Komt een berg bij de rechter… Dat is helemaal niet zo gek

Rechtsfilosofie Kan een natuurgebied een rechtspersoon zijn? Dat klinkt misschien gek, maar „eigenlijk is het logisch”.

Een visser in de Mar Menor, Spanje. In 2019 werd een grote demonstratie gehouden tegen de achteruitgang van de waterkwaliteit in de lagune.
Een visser in de Mar Menor, Spanje. In 2019 werd een grote demonstratie gehouden tegen de achteruitgang van de waterkwaliteit in de lagune. Foto Alfonso Duran/Getty Images

Het is de grootste lagune in Spanje. Een gebied in het zuidoostelijke Murcia van bijna vierhonderd vierkante kilometer, door een lange zandbank gescheiden van de Middellandse Zee. Het was een paradijs voor vissen, waterplanten en vogels, maar dreigt door intensieve landbouw en vervuiling een groene soep te worden, overgenomen door algen.

En binnenkort is het binnenmeer Mar Menor (‘de kleine zee’) ook: een rechtspersoon. Een juridische entiteit die rechten heeft en in rechtszaken en andere procedures kan worden vertegenwoordigd als partij, met eigen rechten. Het Spaanse parlement besloot daartoe na een wetgevingsinitiatief dat meer dan 640.000 handtekeningen kreeg van burgers die zich zorgen maakten om de ernstige vervuiling van het natuurgebied. De bijzondere status van het gebied moet nu in een wet worden geregeld.

Het is voor zover bekend de eerste keer in Europa dat een ecosysteem zulke afdwingbare rechten krijgt. Dat is een sterkere positie dan die van een gebied met ‘alleen’ de status van beschermde natuur, nationaal park of Unesco-erfgoed.

Het lijkt misschien vreemd om over een lagune te spreken als een handelend subject. Bij dieren – met name grotere zoogdieren die verwant zijn aan mensen – kun je het je nog voorstellen, maar bij een rivier of berg? Toch is het erkennen van persoonsrechten van natuurgebieden een mondiale trend, die nu ook Europa heeft bereikt.

„Eigenlijk is het logisch wat Spanje nu doet”, zegt Tineke Lambooy, hoogleraar ondernemingsrecht en onderzoeker van ‘rechten van natuur’. „Zulke gebieden praten niet mee aan de tafels waar over hen beslist wordt.” Lambooy, verbonden aan Nyenrode Business Universiteit, zet zich al jaren in voor biodiversiteit en is „gefascineerd” door het verlenen van rechten aan natuurlijke entiteiten. Met collega-hoogleraar Ronald Jeurissen van Nyenrode en de Italiaanse rechtsfilosoof Alex Putzer doet ze onderzoek – te publiceren in het academische Journal of Maps – naar wereldwijde initiatieven om de natuur een stem te geven. Medio juni moet het onderzoek online komen.

Rechten van Moeder Aarde

Het meeste gebeurt in Noord- en Zuid-Amerika. Ecuador legde de rechten van Pachamama (Moeder Aarde) in 2008 vast in de grondwet. Twee jaar later nam Bolivia een Wet van de rechten van Moeder Aarde aan. In Colombia erkende het Constitutioneel Hof het nationale Amazonegebied als een ‘entiteit met rechten’. Dit jaar heeft ook Chili rechten van de natuur verankerd in het concept van een nieuwe grondwet.

Dat kan grote gevolgen hebben. Tot schrik van de nationale industrie haalde het Constitutioneel Hof van Ecuador eind vorig jaar een streep door mijnbouwplannen in een beschermd bosgebied. Het hof beriep zich voor dat vonnis op de bewuste passage in de grondwet.

Inmiddels omvat de database van Lambooy en haar collega’s ruim vierhonderd lokale en nationale voorstellen die in voorbereiding zijn of al zijn aangenomen. 70 procent heeft betrekking op natuur in het algemeen, zeventien op watergebieden (rivier, meer, lagune), dertien op specifieke dieren en planten. Het kan gaan om lokale regelgeving, nationale of federale wetten, inheemse wetgeving, algemeen beleid of uitspraken van rechtbanken. Naast ecologische overwegingen kunnen ook anti-kapitalistische motieven en spirituele of religieuze tradities van inheemse volken meespelen.

In ruim een kwart van die vierhonderd initiatieven gaat het om erkenning van rechtspersoonlijkheid van de natuur. Een spraakmakend voorbeeld is de Turag-rivier in Bangladesh, in 2019 door het nationale Hooggerechtshof aangemerkt als een levend wezen met persoonsrechten. In de Indiase deelstaat Uttarakhand zijn de rechten van de Yamuna-rivier en de Ganges en hun stroomgebied door de rechter erkend (al is dat door de federale rechter opgeschort). Het natuurpark Te Urewera in Nieuw-Zeeland werd vijf jaar eerder als eerste ter wereld bij wet erkend als rechtspersoon. Daarna volgden de Whanganui-rivier en de Taranaki-berg. In al die voorbeelden was het de lokale bevolking die rechtbanken en politiek onder druk zette.

Vreemd? Het concept van een niet-menselijke rechtspersoon stamt uit het Romeinse recht en de Middeleeuwen (persona ficta), toen kerkelijke instellingen die publieke status kregen – en sindsdien talloze andere organisaties, instituties en bedrijven. De kring van entiteiten met rechtspersoonlijkheid is sindsdien gestaag uitgebreid. Dan gaat het om een pragmatische ‘juridische fictie’. Dat is nu dus aan de orde bij een berg of rivier die de status van rechtspersoon krijgt.

