Filosoof Lewis Gordon: ‘Culture wars, waar slaat die term op? We denken anders, maar we leven in dezelfde cultuur.”

Foto Universiteit van Amsterdam

Interview

‘Mensen vinden het belangrijker om geen racist gevonden te worden dan om structureel racisme te bestrijden’

Lewis Gordon De eigenzinnige filosoof en Spinoza-hoogleraar Lewis Gordon analyseert termen als wokisme en omvolking. „Culture wars. Waar slaat dat op?”

Het bloedbad heeft hem geschokt, natuurlijk. Maar ook verrast? „Het is niets nieuws”, zegt filosoof Lewis Gordon grimmig over de terrorist die een week geleden een moordpartij aanrichtte onder vooral zwarte bezoekers van een winkel in de Amerikaanse stad Buffalo. Angst dat de witte bevolking wordt „vervangen” – het motief – is een bekend racistisch thema. Gordon: „Het is ook niet voorbehouden aan de Verenigde Staten. Dit racisme heeft een lange geschiedenis. Het is niet te herleiden tot één variabele, het heeft te maken met kolonialisme, religie, gender, klasse.”

Maar de theorie van bewuste ‘omvolking’ door de overheid, is die niet betrekkelijk nieuw?

„Het gaat niet om demografie of aantallen mensen. Het gaat om macht. Ik ken landen waar een witte minderheid een heel gelukkig leven leidt. Maar een racist kan dat niet accepteren, die wil totale dominantie. Hij kan niet leven met het idee dat hij niet langer recht heeft op alles. Een racist denkt dat hij God aan zijn kant heeft, de natuur, de economie, alles. Dat produceert woede als blijkt dat het niet waar is. In zijn opvatting is de samenleving een zero sum game: wat anderen krijgen, maakt mij een verliezer. Zo ga je jezelf een slachtoffer voelen. Het is ongezond om dat idee te laten rondgaan onder een bevolking.”

Rechts heeft van ‘woke’ een scheldwoord gemaakt, een ideologie om te bestrijden

Gordon is Spinoza-hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam, een leerstoel die sinds 1995 jaarlijks wordt bekleed door een buitenlandse filosoof. Dinsdag houdt hij de Spinoza-lezing in Amsterdam. Dit jaar zijn twee academici uitgenodigd voor de leerstoel, als eerbetoon aan de Amerikaanse filosoof Charles Mills (1951-2021), die de leerstoel zou bekleden, maar vorig najaar overleed. De tweede is de Nederlandse Philomena Essed, bekend door haar boek Alledaags racisme (1984), dat recent opnieuw is uitgegeven. Gordons lezing staat in het teken van ‘het verschuiven van de geografie der rede’.

Wat bedoelt u daarmee?

„Ik zet me af tegen het racistische idee dat alleen in het Noorden echt wordt nagedacht. Niet om het denken daar te ontkennen, of naar het Zuiden te verplaatsen of iets dergelijks. Het gaat mij er ook niet om de rede te ondermijnen, maar om te laten zien dat het altijd de hele mensheid is die denkt – een proces dat doorgaat en nooit af is.”

De in Jamaica geboren Gordon, met een Afro-Amerikaanse en joodse achtergrond, is een veelzijdige en eigenzinnige denker. Hij is beïnvloed door het twintigste-eeuwse existentialisme en de fenomenologie, maar put ook inspiratie uit het werk van Nietzsche en Kierkegaard. Hij publiceerde onder meer over de Frans-Martinikaanse schrijver, psychiater en revolutionair Frantz Fanon (1925-1961) en de Amerikaanse socioloog W.E.B. Du Bois (1868-1963). Gordon noemt zich een radicale democraat en „humanistisch” links. In een van zijn recente boeken, Freedom, Justice and Decolonization (2020), hekelt hij de „moralisering” van het debat over racisme. Het accent op morele zuiverheid staat volgens hem politieke actie en hervorming in de weg.

Waar ziet u dat moralisme?

