Opinie

Verzet tegen wokeness is vooruitgang

Kiza Magendane

Al een paar maanden ben ik op zoek naar leden van de Nederlandse woke-beweging. Tevergeefs. Voor wie onder een steen heeft geleefd: steeds meer serieuze stemmen in het Nederlandse publieke debat wekken de indruk dat ze slapeloze nachten hebben als gevolg van ‘woke-terreur’. Ze zouden niet meer vrij zijn om te denken en te zeggen wat ze willen, uit angst om ‘gecanceld’ te worden. Naast politieke partijen als JA21, FVD en BVNL stellen diverse academici en journalisten dat de zogenaamde woke-beweging een fundamentele bedreiging vormt voor onze samenleving.

De nieuwste stem in dit kamp is filosoof Floris van den Berg, die zich met zijn boek Wokabulary verzet tegen de vermeende tirannie van wokeness. „Het probleem van woke is dat je het er voor 100 procent mee eens moet zijn, anders deug je niet”, stelde Van den Berg in een interview in de Kanttekening. Hij ziet zichzelf niet als „anti-woke”, maar als „woke-kritisch”. Het doet denken aan een beroemde politicus die stelt dat hij niet antimoslim is, maar wel islamkritisch. De politicus in kwestie is van mening dat de islam geen religie is maar een ideologie; Van den Berg stelt in het interview dat critical race theory niet wetenschappelijk is. De politicus wil de Koran verbieden, Van den Berg artikel 23 van de grondwet. Zo kunnen theorieën die in zijn ogen onwetenschappelijk zijn geen ruimte in het onderwijs krijgen. Ironie: mensen die zeggen voor vrijheid op te komen zetten in wezen diezelfde vrijheid als een middel in om andere stemmen te onderdrukken.

Het is mij ondanks de vele alarmistische analyses niet gelukt het hoofdkwartier van de woke-beweging te vinden. De dictatuur van wokeness is imaginair – Johan Derksen heeft inmiddels zijn praatprogramma terug.

Als de woke-beweging werkelijk bestaat, dan is het vooral een verzameling van minderheidsgroepen die de maatschappelijke status quo luider bevragen. De kritiek tegen wokeness lijkt zich dan ook vooral te richten op een radicale groep die vanuit een eigen frustratie en ongeduld militant actie voert.

Het zou natuurlijk potsierlijk zijn om je ogen te sluiten voor ontspoorde activisten, die er een dagtaak van hebben gemaakt om mensen voor racisten uit te maken. Ik ken genoeg mensen die daardoor het gevoel hebben dat ze zich over bepaalde vraagstukken niet meer vrijuit kunnen uitlaten. Maar het is net zo potsierlijk om te doen alsof de zogenaamde woke-beweging een monopolie heeft op ontspoorde activisten. Het roept daarom vragen op als iemand zich consequent verzet tegen wokeness, maar ondertussen in alle talen zwijgt over diverse vormen van onderdrukking in de samenleving.

Er zijn valide argumenten om zich tegen ontspoorde elementen van de zogenaamde woke-beweging te verzetten. Het is uiterst gevaarlijk, zoals het commentaar van NRC eerder dit jaar betoogde, als het open debat en een vrije uitwisseling van ideeën onmogelijk wordt gemaakt. Maar naast deze oprechte zorg lijkt de meeste kritiek tegen wokeness eerder op verzet tegen verandering. Er zijn genoeg lieden in onze samenleving die nog niet aan het idee willen wennen dat er voor hun ongemanierde standpunten en discriminatoire gedrag geen plek meer is.

Daarom kan het verzet tegen wokeness als een teken van vooruitgang worden gezien. Kennelijk verschuiven maatschappelijke normen zo snel, dat het voor sommige groepen lastig is om bij te benen. Wij hebben niet alleen auto’s en internetbankieren sneller gemaakt, het is ons ook gelukt om duidelijk te maken dat er voor racisme, homofobie en andere vormen van uitsluiting geen plek is in de publieke ruime. Dat levert zeker slapeloze nachten voor mensen die het recht willen behouden om zich als hufters te gedragen, zonder compassie voor minderheidsgroepen.

Kiza Magendane is politicoloog en schrijft om de week een column op deze plek.