Opinie

Toen het eerder deze maand over FDF ging

Tom-Jan Meeus

Extremisme doet het ook goed als halve waarheid. Een activist die een extreem plan lanceert hoeft dit niet per se meer uit te voeren: de aankondiging is vaak al genoeg voor uitbundige media-aandacht. Dus de voorman van Farmers Defence Force (FDF) die in de Volkskrant zinspeelde op voedselblokkades, kon je vermoedelijk het beste afwachtend behandelen. Eerst maar eens zien. Want wie het menens is zal extreme acties nooit aankondigen: hoe groter de verrassing, des te uitvoeriger de media-aandacht.

De reactie van sommige politici op de FDF-leider, die ook sprak over nieuwe huisbezoeken aan minister Christianne van der Wal (Stikstof, VVD), verraste me evengoed. Vooral minister Dilan Yesilgöz (Justitie, VVD) en het Kamerlid Caroline van der Plas (BBB) sprongen eruit. Yesilgöz vond de intimidatie van Van der Wal „over de grens”, Van der Plas is behalve tegen huisbezoeken aan politici ook tegen voedselblokkades, schreef ze.

Maar het interessante is: drie weken terug, 2 juni, hadden deze twee een heel ander debat over FDF. In de Kamer wees Van der Plas op een schikking die Justitie met FDF had gesloten. In een NCTV-dreigingsbeeld van mei 2020 was FDF genoemd („excessen boerenprotest voeden polarisatie”) en de boerenclub voelde zich onterecht als „extremistisch” neergezet. Na een terechtzitting kwamen partijen tot een schikking: volgens de NCTV is FDF niet extremistisch maar „activistisch”. In de Kamer waren Yesilgöz en Van der Plas het er volledig mee eens.

Pardon? Het jaar voorafgaande aan dat dreigingsbeeld deed FDF nogal van zich spreken. Na een compromis over stikstof in Brabant schreef de FDF-voorman najaar 2019: „Moeten we CDA-Statenleden in Brabant persoonlijk aanpakken na het verraad van 25 oktober?” December 2019 vergeleek hij de behandeling van boeren met de holocaust. Februari 2020 schortten premier Rutte en minister Schouten overleg met de landbouwsector op na een bedreigend bericht: „FDF zal niet toestaan dat we (-) door onze eigen mensen verraden worden.”

En wie dit extremisme bekritiseerde – het overkwam D66-leider Kaag en deze krant – kreeg een proces aan de broek. Niet dat het FDF iets opleverde. Toch liet de NCTV zich daarna wél afschrikken, en zo werd het officiële oordeel van Justitie dat een demonstrant tegen klimaatbeleid hetzelfde zou doen als dit compromisloze en intimiderende clubje.

Niet voor het eerst bleken politici blind voor de ware aard van FDF. Dus je wist eigenlijk al dat de minister en het Kamerlid na hun debat vanzelf te maken zouden krijgen met FDF-gedrag dat ze sinds 2019 konden kennen. Regeren is vooruitzien. Maar terugkijken wil ook wel eens helpen.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft elke dinsdag op deze plek een column.