‘Gelukkig gaan mensen weer op vakantie’

Verdienen & Uitgeven Jessica Hoving (50) werkt als zelfstandig reisadviseur. Ze zoekt en boekt voor klanten vakantiebestemmingen. „Werken is niet het belangrijkste in het leven. Het moet wel leuk blijven.”

Jessica Hoving (50) werkt als zelfstandig reisadviseur.
Jessica Hoving (50) werkt als zelfstandig reisadviseur. Foto Bob van der Vlist

in

‘Ik ben jong getrouwd, op mijn 21ste. Na twee jaar besloten mijn man en ik om op reis te gaan, we wilden nog even niet toegeven aan de vastigheid van het leven. We zijn samen een jaar naar Australië gegaan en dat was zo leuk, zo avontuurlijk, dat ik na terugkomst ook in de reisbranche wilde werken. Ik solliciteerde bij een grote reisorganisatie en heb me er echt naar binnen moeten bluffen, want ik had alleen maar administratieve banen gehad. Uiteindelijk heb ik er twaalf jaar met veel plezier gewerkt. Nadeel was dat ik behoefte had aan meer persoonlijk contact, bijvoorbeeld door naderhand even te vragen hoe de reis was geweest. Dat kon daar niet. Daarom besloten een collega en ik voor onszelf te beginnen.

„In het begin deed ik maar wat, ik wist echt niet hoe ik een zelfstandige onderneming moest runnen. Maar na een jaar kreeg ik het wel onder de knie. We vormen een vof en werken beiden parttime. Werken is niet het belangrijkste in het leven, het moet wel leuk blijven. Ik ben gelovig en vind het ook goed om vrijwilligerswerk te doen. Daarnaast hebben we beiden een gezin.

„De coronatijd was heel zwaar, ik vond het heel erg voor al die mensen die voor duizenden euro’s reizen hadden geboekt. We hebben maanden gewerkt zonder inkomsten te genereren, al die reizen moesten worden geannuleerd of omgeboekt.

„Ik zit nog niet op mijn inkomen van voor corona, maar gelukkig gaan mensen wel weer op vakantie.”

uit

‘Met het gezin maken we ook elk jaar wel een verre reis. Ik zou een slechte klant zijn, want ik boek alleen de vlucht en de eerste twee nachten hotel. De vrijheid, dat avontuurlijke, vind ik heel fijn. Ik weet wel waar ik naartoe wil, maar we leggen weinig vast. Dit doen we al sinds onze kinderen – nu 23, 19 en 13 jaar – negen maanden zijn. Cambodja en Fiji waren wel de hoogtepunten, heel memorabel. Met kinderen zit je veel sneller tussen de lokale bevolking. Wat dat betreft, is het bijna jammer dat ze nu groot zijn.

„Ik vind het lastig aan te geven hoeveel we aan boodschappen besteden. Onze oudste woont niet meer thuis, maar de jongste twee hebben vaak vrienden over die blijven eten. Op ons terrein hebben we een tiny house – normaal gesproken de mancave van mijn zoon van 19 – waar nu tijdelijk drie Oekraïense vrouwen wonen. Ze hebben alle drie werk gevonden, maar af en toe eten ze ook met ons mee en de stookkosten zijn nu wat hoger dan normaal.

„In het financieel adviseren van onze kinderen zijn we slecht: als ze iets willen hebben, kopen we het gewoon. De jongste krijgt niet alles nieuw, want die maakt veel kapot omdat hij te slordig is. We leren ze wel dat ze moeten werken voor hun geld, ze krijgen bijvoorbeeld geen zak- of kleedgeld. Als ze onderbroeken nodig hebben, komen die er gewoon.”