Reportage

‘Als het Russische offensief in de Donbas een succes wordt, is Pokrovsk het toetje’

Burgemeester in de Donbas Roeslan Treboesjkin steunde ooit de pro-Russische president Janoekovitsj. Als burgemeester van Pokrovsk, al sinds 2014 vlak bij het front, ziet hij het anders. Toch wordt hij met argwaan bekeken.

Roeslan Treboesjkin is burgemeester van Pokrovsk, een stadje aan de rand van de Donbas. Het dichtsbijzijnde front ligt al sinds de oorlog van 2014 op zo’n vijftig kilometer afstand.
Roeslan Treboesjkin is burgemeester van Pokrovsk, een stadje aan de rand van de Donbas. Het dichtsbijzijnde front ligt al sinds de oorlog van 2014 op zo’n vijftig kilometer afstand. Foto’s Kostyantyn Chernichkin

Roeslan Treboesjkin legt zijn autosleutels op de grond. Ze geven de ligging van Pokrovsk aan. Vervolgens maakt hij met zijn vinger een halve cirkel rond de sleutels. Daar ligt Kramatorsk, daar Slovjansk, daar Lyman, daar Izjoem, daar Marjinka, zegt de burgemeester van Pokrovsk. Het zijn cruciale plaatsen voor de Russische verovering van de Oost-Oekraïense Donbas-regio. „Als het daar een succes wordt, komen de Russen hier. Pokrovsk is het toetje.”

Wacht Pokrovsk dan hetzelfde lot als Boetsja, Irpin, Charkov? Steden die zijn verwoest door het Russische leger? Vreselijk noemt hij de vernietigingen. „Maar dat proces heb ik niet in de hand. We doen wat we nu moeten doen.” Hij pakt zijn autosleutels op en zoekt op het verlaten terrein naar een geschikte plek om honden op te vangen die worden geëvacueerd uit de oorlogsgebieden.

Treboesjkin (46) is burgemeester in oorlogstijd, van een leeggestroomde stad. Met de slag om de Donbas in aantocht riep hij vorige maand de bewoners van Pokrovsk op om te vertrekken. De stad ligt nog net in de provincie Donetsk, die samen met de provincie Loehansk de Donbas vormt, de regio waarvan de ‘bevrijding’ volgens het Kremlin het doel is van de oorlog. De bewoners gehoorzaamden. Van de ruim 60.000 inwoners vertrokken er per bus, auto en trein 25.000 tot 30.000, zegt Treboesjkin.

Verlaten straten, dichte deuren

De burgemeester drinkt een kop koffie in het enige café dat nog open is. Door het raam kijkt hij uit over een leeg centrum. Links de verlaten straten en een speeltuin zonder kinderen. Recht voor hem de dichte deuren van de universiteit. Om de hoek van het café huizen en winkels dichtgetimmerd met schotten voor de ramen. Als Treboesjkin later op de dag terugkeert in het verlaten centrum, kiest hij ervoor om door te rijden. „We kunnen beter hier weggaan. Hier bevinden zich de veiligheidsdiensten, de politie en het gemeentehuis. Dat zijn aantrekkelijke doelen voor Russische raketaanvallen.”

Pokrovsk weet wat oorlog is, al acht jaar lang. Vijftig kilometer ten oosten van de stad ligt het front met aan de ene kant het Oekraïense leger en aan de andere kant de pro-Russische separatisten die na een oorlog in 2014 de zogenaamde Volksrepubliek Donetsk uitriepen, met steun van Moskou. Pokrovsk bleef buiten het oorlogsgeweld. Maar de weg tussen het front en de stad herinnert aan die tijd. Een benzinestation en het gebouw ernaast zijn in puin geschoten. Huizen hebben kogelgaten. Na 2014 verlieten bewoners de streek. Woningen raakten vervallen.

In de stad zelf kwam het toen tot kleinschalige pro-Russische protesten. Het oog van de Donbas heeft zich sinds de Oekraïense onafhankelijkheid in 1991 gericht op Rusland. Bewoners koesterden de economische, culturele en sociale verwevenheid met het buurland.

Maar in 2014 verspeelde Rusland zijn krediet in de regio, vertelt Treboesjkin, die is geboren in Donetsk, de stad die acht jaar geleden werd ingenomen door de separatisten. „Vóór 2014 was 90 procent pro-Russisch, dat werd 50-50. Die acht jaar van Poetins oorlog heeft de Donbas niets opgeleverd. Nu staat nog maar 10 tot 20 procent achter Rusland. Mensen geloven de Russische propaganda over Oekraïense nationalisten niet en ze zien hoe het Russische leger huishoudt in Charkov en Marioepol. Daardoor verliest Moskou in de Donbas steun.”

Veel etalages en winkelruiten zijn uit voorzorg dichtgetimmerd. Foto Kostyantyn Chernichkin

Verwaarloosde wegen

Treboesjkin staat geen seconde stil. Hij praat makkelijk. Als hij niet in gesprek is met een voorbijganger of medewerker, is hij met een van zijn twee telefoons in de weer. Om te bellen of voor het maken van een filmpje voor sociale media. Of hij is onderweg. Als het luchtalarm afgaat, duikt hij niet de schuilkelder in. „Als ik dat telkens doe, krijg ik niks voor elkaar.”

