar komt een satellietschotel van 1,8 meter bovenop, een groot oor om mee te luisteren. Wij maken ook de constructie om die schotel te stabiliseren, als die van de wind op zijn falie krijgt.”

In hedendaagse oorlogsvoering draait het om „niet ontdekt worden”, zegt oud-militair Lex de Lange, verkoop-manager bij Trulifi, onderdeel van Signify: „Als je met de radio uitzendt, heb je zeven minuten voor je ontdekt wordt en doelwit kan worden.” Je kan kabels uitrollen, maar dat kost veel tijd. „Wij hebben apparaten die door een lichtbundel veel data heen en weer sturen.” In een groene tent wijst hij op een soort camera’s op een driepoot. „Het dataverkeer is niet te detecteren, niet te verstoren en niet te onderscheppen.”

Niet meer orders

De combinatie van zulke producten met de zakken geld leidt nog niet tot meer orders, vertellen de ondernemers. „Ik ben er heilig van overtuigd dat het komt, maar niet snel”, zegt salesmanager Peter Görlach van Nedinsco, dat onder meer camera’s voor militaire voertuigen maakt. „Pas in het vierde kwartaal van 2022 of het eerste kwartaal van 2023 zullen we er iets van gaan merken.”

Politici, ambtenaren en militairen moeten namelijk nog bepalen wat ze precies willen kopen. Daarna komen de Europese aanbestedingen om te bepalen wie de spullen mag leveren. Om tijd te winnen wil het Nederlandse ministerie van Defensie het lopende investeringsprogramma versnellen. „Maar dat is in de praktijk niet zo eenvoudig”, vertelt Hannah Veerman, commercieel medewerker bij Van Halteren Technologies. Als voorbeeld noemt ze een principeovereenkomst voor de levering van twee simulatoren voor houwitsers. „Daar is bij defensie een gebouw voor nodig, en dat is nog niet beschikbaar.”

Daar komt bij dat het voor Nederlandse bedrijven lastig is een goede plek aan de ruif te veroveren. Afgezien van scheepsbouwer Damen en de Nederlandse tak van Thales (radartechnologie), telt Nederland geen gespecialiseerde defensiebedrijven. Vaak zijn het veelal kleine (familie)bedrijven die ook civiele activiteiten hebben. Ze zijn doorgaans leverancier dan wel junior partner van grote buitenlandse spelers. Of zoals Van Gemert van Gemco zegt: „Wij zijn sub-subcontractor.”

Defensienota

Defenture, bouwer van lichte legervoertuigen, heeft op de beurs een samenwerkingsovereenkomst gesloten met het Duitse KMW, bouwer van de Leopard-tank. De bedrijven dingen mee naar een order van Duitsland en Nederland voor voertuigen voor hun luchtmobiele brigades. „Duitsland is in the lead en heeft gezegd: we hebben een sterke voorkeur voor een Duits bedrijf”, zegt Henk van der Scheer, ceo van Defenture. Grootste concurrent bij deze aanbesteding is de Duitse combinatie van Rheinmetal en Mercedes: „Die hebben samen een grote lobbykracht.”

In Nederland heeft het lobbyen vaart gekregen nadat de nieuwe defensienota begin deze maand is verschenen. „Dat doen we door mensen bij Defensie te vertellen wat er mogelijk is”, vertelt Hannah Veerman. Haar bedrijf Van Halteren onderhoudt bijvoorbeeld al jaren de pantservoertuigen, zoals de CV90, Fennek en Bushmaster. „We zien mogelijkheden om met meer onderhoud de inzetbaarheid van de voertuigen betrekkelijk makkelijk en snel te vergroten.”

Bij de lobby helpt het om al contacten te hebben bij Defensie, maar ook bij Economische Zaken (EZ). Gemco (mobiele communicatie) heeft die niet, zegt Van Gemert: „Ik heb geen man in Den Haag. Daar zijn we te klein voor.” Nedinsco (camera’s, kijkers) heeft die contacten wel, zegt Görlach: „Vier dagen per week ben ik op pad, om te netwerken.” Als een buitenlands bedrijf dat een Nederlandse order heeft gekregen, compensatieorders in Nederland moet plaatsen, komt het zo wel eens uit bij Nedinsco, zegt Görlach. „Dan weet EZ ons te vinden.”

