Toeslagenouders lopen boos de Kamer uit tijdens debat

Toeslagenaffaire Veel Kamerleden waren ontevreden na het debat over bij ouders weggehaalde ‘toeslagenkinderen’. Rutte vroeg om meer geduld.

Van de publieke tribune van de Tweede Kamer, waar gedupeerden van de Toeslagenaffaire zaten, kwamen verontwaardigde geluiden.
Van de publieke tribune van de Tweede Kamer, waar gedupeerden van de Toeslagenaffaire zaten, kwamen verontwaardigde geluiden. Foto Sem van der Wal/ANP

‘Hou op!”, klonk het donderdag vanaf de publieke tribune van de Tweede Kamer, waar gedupeerden van de Toeslagenaffaire zaten. Premier Mark Rutte (VVD) had net gezegd dat er geen „eenvoudig verband” te leggen is tussen de affaire zelf, waarin duizenden burgers ten onrechte van fraude werden beschuldigd, en het feit dat de kinderen van ‘toeslagenouders’ ogenschijnlijk vaker uit huis zijn geplaatst.

Veel ouders hebben geen vertrouwen meer in de afwikkeling van de Toeslagenaffaire

Er kwamen tijdens het debat over die uithuisplaatsingen vaker verontwaardigde geluiden vanaf de tribune. Toen Rutte zei dat rechters niet „lichtzinnig” het besluit nemen om kinderen bij hun ouders weg te halen. En toen hij zei dat hij de uithuisplaatsingen niet een even groot schandaal vindt als de Toeslagenaffaire, zoals Wybren van Haga stelde.

Het was het soort debat waarbij Kamerleden hun kritiek vooral op de premier richtten en minder op elkaar. Vaak klonken dezelfde kritische vragen: waarom heeft het kabinet de uithuisgeplaatste toeslagenkinderen nog niet in beeld? In oktober werd bekend dat er zeker meer dan duizend toeslagenkinderen uit huis waren geplaatst. Woensdag publiceerde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) nieuwe cijfers: tussen 2015 en 2021 zijn 1.675 kinderen van toeslagenouders uit huis geplaatst. En waarom duurt het zo lang voordat de ouders worden geholpen met het terugkrijgen van hun kinderen of, als dat niet mogelijk is, op z’n minst met herstellen van het contact?

Doorzettingsmacht

Sinds april is er een ondersteuningsteam voor die ouders. Veel Kamerleden maakten duidelijk dat ze daar ontevreden over zijn. Niet in de laatste plaats omdat dit team niet de bevoegdheid heeft uithuisgeplaatste kinderen weer naar huis te halen. „Waarom is er geen team met doorzettingsmacht?”, vroeg Kamerlid en oud-CDA’er Pieter Omtzigt. „Waarom moeten ouders wéér een keer procederen om hun kind terug te krijgen?”

Waarom moeten ouders wéér een keer procederen?

Pieter Omtzigt Kamerlid

Omtzigt wees erop dat de Kamer in november om een onafhankelijk onderzoek naar de uithuisplaatsingen heeft gevraagd, en om een voorstel om ouders en kinderen te herenigen. „Beide zijn er nog niet. Er is alleen een onderzoek van de Inspectie Justitie en Veiligheid, maar die heeft dit tien jaar lang laten gebeuren. En er is nog geen kind terug door de acties van het kabinet. Geen enkel kind.”

VVD-Kamerlid Ruud Verkuijlen kreeg het even zwaar te verduren tijdens het debat. Hij hield zijn maidenspeech, zijn eerste toespraak in het parlement. Het is een ongeschreven regel dat andere Kamerleden dan geen vragen stellen. Verschillende Kamerleden ergerden zich eraan dat zij uitgerekend bij dit debat geen kans hadden om vragen te stellen aan de VVD. „De VVD, die de grootste partij is in deze Kamer, hoofdverantwoordelijke was voor het kabinet dat is gevallen over het Toeslagenschandaal, en die de minister-president levert die zegt dat het nog jaren gaat duren voordat het is opgelost”, zei SP-leider Lilian Marijnissen verontwaardigd.

Omtzigt stelde voor om Verkuijlen na zijn spreektijd tóch vragen te stellen, maar die zei „toch graag” aan de traditie te willen vasthouden. Daarop klonk gesis vanaf de tribune en liep een groot deel van de toeslagenouders die daar zaten weg, om pas weer terug te komen nadat Verkuijlen was uitgesproken. Later in het debat zei Verkuijlen zijn beslissing te „betreuren”. Hij stelde voor om zijn collega’s alsnog de gelegenheid te geven hem te bevragen. Die maakten daar dankbaar gebruik van.

Rechters slaan alarm over jeugdhulp en andere ‘buikpijndossiers’ die doen denken aan de Toeslagenaffaire

Uiteindelijk werd premier Rutte veel gretiger geïnterrumpeerd. Die nam het op voor de Jeugdzorg en voor de rechtspraak. Ook bleef hij herhalen dat hij vindt dat het kabinet wél voortvarend is geweest in het bieden van geschikte hulp aan toeslagenouders van uithuisgeplaatste kinderen. „Het is onbegrijpelijk dat een liberaal zo laconiek reageert op deze situatie”, zei Pepijn van Houwelingen (FVD). „De staat moet worden weggedréven uit die gezinnen.”

Geen schild voor zwakkeren

Rutte erkende dat de overheid in de Toeslagenaffaire „niet het schild voor de zwakkeren is geweest”. En hoewel hij geen duidelijk verband zei te zien tussen de affaire en de uithuisplaatsingen, erkende hij wel dat er in verschillende gevallen een link zou kunnen zijn. Het was niet genoeg. Omtzigt zei dat hij wilde dat de zaken van alle uithuisgeplaatste kinderen voor de zomer opnieuw worden beoordeeld. „Desnoods ga ik hier de hele zomer door en ben ik hier elke week beschikbaar om daarover te spreken.”

„Als het later nodig is, gaan we kijken naar die doorzettingsmacht”, zei Rutte. „Maar geef dat ondersteuningsteam nou eerst een kans. De mensen die ermee bezig zijn zeggen dat het werkt.” Hij erkende wel dat de overheid moet uitzoeken om welke uithuisgeplaatste kinderen het gaat. „Dat zijn we nu aan het regelen, maar niet om vervolgens te zeggen dat we voor een bepaalde datum alle zaken hebben herbeoordeeld. Dat kunnen wij helemaal niet beloven.”

Aan het eind van het debat werden er moties ingediend over het versnellen en verbeteren van de hulp aan de ouders van de uithuisgeplaatste kinderen, en moties over het hervormen van het jeugdzorgstelsel. Omtzigt diende een initiatiefnota in, waarin hij onder meer voorstelt om een meldpunt op te zetten voor ouders die problemen hebben met de jeugdzorg. Toch sloten veel Kamerleden het debat ontevreden af. Marijnissen: „Als je de ouders na vandaag vraagt: hebben jullie nu het idee dat jullie concrete oplossingen hebben gekregen? Dan is het antwoord natuurlijk nee.” Dinsdag wordt er gestemd over de moties.