Opinie

Een time-slot voor toegang tot de binnenstad is al geen sciencefiction meer

Massatoerisme

Commentaar

De wegen van de Bollenstreek slibden de afgelopen weken regelmatig dicht. Talloze toeristen uit binnen- en buitenland konden zich op en rond de Keukenhof eindelijk weer vergapen aan de Hollandse bloemenpracht. Vijfentwintig kilometer verderop, in een volgepakt hart van Amsterdam, wurmden horden bezoekers zich door de Negen Straatjes of schuifelden voetje voor voetje over het Damrak en de Wallen. De optocht langs badeendjes, kazen, wafels en wietzaad, terug van weggeweest, is kleurrijk, maar wordt niet door iedereen in Amsterdam gewaardeerd – en steeds minder door de lokale bevolking.

De donkere maanden van de lockdowns lijken ineens ver weg, nu de wereld weer in beweging is gekomen. Niet alleen met drommen tegelijk naar toeristenmagneten als Lisse of Amsterdam. In de vertrekhallen van Schiphol verliezen uitgaande reizigers hun geduld in lange rijen bij de incheckbalies, op weg naar een Zuid-Europese zonbestemming of nog verder, naar Azië, de Verenigde Staten of Zuid-Amerika. Van de Rockies tot de Rambla, van Piccadilly Circus tot de Piazza San Marco of Phuket. Gewoon, omdat het weer kan. Omdat het weer mag.

Na ruim twee jaar ‘corona’ voelen miljoenen mensen zich bevrijd van alle beperkingen die hun door het virus werden opgelegd. En als de signalen niet bedriegen verschilt de post-pandemische wereld niet wezenlijk van die van vóór de uitbraak van het virus, eind 2019. Niets duidt erop dat de gedwongen pas op de plaats door de pandemie, en alle overpeinzingen die daar het gevolg van waren, tot gedragsveranderingen leiden. Tijdens de pandemie hielden sommigen hun eigen gewoonten tegen het licht, en de noodzaak van al die vliegreizen; niet alleen om de verspreiding van het virus tegen te gaan, maar ook met het oog op de versnellende verandering van het klimaat. Moeten we nog naar Londen vliegen? Twee keer per jaar naar de zon? Vliegen naar de sneeuw? Was de samenvloeiing van verschillende crises, met wereldwijde impact, geen boodschap die smeekte om aanpassing van onze levensstijl?

Misschien is het tegendeel zelfs waar en rekt dit menselijk inhaalgedrag – we mogen weer! – de oude grenzen verder op dan ooit, met nog meer vliegkilometers, meer vakanties, en verder weg, op jacht naar welverdiend vermaak. Fietsen op de Veluwe of wandelen over een Waddenstrand kennen we nu wel, de buren zijn naar de Seychellen of gaan eilandhoppen in Belize, ze klimmen in de Andes of doen Montreal als stedentrip – en trouwens, fotogeniek Nieuw-Zeeland heeft de grenzen eindelijk ook weer geopend.

Waar vakanties ooit noodzakelijk werden geacht om even uit te rusten van het drukke leven lijkt reizen nu vaak een statussymbool. En in plaats van ontspanning eisen veel moderne reizigers hetzelfde vermaak, maar op een andere plek. Het leidt tot monocultuur, vergelijkbare vakanties tegen een iets ander decor. En er moet bereik zijn.

De snelle terugkeer naar het oude normaal roept tal van vragen op bij hen die hadden gedacht, of gehoopt, dat de pandemie misschien een keerpunt zou zijn. Is het denkbaar dat de logistieke expansie ooit klaar is? Meer vliegbewegingen van een groeiend aantal toeristen, vanuit steeds meer landen – eigenlijk kan de wereld dat niet meer aan. Het heeft wel degelijk invloed op het klimaat. Een luchthaven als Schiphol kan niet altijd blijven groeien. Populaire bestemmingen als nationale parken, skidorpen, steden als Venetië of Amsterdam worden onleefbaar onder die druk, de dagelijkse stromen langs de souvenirs, de bars, de terrassen en de tentjes voor een snelle hap. Zonder nieuwe ideeën is het onvermijdelijk dat pittoreske bestemmingen veranderen in pretparken. De publieke ruimte is niet oneindig exploiteerbaar.

Het lijkt op dansen op een vulkaan. Een wereld zonder massatoerisme is moeilijk voorstelbaar, maar nadenken over een vermindering van het aantal plezierverplaatsingen zou meer moeten zijn dan een nuttige gedachtenoefening. Voor de bestemmingen die kraken onder het gewicht van de massa’s, is dit al lang geen sciencefiction meer. Het klinkt misschien futuristisch, maar zonder aanpassingen kan een time-slot voor een hele binnenstad dichterbij zijn dan menig toerist nu denkt. Na een eerdere ingreep in het Airbnb-beleid wil de gemeente Amsterdam strenger optreden om de overlast in het Wallengebied te beteugelen. Daar ís al vastgesteld dat deze vorm van toerisme niet strookt met de leefbaarheid van de stad. Het is een mooi moment om eens grondig na te denken over de toekomst van een post-toeristische stad. Wellicht luidt straks een van de conclusies wel, zoals we eerder zagen met de pandemie, dat de globalisering grenzen kent.