Opinie

Echte gelijkwaardigheid

Floor Rusman

Toen ik nog op de Haagse redactie van NRC werkte, zes jaar geleden, passeerde ik onderweg naar de Kamer soms een groepje anti-abortusdemonstranten. Ik vond ze een grappig curiosum, aandoenlijk bijna: dat je zo toegewijd bent aan een verloren strijd. Hallo guys, dacht ik, het is 2016 – ga lekker iets leukers doen!

Dat dit helemaal geen verloren strijd is, bleek deze week in de VS, waar een concept-uitspraak van het Hooggerechtshof uitlekte die het landelijk recht op abortus zou terugdraaien. Ook in Nederland breidt de abortuskritiek zich uit tot buiten orthodox-religieuze kringen. Isa Kriens van Moederhart verzuchtte op Instagram dat „abortus ten onrechte is verworden tot ‘een recht’”.

Over de hele wereld is een ‘terugstoot’ gaande tegen vrouwenemancipatie, schreef socioloog Abram de Swaan in Tegen de vrouwen (2019). Die terugstoot zag hij zowel onder conservatieve gelovigen (van Brazilië tot IS) als onder ‘rechtsisten’.

Maar er is ook een tegengestelde trend. Terwijl elders de tijd wordt teruggedraaid, is hier de emancipatie juist versneld. Sinds een paar jaar vinden we het niet normaal meer dat de man de maat der dingen is: dat hij bepaalt wat leuke grapjes en gepast gedrag zijn, dat de medische wetenschap op het mannelijk lichaam is gericht, dat besturen, panels en jury’s soms alleen uit mannen bestaan.

Dit is een enorme mentaliteitsverandering. De nineties en zeroes, de decennia waarin ik opgroeide, waren achteloos seksistisch. Ik wist niet beter dan dat vrouwen allereerst op hun uiterlijk werden beoordeeld. Ver vóór mijn eerste zoen kocht ik al strings, bekend uit Sisqo’s lyrische Thong Song (1999). De eerste keer dat ik uitging, in 2001, zat ik onwennig op een barkruk terwijl Schudden van Def Rhymz werd gedraaid. „Tot de grond/ Schudden met die kont”, zong hij, en: „Wat zie jij er heerlijk uit/ Ik wil je opeten net als fruit.” Zulke nummers zijn er nog steeds, maar jongeren krijgen nu óók liedjes van superster Billie Eilish te horen, die zingt over hoe haar lichaam wordt geobjectificeerd. Vrouwen worden nog steeds op hun uiterlijk beoordeeld, maar dat blijft niet meer onbeantwoord.

Zelf liep ik bij deze verandering niet voorop, moet ik bekennen. Veel feministische klachten vond ik aanvankelijk gezeur. Dat de medische wereld is ingericht op het mannenlichaam, ja, dat ‘is nu eenmaal zo’. Ik herinner me dezelfde gedachte bij het lezen, in 2014, van Francisca Wals’ opiniestuk over de mannelijkheid van onze taal. Als het over ‘de mens’ gaat, of ‘de schrijver’ of ‘de filosoof’, dan is dat altijd een hij, schreef Wals.

Dit soort kritiek wás geen gezeur, het waren belangrijke stappen op weg naar echte gelijkwaardigheid. Met dank aan de jongste generatie feministen is dit voor veel vrouwen de allerbeste tijd om in te leven.

Maar dat geldt dus niet overal. In Afghanistan mogen meisjes sinds de terugkeer van de Taliban niet meer naar school, in Indonesië gelden voor vrouwen steeds strengere kledingvoorschriften, in Polen is abortus sinds vorig jaar bijna onmogelijk, in Brazilië neemt geweld tegen vrouwen toe sinds Bolsonaro’s presidentschap. Die ‘terugstoot’ is soms een reactie op de vrouwenemancipatie, schreef Abram de Swaan: „Mannen die hun heerschappij over vrouwen geleidelijk zien afbrokkelen ervaren dat als een schrijnend eerverlies.”

De Swaan ziet die terugstoot als een stuiptrekking, een kleine tegenslag op weg naar de onvermijdelijke overwinning van de vrouwen. Ik vind dat een fijne, hoopvolle gedachte, maar ik weet niet of ik erin geloof. De historicus Timothy Snyder noemt deze denktrant in zijn boek The Road to Unfreedom ‘de politiek van de onvermijdelijkheid’: het geloof, vooral dominant na de val van de Muur, dat de vooruitgang niet te stoppen is. De wereld is volgens dit geloof onstuitbaar onderweg naar een steeds betere, steeds rechtvaardiger versie van zichzelf. The arc of the moral universe bends towards justice, zoals Martin Luther King zei.

Toch wachtte King zelf niet rustig af tot die boog z’n bestemming zou bereiken: hij begreep dat hij daar zelf iets voor moest doen. En zoals feministen de laatste emancipatiegolf hebben ontketend, zo organiseerden conservatieve politici en opiniemakers de terugstoot.

Vooruitgang is niet vanzelfsprekend. Het is mensenwerk, net als het terugdraaien ervan.

Floor Rusman (f.rusman@nrc.nl) is redacteur van NRC