Nog nooit telde Nederland zoveel privébeleggers. Wie zijn zij?

Beleggen Nederland telt bijna twee miljoen particuliere beleggers. Wie zijn zij, en waar hebben ze hun geld eigenlijk in belegd?

Illustratie Jeltje de Koning

Bijna had Nederland afgelopen december de magische grens van twee miljoen particuliere beleggers gehaald. Een record, maar in de beleggingswereld is alles vergankelijk, of het nu over beurskoersen gaat of aantallen beleggers. Want als de beurskoersen in mineur gaan en het – zoals nu – onzekere tijden zijn, kiezen veel beleggers eieren voor hun geld en trekken ze zich terug van de beurs.

Zeker de Sensatiezoeker, één van de vier hier besproken typen beleggers, die je vaak tegenkomt bij doe-het-zelf-brokers als DeGiro of op een cryptoplatform, waar ze op snelle winsten jagen.

Het zou dus kunnen dat er nu niet meer 1,96 miljoen Nederlanders aan het beleggen zijn, zoals onderzoeksbureau Kantar eind 2021 nog constateerde, maar vijftigduizend of honderdduizend mensen minder. Tijdens de bancaire en financiële crisis, die in 2008 losbarstte, bleven er volgens Kantar minder dan een miljoen beleggers over.

Tegelijkertijd is de groep die belegt breder dan ooit en mikken drie van de vier typen beleggers die op basis van gesprekken met deskundigen te onderscheiden zijn – de Groene Belegger, het Solide Type en de Oldskool Belegger – doorgaans op de lange termijn (denk: pensioen). In velen huist echter óók een Sensatiezoeker, die ze soms een beetje ruimte gunnen, voor de lol.

Het grootste deel van het belegd vermogen zit nog altijd in beleggingsfondsen en ETF’s (beursgenoteerde fondsen), en niet in (risicovollere) losse aandelen. Dat is deels een demografische kwestie: „Grofweg 80 procent van het belegde vermogen is in bezit van 20 procent van de beleggers, die meestal ouder zijn en dit gedurende decennia hebben opgebouwd”, zegt Martijn Rozemuller van aanbieder VanEck.

Zij hebben veel geld in brede beleggingsfondsen gestopt en daar gelaten: dat gold vanaf de jaren tachtig als een verstandige route voor wie de risico’s wilde beperken – voordat passief beleggen via indexfondsen en ETF’s vanaf 2005 opkwam.

Waar de ruim 185 miljard euro aan belegd vermogen van particulieren, die De Nederlandsche Bank eind 2021 detecteerde, is terechtgekomen? Ondanks de grote populariteit van brokers als DeGiro toch grotendeels bij de drie grootbanken: Rabobank, ING en ABN Amro. Zij hebben een marktaandeel van bijna 60 procent op basis van belegd vermogen, vertelt manager financieel onderzoek Robbert Nagtzaam van Ipsos.

Die cijfers dateren wel uit 2020, maar Ipsos en andere aanbieders die NRC sprak, denken dat de grootbanken nog steeds zeker de helft van de markt in handen hebben. Alleen Rabobank heeft al een belegd vermogen van 60 miljard euro. Daarbij vergeleken blijft het marktaandeel van DeGiro ver achter (4 procent), al verwacht Ipsos dat dit inmiddels wat hoger zou uitkomen. Maar dat lage marktaandeel is wel logisch, legt Joost Tieland van online aanbieder Brand New Day uit: „Mensen hebben bij DeGiro massaal rekeningen geopend, maar dat zijn vaak gok- en probeerrekeningen, waarop ze met kleine bedragen beleggen.”

De Groene Belegger

De groep groene of duurzame beleggers is breed en bestaat niet meer alleen uit idealisten. Ook bij ASN Bank zijn nieuwe klanten inmiddels vaker mensen die vooral uit pragmatische overwegingen duurzaam beleggen, zegt beleggingsexpert Robert Gouda van ASN. Duurzaam is een containerbegrip: onder die noemer vallen alle beleggingsfondsen met een zogeheten ESG-etiket. Dat staat voor een respectvolle omgang met de planeet (environment), met dier en medemens (social) en voor fatsoenlijk ondernemingsbestuur (governance). Ook zijn er steeds méér duurzame beleggingsproducten, waardoor de kans dat je er tegen eentje aanloopt groter is geworden.

Sommige beleggers denken: ESG-conform beleggen is de trend, laat ik dat dan ook maar doen – zeker als het rendement daar niet onder lijdt. „Als de wereld er ook nog beter van wordt, is dat in hun ogen mooi meegenomen”, zegt Robert Gouda van ASN.

De meeste beleggingsfondsen en ETF’s zijn lichtgroen, volgens Joost Tieland, commercieel directeur van Brand New Day. Oftewel: minder streng in de leer dan bijvoorbeeld de donkergroene fondsen van ASN Bank en Triodos. Maar ook Brand New Day komt binnenkort met donkergroene fondsen. „Dat wordt steeds meer de nieuwe standaard”, aldus Tieland.

Tot slot: Groene Beleggers zijn opvallend vaak (jonge) vrouwen. Bij ASN is de verhouding al fiftyfifty. Dat valt op: elders is zeker 70 procent van de beleggers man.

De Sensatiezoeker

Door de populariteit van cryptovaluta is er veel aandacht voor de Sensatiezoeker, die beleggen als een spel beschouwt en uit is op snelle winst.