Goedkoopste aanbieder

Alle ondernemers worstelen met de Europese aanbestedingen, waarbij in hun beleving de keuze te vaak valt op de goedkoopste aanbieder. Bedrijven met „hightechproducten” (Nedisco) of „nieuwe, slimme oplossingen” (Gemco) vallen nogal eens af. Zo legde Defenture het in 2018 met zijn voertuigen af tegen Mercedes, waarmee Defensie in 2021 de overeenkomst gefrustreerd opzegde voor er een voertuig geleverd was; de Tweede Kamer bespreekt het debacle volgende week.

Aanbestedingen kosten bovenal ontzettend veel tijd. Tel daarbij op dat de bedrijven een groot gebrek aan technisch personeel hebben en veel onderdelen niet of alleen heel duur kunnen krijgen. En dat defensie te weinig technici in dienst heeft om alle nieuwe spullen snel te kunnen beoordelen. Dan wordt „de grote uitdaging”, zegt Veerman met velen, „al dat extra geld binnen deze kabinetsperiode goed uit te geven”.

Dat geld kan zelfs wel eens een paradoxaal effect hebben, ziet Van der Scheer van Defenture: „Iedereen vist in dezelfde vijver met leveranciers en onderdelen. Alle grote partijen in Europa gaan meedingen naar alle grote orders. Zo zet de zak geld na Oekraïne de zaak alleen maar op spanning en verlies je mogelijk juist tijd.”

Nederland moet daarom „met zijn Europese buren afspreken wie wat doet”, vindt directeur-eigenaar Ilja Bonsen van defensieadviesbureau IB Consultancy. „En veel meer orders bij de eigen bedrijven plaatsen. Zo kun je bouwen aan een Nederlandse defensie-industrie.” Dat betekent minder aanbestedingen, zegt hij: „Defensieprojecten mag je uitzonderen van de plicht om aan te besteden. Maak daar gebruik van.”

Vooralsnog stapt Nederland niet over op een ‘eigen-bedrijf-eerst’-aanpak. Wel hebben de materiaalmensen van Defensie onlangs tijdens een telefonische conferentie met leveranciers hulp gevraagd bij de besteding van de gelden. De Tweede Kamer, waar sommige partijen al langer voorrang voor Nederlandse bedrijven bepleiten, praat binnenkort over de defensienota. De Lange van Trulifi zegt: „Ik verwacht dat de Kamer zal zeggen dat niet alles aanbesteed moet worden.”

Nederlandse defensietoeleveranciers

Gemco

Gemco bouwt voertuigen voor draadloze communicatie, zoals deze vrachtauto met uitschuifbare zendmast. Foto Joost Duppen

Voertuigbouwer Gemco (omzet 3,5 tot 8 miljoen, tien werknemers) ontwikkelt speciale voertuigen en mobiele werkplaatsen. Meest opvallend zijn de vrachtwagens met telescoopmasten waarin gsm-antennes hangen; die worden onder meer gebruikt om in Afrika gsm-netwerken te versterken. De grootste heeft een mast van 45 meter hoog en is verkocht aan de krijgsmacht in Noord-Europa. Om mensen te kunnen ontsmetten na een chemische ramp, heeft Gemco een systeem met tenten en een container – compleet met rollerbaan voor gewonden op een brancard. Gemco heeft werkcontainers gemaakt voor de Explosieven Opruimingsdienst en ontwikkelt nu containers voor duikers van de marine.

Crystal Company

Militair voertuig met een voorruit van ballistisch glas, die is geproduceerd door Crystal Company. Foto Crystal Company

Crystal Company (omzet onbekend, twintig werknemers), opgericht in 1995, maakt veiligheidsglas voor onder meer gevangenissen, ambassades en benzinestations. Voor voertuigen maakt het ballistisch glas, kogel- en explosiewerend. De ruiten zitten in suv’s van hulporganisaties die rondrijden in gevaarlijk gebied, in busjes van de mobiele eenheid en in vrachtauto’s voor geldtransport. Daarnaast produceert het bedrijf in Heinenoord ruiten voor defensievoertuigen. Bij testen worden de ruiten blootgesteld aan trillingen, temperatuurwisselingen en stralingen voordat ze worden beschoten. De productie vergt veel kapitaal, in de vorm van onder meer twaalf ovens om ruiten te buigen.

