Personeelstekort dwingt easyJet tot creativiteit

Deze rubriek belicht iedere week ontwikkelingen op de beurs. Ditmaal: vliegmaatschappij easyJet.

RL

Fors hogere havengelden, personeelstekorten, chaos op luchthavens. Wie dacht dat de vliegroutine vlug zou terugkeren nu de reisbeperkingen in Europa zijn opgeheven, heeft het mis.

Voor de Britse budgetmaatschappij easyJet, grootgebruiker van Schiphol, is al dat gedoe opnieuw een tegenvaller. Het bedrijf moest in november weliswaar een gehalveerde jaaromzet (1,5 miljard pond, ofwel 1,7 miljard euro) en 858 miljoen pond nettoverlies melden, maar bleek opvallend optimistisch voor boekjaar 2022/23. Topman Johan Lundgren sprak van „hernieuwde kracht” en „winstgevende groei”, op weg naar het niveau van 2019, van vóór de coronapandemie.

Zo ver is het nog niet, zegt analist Ruxandra Haradau-Döser van Kepler Cheuvreux. „Met dank aan de paasvakantie herstelde het verkeer op Frankfurt Airport, een van de belangrijkste Europese luchthavens, zich in april tot 66 procent van het niveau van voor de crisis. Dat ligt volgens ons nogal aan de onderkant van de marktverwachtingen. Luchthavens met veel recreatief verkeer hadden in april waarschijnlijk een sterker herstel.”

Dat de luchtvaartsector nu aantrekt, komt volgens Haradau-Döser vooral door vluchten vol vakantiegangers en mensen die na lange tijd weer familieleden in het buitenland opzoeken. Maar het zakelijk verkeer, ziet ze, ligt op ongeveer de helft van wat het voor corona was.

Hogere brandstofkosten

Samen met de hogere brandstofkosten, de inflatie, het goeddeels wegvallen van Russische en Oekraïense passagiers vanwege de oorlog, en de maanden waarin de omikronvariant van het coronavirus nog voor reisbeperkingen zorgde, doet dit de beurskoers van easyJet geen goed. Het aandeel heeft dit jaar zo’n 18 procent ingeleverd.

Wat verder meespeelt: de aanzienlijk hogere vergoedingen die easyJet sinds kort moet betalen voor het gebruik van luchthavens. Die havengelden stijgen op Schiphol de komende drie jaar met bijna 40 procent. Dat leidde tot een conflict met een aantal gebruikers, waaronder easyJet, maar ook de rechter besliste in het voordeel van de luchthaven.

Toch is het optimisme van topman Lundgren wel ergens op gebaseerd. „We zien in Europa een heel sterke opleving van vakantievluchten, precies een markt waar low budget carriers als easyJet op mikken”, ziet Rico Luman, sectoreconoom luchtvaart bij ING. „Ofschoon duurdere brandstof de tickets duurder maakt, zijn veel mensen die hun vakantie hadden uitgesteld nu bereid het gespaarde geld uit te geven.” En daarvan profiteert easyJet, dat vorig jaar vanaf 153 luchthavens in en nabij Europa vloog.

Wel dient zich al een volgend probleem aan: het personeelstekort op luchthavens en bij luchtvaartmaatschappijen. Het leidde in april ook bij easyJet tot noodgedwongen annuleringen, en het zal naar verwachting nog maanden aanhouden. Luman: „De benodigde mensen zijn door corona iets anders gaan doen. Dit terug op niveau krijgen, is nog wel een uitdaging. En het gaat hard met de boekingen.”

Analisten zijn benieuwd wat er gaat gebeuren in de voor easyJet belangrijke zomermaanden. Vorige week kwam het bedrijf (ruim 13.000 werknemers, 4.000 piloten, 7.000 cabinemedewerkers) met een creatieve oplossing: het verwijdert de achterste rij stoelen uit zijn Airbus A319-vloot. Dat verlaagt het aantal zitplaatsen voor passagiers van 156 tot 150, maar daardoor kan easyJet met drie in plaats van vier cabinemedewerkers vliegen. Zo voldoet het aan de wettelijke voorschriften, gebaseerd op aantal stoelen in plaats van passagiers aan boord. Een oplossing voor de lange termijn lijkt het niet echt.

EasyJet presenteert donderdag de halfjaarcijfers.