Toezichthouder AFM waarschuwde eind vorig jaar dat een klein deel van de maar liefst 1,18 miljoen cryptobeleggers in Nederland grote verliezen niet kan opvangen. Begrijpelijke zorg: van degenen die alleen crypto bezitten hebben twee keer zoveel mensen een laag opleidingsniveau dan van beleggers die naast crypto ook traditionele beleggingen als aandelen, obligaties en ETF’s hebben, blijkt uit onderzoek van Ipsos in opdracht van AFM. De crypto-only groep heeft vaak minder kennis over en ervaring met beleggen. Dat maakt hen kwetsbaar, zeker omdat hun inkomen vaak lager is dan dat van traditionele beleggers.

Maar in dat onderzoek valt óók op hoe voorzichtig veel cryptobeleggers zijn: zowat de helft heeft minder dan 500 euro geïnvesteerd, omschrijft dat realistisch als ‘een gokje wagen’ en belegt zijn geld verder niet zo risicovol. „Het is gewoon speculeren wat deze speelvogels doen in de hoop snel veel geld te verdienen”, zegt Joost Schmets van VEB, de belangenvereniging van beleggers die juist op de lange termijn gericht zijn. „De meeste Sensatiezoekers zijn mannen met een bepaald testosterongehalte.”

Jong zijn cryptobeleggers zeker niet allemaal, merkt VanEck, dat sinds kort keurig via het reguliere circuit (dus via brokers als Lynx en DeGiro) crypto-notes aanbiedt. Volgens algemeen directeur Martijn Rozemuller zijn dat een soort beursgenoteerde fondsen. Dat trekt „een steeds bredere groep, die niet buiten de beurs om wil gaan, ook vanwege het risico van hacks”. Van hen is 30 procent boven de 55 jaar (en is 70 procent man).

Tot slot: de Sensatiezoeker is van alle tijden, of hij nu in crypto belegt, losse aandelen of opties inzet. Dit laatste, zeer riskante hefboomproduct blijft populair.

Het Solide Type

Veel Sensatiezoekers stoppen met beleggen als ze geld gaan verliezen en maken later een doorstart – maar dan als Solide Type. Joost Tieland ziet ze vaak opduiken bij Brand New Day, dat breed gespreide indexfondsen verkoopt met duizenden verschillende bedrijven erin (of overheden, bij obligaties).

Dit type (gemiddelde leeftijd 42 jaar) zoekt soliditeit: vermogensgroei met beperkt risico.

De angst om al je geld kwijt te raken, is volgens Robert Gouda van ASN Bank de grootste drempel om te gaan beleggen. „De helft van alle mensen zal daarom nooit beleggen.” En van de circa twee miljoen die dit wél doen, hebben velen iets van het Solide Type in zich – ook Groene Beleggers. Gouda: „Wie gaat beleggen, moet aangeven hoeveel risico hij wil lopen. Bij onze mixfondsen van aandelen en obligaties, kiezen de meesten dan bij risico voor ‘neutraal’, oftewel voor een beperkt risico en dus gematigd rendement. Typisch Nederlands.”

Het Solide Type belegt grotendeels in beleggingsfondsen en ETF’s, ook met het oog op risicospreiding. Volgens Martijn Rozemuller van VanEck, dat ETF’s verkoopt, „zijn vrouwen meer geneigd tot deze passieve manier van beleggen. Veel mannen – zeker beginners – vinden dat saai en willen het graag wat spannender.” Dus hebben zij naast min of meer degelijke beleggingen voor hun pensioen ook dikwijls een gokpotje, dat de Sensatiezoeker in hen bevredigt.

De Oldskool Belegger

Wie zich online oriënteert op beleggen, struikelt over artikelen die het belang onderstrepen van een veilige, brede basis van beleggingsfondsen (ETF’s). Maar tot zeker in de jaren tachtig was het gebruikelijk alleen een mandje individuele aandelen te hebben, meestal van Nederlandse bedrijven, en nog wat obligaties, vertelt Joost Schmets van VEB. Enter de Oldskool Belegger, vaak vijftig- of zestigplusser, en man. Die is heus ook geïnteresseerd in ETF’s, maar losse aandelen blijven de hoofdmoot vormen. Schmets: „ETF’s heeft de Oldskool Belegger voor wat extra rendement en steekt hij in een smal mandje aandelen, bijvoorbeeld van tech- of farmabedrijven.”

Met de Sensatiezoeker heeft de Oldskool Belegger echter weinig gemeen, ondanks zijn voorliefde voor losse aandelen. Hij doet grondig onderzoek voordat hij een aandeel koopt. Hij wil de intrinsieke waarde van een bedrijf doorgronden en verdiept zich in kasstroom, schulden, dividendbeleid en ebitda (inkomsten na aftrek van kosten als belasting en rente). En in bredere vraagstukken, zoals vraag, aanbod en concurrentie.

Om bij te blijven, leest de Oldskool Belegger analyses die op bovenstaande leest geschoeid zijn, via platformen als IEX.nl en veb.net. In zijn mandje zitten niet meer alleen Nederlandse aandelen, al blijven die wel de hoofdmoot vormen. Het liefst belegt hij in de eurozone. Schmets: „Vanwege het risico.”

Illustraties Jeltje de Koning