Na zijn kop koffie rijdt Treboesjkin naar een bloemenkwekerij. Daar staan rozen verpakt in dozen voor vluchtelingen uit Pokrovsk die nu elders in Oekraïne verblijven. Hij slalomt tussen de gaten in de wegen, tussendoor bellend met de telefoon in zijn ene hand en het stuur in de andere. Zijn voorganger krijgt de schuld van de verwaarloosde wegen.

Onder hem lagen de wegen er wel goed bij in Pokrovsk, of ze werden gerenoveerd, vertelt hij zichzelf prijzend. Treboesjkin was namelijk al eerder burgemeester van Pokrovsk, tussen 2015 en 2019. Daarna zat hij in het Oekraïense parlement, tot hij in december 2020 terugkeerde als burgemeester van Pokrovsk.

In het parlement maakte hij deel uit van de fractie van het Oppositieblok, de partij die voortkwam uit de uiteengevallen Partij van de Regio’s. Die stond onder leiding van de tijdens de Majdanrevolutie, in 2014, naar Rusland gevluchte president Viktor Janoekovitsj en had vooral aanhang in Oost-Oekraïne.

Ook van deze partij was Treboesjkin lid. ,,Daar zaten veel getalenteerde mensen tussen. Ik werkte eerlijk. De wegen waren goed, de straten waren schoon. Janoekovitsj heeft goede dingen gedaan. Maar het meeste wat hij deed, was verkeerd.”

In de plaatselijke supermarkt is bijna niets meer te koop.

Foto Kostyantyn Chernichkin

Russische spion

Burgemeester in oorlogstijd betekent voor hem dat het gevaar van twee kanten komt, vanuit eigen land en van Russische kant, vertelt hij onverbloemd. Wie zijn tegenstanders in Oekraïne zijn, wil hij niet zeggen, maar volgens hem zijn ze eropuit om hem de macht uit handen te nemen. De Oekraïense geheime dienst houdt hem in de gaten. Ze ondervragen hem, controleren zijn telefoons, beweert hij. „Ze zien mij als een Russische spion.”

Want Treboesjkin wordt een separatistenburgemeester, een pro-Russische agent genoemd, zegt hij zelf. Dat gaat terug tot de Majdanrevolutie, legt hij uit. Het Onafhankelijkheidsplein in Kiev stond in brand, er vielen doden. „Ik was voor een vreedzame oplossing en steunde de ordetroepen in Kiev.” Hij kreeg het etiket anti-Majdan opgeplakt: een tegenstander van de revolutie en een aanhanger van de oproerpolitie, de Berkoet, die door Janoekovitsj was ingezet.

Nog een uitspraak zette kwaad bloed bij de revolutionairen. Na de Russische annexatie van de Krim in 2014 zei hij dat hij „Poetin dankbaar was voor wat hij deed”. In de auto verdedigt Treboesjkin zich. „De annexatie hoort niet, kan niet, maar waar het mij om ging, is dat het zonder bloedvergieten gebeurde. Niemand kwam om.”

Zijn uitspraken maken hem verdacht in uitgesproken pro-Oekraïense kringen. Inmiddels staat hij op een lijst van Myrotvorets, een Oekraïense website die journalisten, politici en anderen aanmerkt als „vijanden van Oekraïne”.

Hij blijft er nuchter onder. „Als je het ene zegt, vinden mensen je pro-Russisch, zeg je vervolgens iets anders dan ben je weer pro-Westers. Ik geef gewoon mijn mening.”

Van mening veranderd

De oorlog heeft zijn politieke standpunten veranderd. „De Partij van de Regio’s was pro-Russisch en pro-Europees. Dat was mijn positie toen, tot 2014. Oekraïne kende de beste jaren toen het met beide kanten bevriend was. Sinds 2014 en nu door de oorlog is Rusland de vijand, de agressor. Het Kremlin zegt dat we broeders zijn, maar doodt wel Russischtaligen in Oekraïne. Hoe kun je dan nog spreken van een relatie? Er is nu maar één oplossing en dat is vechten voor de Oekraïense onafhankelijkheid.” Treboesjkin voelt zich nu verwant met de pro-Europese partij Voor de toekomst, waarvoor hij meedeed aan de lokale verkiezingen.

Het tweede gevaar loert als de Russische strijdkrachten toe zijn aan het toetje Pokrovsk. Al ziet het daar niet naar uit nu de opmars in de Donbas lijkt te verzanden. Treboesjkin kent het lot van collega-burgemeesters die in Russische handen vielen. Ze werden ontvoerd of vermoord. Het zal hem niet overkomen.

Treboesjkin zal de stad op tijd verlaten, zegt hij, als de Russen eraan komen. „Als ik blijf, ben ik een verrader van mijn moederland. Als de Russen me gevangen nemen, zullen ze me dwingen te vertellen op televisie hoe goed de Russische wereld is en hoe slecht Oekraïne is.” Terwijl hij dit laatste zegt, trekt hij met twee rechtervingers denkbeeldig de nagels van zijn andere hand eraf: Russische dwang.