Van Halteren

Van Halteren levert defensieproducten, zoasl loopwielen voor rupsbanden

Foto Maartje Roos

Van Halteren Technologies (moederbedrijf heeft omzet van 180 miljoen en 700 werknemers) begon in 1969 in een schuurtje in Bunschoten. Het bedrijf van de familie Veerman heeft daar nog altijd zijn hoofdvestiging. Het technologiebedrijf, dat onlangs een bedrijf in hydraulische lifttechniek overnam, maakt onder veel meer loopwielen voor rupsbanden. Van Halteren onderhoudt voor defensie pantservoertuigen (onder meer CV90 en Fennek), waarvoor het ook onderdelen levert. Het bedrijf maakt daarnaast simulatoren waarmee militairen kunnen trainen met houwitsers (verrijdbare kanonnen); daarbij worden geen kostbare granaten gebruikt, maar replica’s vol sensoren.

Defenture

Militair voertuig van Defenture dat bermbommen kan ontwijken en weerstaan. Foto Defenture

Aanleiding voor oprichting van voertuigbouwer Defenture (omzet onbekend, 25 werknemers), in 2013, was tragisch. De Nederlandse militair Dennis van Uhm, zoon van de toenmalige hoogste baas van de krijgsmacht, kwam in 2008 in Afghanistan om door een bermbom. Daarna ontstond het idee een voertuig te maken dat bermbommen kan vermijden en weerstaan. Dit voertuig, dat door de lucht kan worden verplaatst, kwam er. Het ontleent zijn stijfheid aan een zeer sterk koker-chassis, dat een kooiconstructie overbodig maakt. De fabrikant in Tiel verkocht defensie er een kleine tachtig van. Daar rijden commando’s in rond. Defenture ontwikkelde ook een grotere versie voor de Duitse krijgsmacht.

Intespring

Exoskeleton Foto Intespring

De oprichters van start-up Intespring zijn ooit begonnen met het ontwikkelen van een exoskelet voor zorgmedewerkers. Dat is een uitwendig frame met veersystemen dat moet zorgen voor minder vermoeidheid en slijtage bij mensen die vaak langdurig over bedden heen buigen. Nu ontwikkelt Intespring een exoskelet voor militairen met zware bepakking. Een veersysteem en een klein accumotortje moeten helpen het lichaam te ontlasten bij een tilgewicht van 40 tot 60 kilo; zo til je door je lichaam naar voren te bewegen. De eerste testen zijn veelbelovend. Volgend jaar komt er een uitgebreide proef met Nederlandse militairen.

Nedinsco

Militair verkenningsvoertuig met optische apparatuur van Nedinsco. Foto Nedinsco

Nedinsco (omzet 25 miljoen euro, 110 werknemers) is in 1921 opgericht als kloon van de Duitse opticafabrikant Carl Zeiss Jena en is sinds 1953 eigendom van de familie Beusker. De fabriek in Venlo maakt beeldverwerkingsapparatuur voor onder meer de halfgeleidersindustrie. Voor defensie maakt Nedinsco optische instrumenten, zoals periscopen voor onderzeeboten. Een ander voorbeeld is de buigzame ‘periscoop’ die mechanisch beelden verwerkt via een glasvezelkabel en waarmee de bemanning van een tank naar buiten kan kijken – ook bij stroomuitval. Binnenkort levert Nedinsco 400 rijcamera’s voor de Fennek, een gepantserd verkenningsvoertuig.

Trulifi

Nederlands apparaat voor het verzenden van data door een lichtbundel, voor de communicatie bij een landingsbaan van de F-35. Foto Frank van Beek

Trulifi is onderdeel van Signify (omzet 6,9 miljard, 37.000 werknemers), voorheen de lichtdivisie van Philips. Lifi staat voor light fidelity en dient om data draadloos te verzenden via een lichtbundel. De Nederlandse luchtmacht heeft de techniek al getest voor communicatie rond een landingsbaan. Trulifi gaat met de Duitse en Nederlandse landmacht een pilot doen met lifi binnen een commandotent, normaal een wirwar van draden, en tussen tenten, voertuigen en containers. Het systeem kan ook worden gebruikt in munitiebunkers, waar mobiele telefonie is verboden wegens explosiegevaar. De communicatie verloopt over betrekkelijk korte afstand. Boven de 350 meter bestaat de kans dat het licht ogen beschadigt.