Reportage

Seks, drugs en een basisinkomen op theaterfestival Spring

Theater Tijdens het Utrechtse festival Spring word je als toeschouwer regelmatig in ongemakkelijke situaties gemanoeuvreerd, waar je wordt geconfronteerd met knellende taboes. Het levert waardevolle, bevrijdende kijkervaringen op.

Beeld bij de voorstelling ‘The Narcosexuals’ van Dries Verhoeven.
Beeld bij de voorstelling ‘The Narcosexuals’ van Dries Verhoeven. Foto Willem Popelier

‘Other people go to Disneyland; I do this.” De naakte jongen achter het venster kijkt me leeg aan, met wijd opengesperde ogen. Dan draait hij zich van me weg. Een andere naakte jongen brengt met een pipetje een druppeltje vloeistof naar zijn mond, spoelt het weg met Fanta. Iemand hangt wild aan de lampen aan het plafond; een ander ligt uitgeteld in de vensterbank. En vijftig meter verderop rijdt een volgepakte intercitytrein richting Amsterdam.

The NarcoSexuals, de nieuwe voorstelling van Dries Verhoeven, is een vervreemdende theatrale chemsex-peepshow. Zeven naakte jongens voeren doorlopend een zinnelijke choreografie uit, terwijl ze in een simultaan uitgesproken monoloog een inkijkje geven in de motieven die schuilgaan achter de chemsex-cultuur, waarbij drugs worden ingenomen om de seksuele ervaring te versterken. Ze zitten in een inwisselbaar appartement aan de rand van de stad, de toeschouwers lopen eromheen en kijken door de ramen naar binnen. Via koptelefoons horen we hun stemmen.

Lees ook de recensie van ‘Fuck me’ van Marina Otero, de openingsvoorstelling van Spring

Zoals vaker op het Utrechtse theaterfestival Spring, ben je als bezoeker nooit alleen maar toeschouwer. Aanvankelijk voel je je voyeur, in de onbeschaamdheid waarmee je dit tafereel gadeslaat. Het heeft iets comfortabels: de performers zitten achter glas en muren, maar via de koptelefoon waan je je er toch veilig middenin. Tegelijkertijd hebben de performers iets provocatiefs, zoals ze schaamteloos oogcontact met de toeschouwers maken terwijl ze tegen meubelstukken schuren of elkaar liefdevol bij hun intieme delen vasthouden. Alsof wij niet naar hen kijken, maar zij meewarig naar ons. Zij voelen zich vrij en onschendbaar. Ja, ze lopen risico, maar misschien hoeven ze niet per se negentig jaar oud te worden?

Hetero-normatief

Zo is The NarcoSexuals ook expliciet een maatschappelijke aanklacht. Homo-emancipatie heeft zich in de laatste decennia ontwikkeld tot een vage variant daarvan: zolang iemand volgens hetero-normatieve waarden homoseksueel is, is er geen probleem. Dat wordt onderstreept door de locatie van deze theatrale installatie: alleen ver weg van het bruisende stadsleven, kunnen deze jongens doen wat ze willen. Waar forenzen in volle treinen voorbijrazen zonder het te (willen) zien.

The NarcoSexuals is tegelijkertijd bevrijdend en ongemakkelijk in de manier waarop het taboes inzichtelijk maakt. Dat geldt ook voor de nieuwe voorstelling van Julian Hetzel, die net als Verhoeven op het snijvlak van theater en beeldende kunst opereert en inmiddels vaste prik op het festival is. In There Will Be Light stelt hij sociaal-maatschappelijke problemen aan de kaak en denkt hij na over alternatieve economische systemen.

Gedurende het festival maken zeventig personen kans op een ‘basisinkomen’, een bedrag van 15 duizend euro. Om de verhoudingen op scherp te zetten beslist een jury van daklozen naar wie het geldbedrag gaat. Uit een reeks een-op-een-gesprekken waar het publiek getuige van is, wordt dagelijks één iemand gekozen die door mag naar de laatste ronde op 20 mei. Daar wordt uiteindelijk gekozen wie het geld krijgt.

Inkomen als ‘mentale ruimte’

Zoals vaker weet Hetzel via een ongemakkelijk contrast juist de nuances te belichten: want wie heeft het meeste recht op de ‘mentale ruimte’ van een jaar lang financiële zekerheid? Hoe ambigu is het om tegenover een dakloze het recht op een jaarinkomen te verdedigen? Het is verleidelijk snel te oordelen, maar Hetzel nodigt in de verstilde setting – tussen opblaasdieren en strandstoeltjes op een artificieel strand – juist uit om er dieper over na te denken. Hetzel confronteert zijn toeschouwers met een boeiende denkoefening, al is There Will Be Light in vergelijking met zijn eerder werk ook vrijblijvender.

In The Waves stelt theatermaker Khadija El Kharraz Alami in een theatraal ritueel de vrouwelijke schoonheid centraal. Toeschouwers kunnen kiezen uit vijf startplekken, verspreid door de binnenstad: op al die plekken voert een andere vrouw in fel fluorescerend kostuum een verstilde bewegingssequentie uit die voor-sorteert op de gezamenlijke bevrijding waar de performance naartoe werkt. Na een klein uur begeven de performers zich naar de theaterzaal, waar ze liefdevol worden gewassen en in een combinatie van dans, zang en taal hun bevrijding vormgeven. Dat gaat soms schuchter en vol ingehouden pijn, soms vurig, dan weer extatisch en heerlijk schaamteloos.

De vrouwen beginnen ingetogen in de publieke ruimte en komen vervolgens tot wasdom in de beschutting van een verduisterde theaterzaal. Je gunt ze dan eigenlijk nog een derde deel: bevrijd en krachtig terug naar buiten, het volle licht in.