De ecoboeren geloven niet meer in politieke oplossingen – en maken hun eigen plannen

Kringloopboerderij Niet demonstreren tegen het beleid, maar onderling zoeken naar duurzame oplossingen. Dat deden ecoboeren in Maartensdijk.

Varkenshouder Inge Vleemingh
Varkenshouder Inge Vleemingh Foto Dieuwertje Bravenboer

Niet alle boeren demonstreerden woensdag tegen de stikstofplannen van het kabinet. Een dag eerder kwamen zo’n honderd kringloopboeren bijeen in het Utrechtse Maartensdijk. Daar bespraken ze hoe je te midden van de stikstofcrisis dan wél het beste kunt boeren.

Demonstreren, zeggen vier kringloopboeren die NRC heeft gesproken, zou betekenen dat je er nog vertrouwen in hebt dat de overheid met een duurzame oplossing kan komen. Die hoop hebben deze boeren al laten varen, waardoor demonstreren in hun ogen geen zin meer heeft.

Ze zijn het erover eens dat er een grote opgave ligt: er moet een stuk minder stikstof worden uitgestoten ter bescherming van natuur en milieu. Ook vinden ze dat traditionele boeren klem zitten in het huidige systeem. Dat die woensdag massaal protesteerden, begrijpen ze. De politiek is een onbetrouwbare partij gebleken, vinden zij.

Johannes Regelink (34) is ecoloog en heeft 2,5 jaar geleden een zogenoemde burgerboerderij opgericht in een buurtschap van het Gelderse Lochem – zo’n 1.500 huishoudens dragen financieel bij aan „het overnemen van een gangbaar melkbedrijf om daar een agro-ecologische boerderij van te maken”. Bij de politiek klopt hij niet meer aan. Het antwoord ligt volgens hem bij de provincies, maar toen hij die om steun vroeg, kreeg hij van Gelderse gedeputeerden te horen dat zij „partners zijn van boerencollectieven als de LTO”, niet van een individuele boer zoals hij.

Ik denk dat veel boeren op zoek zijn naar het ‘hoe dan’

Ruud Zanders scharrelkippenboer

Varkenspest

De Achterhoekse varkenshouder Inge Vleemingh (38) verwacht niets meer van de politiek. „De komende twee tot drie jaar komt er echt geen antwoord” op de vraag hoe duurzame emissiereductie eruitziet, stelt ze. Zie de varkenspest-uitbraak in 1997. Toen hoorde ze ex-minister Brinkhorst (D66) al zeggen dat de veestapel moest worden gehalveerd. „Maar de lobby is groter”, weet ze nu.

Vier jaar geleden zat scharrelkippenboer Ruud Zanders (49) met veertien andere boeren in een klankbordgroep van ex-minister Schouten (CU). Hij merkte dat hij met twee andere boeren uit de groep „op één lijn” zat. Zij wilden serieus werk maken van een omslag naar kringlooplandbouw: landbouw waar goed gezorgd wordt voor de bodemkwaliteit en stoffen die uit de bodem worden gehaald ook weer terug worden gestopt. Zo komen voedingsstoffen die uit de grond worden gehaald door grazend vee vroeg of laat terug als de dieren deze weer uitscheiden.

Ze vonden steeds meer medestanders. Zo’n driehonderd boeren hebben zich aangesloten bij hun stichting, Caring Farmers, die alweer twee jaar bestaat en waar kennis en ervaringen worden gedeeld over natuurinclusieve kringlooplandbouw.

„Ik denk dat veel boeren op zoek zijn naar het ‘hoe dan’”, vertelt hij na de bijeenkomst in Maartensdijk. Wellicht helpen de pioniers de overheid straks, mijmert hij hardop. De Universiteit van Wageningen schreef eerder dat het „hoog tijd” is voor een koersverandering in de landbouw, waarbij zuiniger wordt omgegaan met grondstoffen.

Kippenboer Zanders had enkele jaren geleden moeite zijn businessplan gefinancierd te krijgen, omdat het „niet gangbaar” zou zijn. Op zijn boerderij worden scharrelkippen gevoerd met reststromen van menselijke consumptie, zoals broodresten. Hij stelt ook dat zijn boerderij het milieu zo min mogelijk belast dankzij het gebruik van zonnepanelen en het opvangen van fijnstof. Dat hij een contract met een grote supermarktketen had, was voor de bank niet genoeg. Een private investeerder durfde financiering wel aan.

Johannes Regelink Foto Dieuwertje Bravenboer

Als Regelink op zoek gaat naar financiering voor zijn plan, merkt hij ook dat de bank „extreem voorzichtig” is. Zo zegt de bank dat zij geen voorbeelden heeft van boeren die het op zijn manier hebben aangepakt, waardoor het financieren van dit project als „hoog risico” wordt aangemerkt. Net als Zanders gooit hij het over een andere boeg. Willen de banken niet beginnen aan volledige financiering? Dan maar op een andere wijze, getuige zijn crowdfundingactie. Van de 1 miljoen euro die hij aan burgerfinanciering wil ophalen, is al ruim 600.000 euro binnen.

„Wij zijn geen actieboeren”, zegt melkveehouder Monique van der Laan (52). Zij weet dat „boeren die op de oplossing zitten” al twintig jaar weinig succesvol lobbyen voor steun. De overheid heeft alleen aandacht voor „schijnoplossingen”, zoals mestinjectie en het verbieden van ammoniak op de stalvloeren, zegt ze.

Schijnoplossing

De brief van minister Christianne van der Wal (VVD) biedt weer zo’n schijnoplossing, zegt de biologische melkveeboer uit Kamerik. Het dorp ligt net buiten een Natura 2000-gebied waar meer dan 95 procent minder stikstofuitstoot nodig is, toch raken die plannen ook „natuurinclusieve boeren”. Zitten die in een Natura 2000-gebied, dan moeten ook zij reduceren. Niet logisch, vindt de solidaire Van der Laan. Op haar familiebedrijf wordt „met echte oplossingen” gewerkt. Koeien scheiden op de grond hun mest uit, wat de bodemkwaliteit bevordert (anders dan bij sterk gecomprimeerde mest die in de bodem wordt geïnjecteerd). Op de bodem groeien vervolgens gezonde planten, die door de koeien worden opgegeten. Bij haar is dus, anders dan de traditionele boeren die bijvoorbeeld veevoer importeren, sprake van een korte cyclus waardoor de natuur zoveel mogelijk in balans blijft.

Ook Vleemingh steekt haar tijd liever in „hoe het wel kan”. Samenkomsten met andere boeren die zich bij Caring Farmers hebben aangesloten, draaien volgens haar om het scheppen van een toekomstperspectief. Dat zij demonstraties overslaat, zorgt soms voor vervelende reacties. „Oh, doen wij het dan verkeerd?”, hoort ze traditionele boeren vragen. Wat haar betreft is er plek voor beide vormen van landbouw, daar moet in het beleid duidelijkheid over komen.

Alle boeren, kringloop én traditioneel, staan voor een opgave. Regelink: „We moeten zélf ons toekomstperspectief vinden.” Dat kan ook door andere ondernemers bij je bedrijf te betrekken. Zo heeft Vleeming een imker op haar terrein die honing maakt waaraan zij ook verdient.