Ook van sommige dieren zijn de rechten officieel erkend, meestal door lokale bestuurders. Walvissen en dolfijnen voor de kust van Californië bij Malibu en San Francisco kregen in 2014 van stadsbesturen het recht zich in dat gebied vrij te bewegen. Dat gaat verder dan de verordening van een vangstverbod, dat weer eenvoudig kan worden ingetrokken.

Filosofische rechtvaardiging

Over de filosofische rechtvaardiging van zulke rechten valt nog volop te twisten. Of de onderbouwing ervan ‘biocentrisch’ kan zijn (vanuit het idee dat alles wat leeft van zichzelf rechten heeft) of eerder ‘ecocentrisch’ (op basis van ecosystemen als geheel, waarin niet de mens centraal staat). Of toch antropocentrisch, omdat het tenslotte de mens is die zulke rechten formuleert en waarborgt.

Lambooy zegt: „Het is een andere manier om naar de natuur te kijken, als een levende entiteit met eigen belangen. Onze overheid wil bomen kappen, zoals in Amelisweerd, om een weg te verbreden. Maar die bomen zijn vaak meer dan tweehonderd jaar oud. Wie bekijkt dat plan vanuit het belang van dat rivierbos en zijn bewoners? De natuur is er niet alleen om door ons gebruikt te worden.”

In Europa kreeg dat besef tot nu toe juridisch vooral zijn beslag via de mensenrechten. Het Duitse Constitutioneel Hof beriep zich vorig jaar in een geruchtmakend vonnis op een grondwetsartikel over natuurbescherming, dat tot dan toe een dode letter was gebleven. Het stelt dat de staat „voor toekomstige generaties de natuurlijke levensvoorwaarden en dieren beschermt”. Het hof oordeelde op grond daarvan dat de regering meer moet doen om klimaatdoelen te halen; een vonnis met echo’s van de ook opzienbarende Urgenda-zaak in Nederland.

Maar hoe werkt het in de praktijk? Het waarborgen van rechten van de natuur wordt in de praktijk op verschillende manieren geregeld. Entiteiten kunnen een ‘voogd’ krijgen die hun belangen behartigt. Ook dat heeft een – bitter – historisch precedent, voor volken. In de negentiende eeuw werden Native Americans (toen nog geen staatsburgers) door het Amerikaanse Hooggerechtshof wards genoemd van de federale overheid: semi-autonome volken die voor hun voortbestaan afhankelijk waren van de staat.

Maatregelen afdwingen

Voor natuurgebieden kan een commissie of stichting die functie krijgen. De rechten van de Turag River worden behartigd door een Rivier Bescherming Commissie. In Nieuw-Zeeland hebben lokale Maori zitting in een commissie die toeziet op het Te Urewera natuurpark. Het grote voordeel van die opzet, zegt Lambooy, is dat de natuur via vertegenwoordigers „aan de voorkant kan meebeslissen”, voordat problemen ontstaan en niet pas achteraf.

Er zijn ook andere opties. Omwonenden van een gebied kunnen een recht van petitie krijgen. Daarmee kunnen ze bij autoriteiten maatregelen afdwingen om een gebied beter te beschermen of economische exploitatie te verhinderen. Dat laatste gebeurt nu al vaak in de VS.

En Nederland? Ook hier zijn initiatieven, bij de vervuilde Maas, Amelisweerd en de Waddenzee. Met twee collega’s onderzoekt Lambooy voor de Waddenacademie of het toekennen van rechten aan die zee zou passen binnen de Nederlandse context. Ook werkt ze samen met het lab Toekomstige Generaties, een ngo die zich onder meer voor het gebied inzet.

Gaswinning en geluidsoverlast

Het is volgens hen hard nodig. De Waddenzee voelt de effecten van klimaatverandering, maar ook die van zout- en gaswinning en geluidsoverlast door oefeningen van Defensie. Het toezicht op de zee, Unesco-erfgoed, is vastgelegd in een doolhof van nationale en EU-wetten en in handen van een reeks instanties, van ministeries, provincies en gemeenten tot aan de Trilaterale Waddenzee Samenwerking (met Duitsland en Denemarken).

Die versnippering is een probleem, zegt Lambooy. Een nieuwe Beheerautoriteit Waddenzee, ingesteld door het vorige kabinet, zou dat moeten ondervangen. En dan is er ook nog het Omgevingsberaad Waddengebied, waarin allerlei belangenbehartigers zitting hebben. Lambooy en geestverwanten zien meer in erkenning van de Waddenzee als één rechtspersoon met een eigen mandaat dat de belangen van de zee centraal stelt, vertegenwoordigd door een onafhankelijk bestuur.

Het idee kwam begin dit jaar in de Tweede Kamer aan de orde in een commissievergadering met vier betrokken bewindslieden. Minister Van der Wal-Zeggelink (Natuur en Stikstof, VVD) zegde toe te zullen onderzoeken of een status van rechtspersoon „haalbaar en wenselijk is”, samen met „de andere overheden, beheerders en stakeholders”.

Of het genoeg is om de druk van andere, economische belangen te weerstaan, zal moeten blijken. Lambooy is ervan overtuigd dat „luisteren naar de stem van de natuur zelf en het centraal zetten van de natuurlijke belangen” de aangewezen weg is. Al is het maar uit eigenbelang: „Uiteindelijk gaat misbruik van de natuur ook ten koste van onszelf.”

Correctie (22 mei 2022): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Chili rechten van de natuur had verankerd in de grondwet. Dat moet zijn: in het concept van een nieuwe grondwet. Dat is hierboven aangepast.