Profiel

Ze komt op voor moslims en wordt daarvoor verguisd

Bekende buitenlanders Een rubriek over mediapersoonlijkheden van over de grens. Deze week: Rana Ayyub, verguisd in Modi’s kringen, maar buiten India geprezen als voorvechtster van moslimrechten.

De Indiase journalist Rana Ayyub in 2016.
De Indiase journalist Rana Ayyub in 2016. Foto Chandan Khanna/AFP

Rana Ayyub stond eind maart klaar om naar Londen te vliegen voor een speech over intimidatie van journalisten, toen duidelijk werd dat ze de luchthaven van Mumbai niet mocht verlaten: ze werd gedagvaard vanwege een fraude-onderzoek. De beschuldiging dat ze publieke gelden en donaties zou hebben misbruikt voor eigen onkosten, is volgens analisten een bekende truc. Dit nadat eerder haar banktegoeden al eens waren bevroren, en zij zich meermaals in de rechtbank moest verdedigen in smaad- en lasterzaken. De Indiase staat lijkt zeer bedreven in het ontwrichten van het dagelijks leven van de vrouw die door internationale journalistenorganisaties wordt geprezen om haar compromisloze houding tegenover autoriteiten.

De 37-jarige Rana Ayyub is journalist, vrouw en moslim – delen van haar identiteit die in India steeds meer in de verdrukking komen. Zelf vindt ze daarin de motivatie om verslag te doen van het groeiende hindoe-nationalisme in haar land. Ze begon haar carrière als onderzoeksjournalist, en werkte aan een project over de achtergronden van de tegen moslims gerichte geweldsuitbarsting in de deelstaat Gujarat in 2002, waarbij honderden moslims werden gedood. In het resulterende boek, Gujarat Files (2016), noemt zij onder anderen de toenmalige deelstaatminister Narendra Modi medeplichtig aan het propageren en faciliteren van anti-moslimpropaganda. Nu Modi president is ziet zij hoe moslimhaat steeds verder genormaliseerd wordt.

Dat kan ze niet kwijt in de meeste Indiase media, die weinig kritisch staan tegenover de regering en daarom bekend staan als ‘godi media’: hindi voor media als ‘schoothondjes’.

Waarom moet een journalist ‘dapper’ zijn om zijn of haar werk te doen en gewoon te vertellen wat waar is?

The Washington Post

Ayyub is uitgeweken naar het platform Substack, waar ze een wekelijkse nieuwsbrief verstuurt. Op het digitale briefpapier prijkt een getekend portret met haar dikke bos krullen. Traditionele media die haar werk publiceren, zijn voornamelijk buiten India gevestigd, zoals The Washington Post.

Het gefragmenteerde medialandschap van India komt misschien alleen nog tezamen op Twitter, waar hevige discussies worden gevoerd. Daar volgen 1,5 miljoen mensen het account van Ayyub – ongetwijfeld inclusief de vele bots die worden ingezet voor online intimidatie. Ze was ook doelwit van Tek Fog, een app die volgens de onafhankelijke nieuwswebsite The Wire werd gebruikt door campaigners van Modi’s regeringspartij BJP om desinformatie tegen critici te verspreiden. Ayyub werd ook ‘geveild’ via de Bulli Bai-app, een platform waarop Indiase bekende vrouwen, veelal moslima’s, publieke werden vernederd.

Lees ook: Honderden Indiase moslimvrouwen ‘geveild’ in gecoördineerde cybercampagne

Vooralsnog lijkt Ayyub haar standvastige houding niet te laten varen. Toch heeft ze afgelopen maanden meermaals duidelijk gemaakt hoeveel energie dat vraagt. In een essay ter gelegenheid van de Internationale Dag voor de Persvrijheid (3 mei) in The Economist, schrijft ze: „We wisten heus dat journalistiek een onconventionele roeping was, die ons soms dagen achtereen aan het werk zou houden [...], maar we zijn nooit gewaarschuwd voor de zenuwinzinkingen.”

Ze refereert in het stuk aan zichzelf, maar ook aan collega’s als de Filippijnse Nobelprijswinnares Maria Resa, die een vergelijkbaar profiel heeft – in eigen land verguisd, daarbuiten geprezen. Waarom moet een journalist ‘dapper’ zijn om zijn of haar werk te doen en gewoon te vertellen wat waar is?, vraagt Ayyub zich af. Normaliseren redacties, collega’s en organisaties met dat predicaat niet de vervolging of intimidatie van de verslaggevers in het vizier van steeds vijandiger overheden?

In het Indiase nationale debat is weinig geduld voor bespiegelingen over zaken als de stand van de journalistiek. Deze maand berichtten alleen nieuwere, onafhankelijke digitale platformen over de neergang van de persvrijheid in het land. De organisatie Reporters Sans Frontières zette India op de World Press Freedom Index acht plekken naar beneden: van plek 142 vorig jaar naar 150, onder meer vanwege de dertien verslaggevers die sinds januari dit jaar achter tralies zijn verdwenen.

De vanuit het liberale Westen toegewuifde lof hield Ayyub dit jaar mentaal overeind, schrijft ze in haar essay. Maar die lof biedt geen concrete bescherming tegen de aanhoudende tegenwerking waarmee ze in het dagelijks leven te maken heeft. Voor Indiase media die optiek van de regering delen staat Ayyub te boek als anti-hindoe, een Westerse knuffel-progressieveling en bovendien als financiële crimineel.

Om zich te verweren in de rechtszaal kan Ayyub, dankzij haar publieke profiel, goede advocaten in de arm nemen. Ze is zich bewust dat haar „miskende, onbekende vakbroeders” zich dat niet kunnen veroorloven. „In de anonimiteit en zonder bijstand kunnen zij worden vervolgd en vermoord”.