Reportage

Het werk is niet wezenlijk anders, maar aan het Nederlandse arbeidsethos moeten sommige Oekraïners nog wennen

Werken in Nederland Sinds 1 april hebben Oekraïense vluchtelingen vrije toegang tot de Nederlandse arbeidsmarkt. Bijna tienduizend zijn er nu in Nederland aan het werk, onder meer in schoonmaak en bouw.

Sofia Misjtsjenko (links) en Janina Kropyva zijn gevlucht uit Oekraïne en werken nu in een McDonald's in Zwolle.
Sofia Misjtsjenko (links) en Janina Kropyva zijn gevlucht uit Oekraïne en werken nu in een McDonald's in Zwolle. Foto’s Bram Petraeus

Janina Kropyva (40) staat aan het glanzende aanrechtblad in de McDonald’s in Zwolle Noord. Rechts van haar staat een rek vol broodjes: wit, bruin of met pitjes. Links staan de sauzen en de bakjes met komkommer, augurk, ui, kaas en tomaat, iets verderop het vlees. Boven het aanrecht hangt een groot bord met een soort bouwtekening van de verschillende hamburgers. Aandachtig kijkt ze naar een scherm: zodra een bestelling in beeld komt, zet ze bedreven de hamburger in elkaar.

Sinds 12 mei werkt Kropyva, samen met haar Oekraïense collega Sofia Misjtsjenko (34), in de keuken van deze McDonald’s. Totdat ze voldoende Nederlands spreken om bestellingen op te nemen, bestaat hun takenpakket vooral uit het ‘bouwen’ van burgers, waarmee ze 11 euro per uur verdienen. En dat bevalt ze heel erg goed.

Foto Bram Petraeus

Sinds 1 april hebben Oekraïense vluchtelingen vrije toegang tot de Nederlandse arbeidsmarkt. Werkgevers hoeven voor hen geen tewerkstellingsvergunning aan te vragen, die normaal gesproken verplicht is voor werknemers van buiten de EU. Wel moeten zij bij het UWV melden als ze Oekraïners aannemen. Inmiddels zijn 9.615 Oekraïners in Nederland aan het werk. In totaal zijn 61.060 Oekraïners ingeschreven in Nederland, aldus het ministerie van Justitie en Veiligheid.

Kropyva en Misjtsjenko vonden hun baan bij McDonald’s via het Zwolse uitzendbureau Heroyam (‘Aan de helden’), dat speciaal is opgericht voor de Oekraïense vluchtelingen. „Wij zijn tien weken geleden begonnen”, vertellen oprichters Bart Dikkeschei (32) en Hans Drijver (25). „We dachten toen: er komen straks heel veel vluchtelingen die graag willen werken. Met ons netwerk in Zwolle – we zijn hier al lang ondernemer – kunnen we daar goed bij helpen.” Inmiddels hebben meer dan duizend Oekraïense vluchtelingen zich geregistreerd op hun website. Dikkeschei: „Wij hebben drie mensen in dienst die de taal spreken, daarom kunnen we vluchtelingen die geen Engels spreken begeleiden tot op de werkvloer.”

Lees ook deze reportage over werkzoekende Oekraïeners: Met een banenmarkt de Nederlandse bureaucratie wegnemen

Punctualiteit

De Nederlandse familie bij wie Joelia Kyryljoek (37) met haar moeder en twee kinderen in Zwolle woont, bracht haar in contact met Heroyam. In Oekraïne werkte ze, na een studie rechten in haar woonplaats Odessa, bij een bank. Daar hield ze zich bezig met kredietverstrekking aan grote bedrijven. In Zwolle ging ze op zoek naar een baan waar ze aan de slag kan tot ze genoeg Nederlands spreekt om weer bij een bank te werken. Na een intake bij Heroyam kwam ze in de schoonmaak van het Mercure Hotel terecht, waar ze vier ochtenden per week kamers klaarmaakt voor de volgende gasten.

„Ik vind mijn werk heel leuk”, zegt Kyryljoek. „De eerste dag ging iemand van Heroyam mee om te vertalen, dat was handig om het werk goed te leren.” Verder ervaart ze geen communicatieproblemen met haar collega’s: tijdens het werken komen ze er vaak uit door naar delen van de kamer te wijzen, in de pauze voeren ze gesprekken via een vertaalapp. En Kyryljoek probeert zo snel mogelijk relevante Nederlandse woorden te leren, zoals kussen en dekbed.