„Overal. Het klassieke liberalism gaat uit van het onjuiste idee dat mensen afgeronde eenheden zijn, in plaats van breekbare en afhankelijke schepselen. Dat brengt moralisme met zich mee. Mensen vinden het belangrijker om geen racist gevonden te worden dan om structureel racisme te bestrijden. Maar het gaat niet om je eigen morele zuiverheid. Het gaat erom de maatschappelijke ordening zo te veranderen dat de uitkomsten van onze gezamenlijke inspanningen niet uitsluitend of in de eerste plaats ten goede komen aan één raciale groep. Racisme is een politiek probleem.”

Het doel is niet dat sommigen privileges afstaan, het gaat om rechten voor iedereen

Gordon doelt ook op de groeimarkt van boeken en cursussen voor witte mensen die hun racisme of ‘privileges’ ontdekken. Zoals de bestseller White Fragility van Robin DiAngelo (hier vertaald als Witte gevoeligheid). Hij heeft bezwaar tegen die benadering. „Het gaat niet om privileges, maar om rechten. Het doel moet niet zijn dat anderen iets afstaan wat ze niet verdiend zouden hebben, maar dat iedereen krijgt waar hij recht op heeft. Mensen die witte suprematie nastreven, willen ook niet hun ‘privileges’ beschermen. Ze willen meer: een vrijbrief om te doen wat ze maar willen, zonder rekening te houden met niet-witte anderen.”

Is moralisme ook de kern van wat ‘wokisme’ is gaan heten?

„Ach, die hele term is een polemisch verzinsel van rechts. Net als ‘politiek correct’. Het woord ‘woke’ was gewoon straattaal voor ‘je ergens van bewust zijn’, ‘een beetje opletten'. Rechts heeft er een scheldwoord van gemaakt, een ideologie die ze kunnen bestrijden. Het is onderdeel geworden van lawfare, strijd leveren met woorden en wetten. Zo kun je alles verdacht maken. Neem de term culture wars. Waar slaat die op? We zijn verschillend en denken anders over zaken, ja. Maar we leven in dezelfde cultuur.”

Gordon is ook kritisch over sommige vormen van antiracisme. Met name over ‘Afropessimisme’, een intellectuele trend die anti-Zwart-racisme ziet als een wezenlijk kenmerk van de mensheid. Gordon: „Het klinkt gek, maar sommige mensen vinden troost in de gedachte dat het niet anders kán. Ik wijs dat af. Het verabsoluteert racisme en plaatst het buiten de geschiedenis. Het speelt racisten alleen maar in de kaart.”

Het zoeken naar een positie als ‘uitzonderlijk gekwetste groep’ verdeelt de mensheid volgens Gordon bovendien in onderdrukkers en onderdrukten. „Dat is geen houdbare positie. Er zijn talloze mensen die niet in een van die categorieën vallen. De tweedeling is schadelijk, it murders humanity.” Mensen, onderstreept hij, zijn geen objecten die zo in te delen zijn. „Een human being is geen ding, being is een onvoltooid deelwoord, het drukt activiteit uit, openheid en communicatie. Ja, hier spreekt mijn existentialisme.”

Om structureel racisme te bestrijden, zegt Gordon, is politieke actie nodig – en dus macht. Ook op dat punt wijkt hij af van een intellectueel links dat in power louter onderdrukking ziet. „Macht kun je ten goede en ten kwade gebruiken. Het laatste is gericht op dominantie, het eerste op het laten groeien van mensen, het openen van mogelijkheden.

„Ik ben het oneens met een overtuiging die sterk heerst bij links, niet alleen in de VS maar in de hele Angelsaksische academische wereld, dat macht inherent slecht is. Dat is onnozel en gaat uit van de naïeve opvatting dat macht identiek is aan dwang. Maar je moet macht niet demoniseren. Power is nodig om te leven, om adem te halen. Het is ook nodig voor politieke actie en om instituties te bouwen voor een gezondere samenleving. Dat is belangrijker dan je goed voelen over jezelf.”

Zijn oog voor complexiteit en voor het open karakter van menselijke relaties houdt ook in dat Gordon geen panklare, uniforme oplossingen ziet. „Politieke actie is het antwoord, maar geen enkele schoen past iedereen. We kunnen niet alles overal op dezelfde manier oplossen. De mensheid is een ongoing project.”

De Spinoza-lezing wordt dinsdag om 20.15 uur gehouden in de Zuiderkerk in Amsterdam.