Hoe burgers de Tweede Kamer een handje helpen

Financiën Rijksoverheid Jonge wetenschappers doken maandag met Tweede Kamerleden in de Rijksuitgaven. Een kwestie van burgerzin, vinden ze.

Honderd jonge onderzoekers denken mee met Tweede Kamerleden over wetenschappelijke onderbouwing van politiek beleid.
Honderd jonge onderzoekers denken mee met Tweede Kamerleden over wetenschappelijke onderbouwing van politiek beleid. Foto Koen van Weel/ANP

Jaarverslagen doorspitten – niet meteen iets om een vrije dag aan te besteden. Toch staan er deze maandag in de Tweede Kamer honderd jonge wetenschappers klaar om zich te storten op een dikke stapel rapporten over het financieel beheer bij ministeries en uitvoeringsorganisaties. „Ik moest op mijn werk wel even uitleggen waarom ik vandaag hier ben en niet op m’n werk”, zegt Anja de Bruin, die aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam promotieonderzoek doet naar de vogelgriep.

Sinds 2017 organiseert de Kamer jaarlijks de V-100. De V slaat op Verantwoordingsdag, de ‘derde woensdag van mei’, waarop de Algemene Rekenkamer beoordeelt hoe de overheid geld heeft geïnd en uitgegeven. Niet al te best, bleek vorige week: bijna 19 miljard euro aan uitgaven en verplichtingen is niet goed onderbouwd, flink meer dan vorig jaar.

Lees ook: Rekenkamer bezorgd over snel groeiende uitgaven

De 100 staat voor de 100 burgers die na deze financiële ‘gehaktdag’ door de Tweede Kamer worden uitgenodigd om mee te kijken: zien zij iets wat Tweede Kamerleden zelf niet zien? In verschillende groepjes mogen zij vragen aan het kabinet helpen verzinnen, in overleg met de Tweede Kamerleden. Bij de vorige editie waren er mbo-studenten. Daarna lag het evenement door corona twee jaar stil.

Normaal doet Anja de Bruin stevig ingepakt in een laboratorium onderzoek naar virussen. Vandaag zit ze in een nette bloes gebogen over het onderzoek dat de Rekenkamer deed naar het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Hier zijn is voor haar een kwestie van burgerzin. „Iedereen heeft altijd zijn mening klaar, maar mensen blijven in hun cirkel hangen. Ik wilde nu ook eens wat doen.” Lachend voegt ze eraan toe: „Ik moest van tevoren nog wel even googelen hoe het alweer zit met activa en passiva.”

Kunsthistoricus Jan van Daal, die promoveert op de ‘duurzaamheid’ van Middeleeuwse kunst, ziet parallellen tussen het werk van de Rekenkamer en de twaalfde-eeuwse abt Suger van Saint-Denis. „Suger schreef veel over administratieve zaken. Als je als abt of bisschop slecht omging met het kerkelijke erfgoed of door financieel wanbeleid kerkschatten moest verpatsen, werd dat heel fout gevonden. Je werd geacht goed te zorgen voor je kerk en voor je mensen.”

Ict-problemen

Hun groepje moet zich te buigen over de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO), die betalingen verricht aan studenten en onderwijsinstellingen. De discussie gaat al snel over de grote ict-problemen daar. De Rekenkamer is ook kritisch over de extra miljarden voor het onderwijs om door corona ontstane leerachterstanden weg te werken. Hoe dit wordt uitgegeven is te onduidelijk. Als Tweede Kamerlid Paul van Meenen (D66) even later langskomt voor een tussenstand verwerpt hij die kritiek. „Er wordt nu een beetje de indruk gewekt alsof het weggegooid geld is, maar het welzijn van kinderen is nu eenmaal moeilijk te meten. We hebben hier niet over autowegen.”

Lees ook: Nog altijd leervertraging op basisscholen, maar kwetsbaarste leerling loopt achterstand in

De Rekenkamer riep vorige week ook op om meer aandacht te besteden aan de uitwerking van beleid. Daar is Van Meenen het wel mee eens. „Als politicus is het aantrekkelijker om met nieuwe ideeën te komen dan ingewikkeld te gaan doen over uitvoering. Dat is niet sexy.”

Uitvoeringsorganisaties zoals DUO dreigen daardoor vast te lopen omdat wat in Den Haag wordt bedacht in de praktijk lastig haalbaar blijkt te zijn.

Verderop is een andere groep in de weer met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Ze praten over krapte op de arbeidsmarkt. Als volleerde Tweede Kamerleden beklagen enkele aanwezigen zich erover dat ze de vele dikke rapporten pas donderdag kregen opgestuurd. Zo weinig tijd om zoveel pagina’s te lezen. „Typisch Den Haag”, klinkt het.

Bèta-politici

In het vergaderzaaltje zitten een econoom, een wiskundige, iemand die promoveert op Engelse taal en literatuur. „Ik ben hier vandaag omdat ik bèta’s een stem wil geven in de politiek”, zegt Rianne de Heide, universitair docent wiskunde aan de Vrije Universiteitin Amsterdam. „Ik vind dat er te weinig politici zijn met een bèta-achtergrond, terwijl logisch denken in de politiek heel belangrijk is.”

Pim Mertens werkt bij expertisecentrum ITEM, aan de Universiteit Maastricht. Hij oppert enthousiast oplossingen voor de krapte op de arbeidsmarkt. „Er wordt in Nederland nog steeds sterk gedacht in Randstad versus Randland.” Volgens Mertens zouden ict-vacatures in de Randstad kunnen worden opgevuld door elders in te zetten op thuiswerken.

Tweede Kamerleden Bart Smals (VVD) en Marijke van Beukering (D66) zijn aangeschoven. Smals zegt dat het voor parttimers soms fiscaal onvoordelig is om meer uren te gaan werken. Hij wijst enthousiast naar Rianne de Heide als ze zegt dat „werken moet lonen”. Meaghan Polack, arts-onderzoeker van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), vraagt zich af of er niet meer zaken gemeten moeten worden op sociaal gebied, zoals de uitbuiting van arbeidsmigranten. „Als je niet weet hoe je iets moet meten, dan weet je ook niet wanneer het opgelost is. Wij zijn wetenschappers, we willen dingen meetbaar maken. Dat is ook in de politiek belangrijk.”