Van cultuurverschillen heeft ze geen last. „Ik merk geen verschil in werkwijze. En de Nederlanders zijn altijd vrolijk en glimlachen veel. Iedereen op mijn werk is heel aardig.” Wel ziet Kyryljoek een verschil in opvattingen over punctualiteit. „In Oekraïne is een kwartier later niet te laat, terwijl Nederlanders wel eens expres vragen of iemand vijf minuten eerder kan komen. Ik zorg dat ik altijd op tijd ben.”

Veel Oekraïense vluchtelingen zijn net als Kropyva, Misjtsjenko en Kyryljoek via een uitzendbureau aan de slag gegaan, bijvoorbeeld in de schoonmaak of als magazijnmedewerker. Het betreft 40 procent van de meldingen van werkgevers bij het UWV. Ook vonden veel Oekraïners direct werk in de horeca of land- en tuinbouw, in beide gevallen gaat het om 11 procent. De zakelijke dienstverlening – uiteenlopend van softwareontwikkelaars tot architecten – komt met 9 procent op de vierde plek. Daarna volgen de schoonmaak, supermarkten en de bouw.

Maar een ander pad bewandelen kan ook. Tatjana Sjvatska (45), die werkte als loopbaancoach en eventmanager in het Oost-Oekraïense Charkov, werd – na een publicatie in NRC – door twee uitzendbureaus benaderd op LinkedIn voor een baan als jobcoach bij hun bureau. Sinds begin mei is ze bij Brand New Job aan de slag, en vormt ze de schakel tussen Oekraïense vluchtelingen en werkgevers. Sjvatska verzamelt de gegevens, wensen en ervaringen van werkzoekende Oekraïners en probeert hen te matchen met openstaande vacatures. Ze richt zich momenteel vooral op de 160 Oekraïners met wie ze in het voormalig zorgcomplex de Brink wordt opgevangen door de gemeente Roosendaal.

Ze werkt 24 uur per week. „Dat is voor nu genoeg, want de hele dag Engels praten is best vermoeiend”, vertelt Sjvatska in de leefruimte op de begane grond van de Brink. Vrijwilligers sjouwen met matrassen en lattenbodems om nieuwe kamers in orde te maken. De Brink is tevens Shvatska’s werkplek, waar ze ’s ochtends in de gedeelde leefruimte haar laptop openklapt. Ze is blij om weer te werken en andere Oekraïners te kunnen helpen aan een baan die bij ze past.

Wel moet ze wennen aan de Nederlandse mentaliteit over werkdagen. „In Oekraïne werken we gewoon tot het af is, ook als dat overwerken betekent, zonder compensatie. Maar in Nederland beantwoorden mensen hun sms’jes gewoon niet als ze vrij hebben. Ik probeer nu ook echt vrij te nemen, al ga ik natuurlijk wel vragen beantwoorden van mensen die mij ’s avonds aanschieten in het gebouw.”

Sofia Misjtsjenko (links) en Janina Kropyva aan het werk in de McDonald’s.

Foto Bram Petraeus

Lampenwinkel en distributeur van alcoholische dranken

Werken bij McDonald’s is voor Kropyva en Misjtsjenko nieuw: eerder waren ze respectievelijk eigenaar van een lampenwinkel en distributeur van alcoholische dranken. Misjtsjenko is vooral blij na drie maanden weer aan de slag te zijn. Kropyva vindt het werk leuker dan verwacht. „Het is een fijne omgeving met hele aardige collega’s”, vertelt ze. „Het werkproces hebben we zo snel geleerd dat we soms zelfs tijd over hebben tussen bestellingen door.” Die tijd gebruiken ze vooral om met hun collega’s te kletsen, vaak met behulp van een app of losse woorden. Dat helpt, maar soms zit de taal toch in de weg. „Gisteren waren collega’s met elkaar aan het meezingen met Engelse liedjes in de keuken, toen wilde ik graag meedoen, maar dat kon niet vanwege de taalbarrière”, zegt Misjtsjenko .

Martijn Meijer, restaurantmanager van de Zwolse McDonald’s, is blij met de nieuwe aanwinsten van zijn team. „Er zijn minder obstakels dan verwacht. De eerste dag kwam iemand mee om te vertalen bij het inwerken. Sindsdien is het een beetje communiceren met handen en voeten, maar het gaat heel goed. En Sofia en Janina kunnen weer eventuele toekomstige Oekraïense medewerkers trainen.”

Inmiddels hebben de twee van het uitzendbureau hun eerste echte Nederlandse salaris ontvangen. Wat ze daarmee gaan doen? Misjtsjenko weet het wel: „Ik wil een mooie sportfiets kopen.” Daarop kan ze de drie kilometer van de opvang naar haar werk sneller afleggen. Kropyva is meer met de verdere toekomst bezig. „Ik wil op een gegeven moment weer terug naar Oekraïne, daar ga ik voor sparen.”