Grondpersoneel van KLM aan het werk op de luchthaven Schiphol. De personeelstekorten zijn in de meivakantie extra goed voelbaar.

Foto Sem van der Wal/ANP

Interview

‘In Nederland zijn we dol op de quick fix’

Fabian Dekker, arbeidssocioloog

Schiphol is niet de enige werkgever die kampt met grote personeelstekorten. Er is meer nodig dan loonsverhoging, zegt Fabian Dekker. „Hoe mensvriendelijk is een organisatie, dat telt.”

Een „blik arbeidsmigranten” opentrekken, dat is in ieder geval níét de manier om een groot personeelstekort op te lossen. Toch denken werkgevers vaak in zulke kortetermijnoplossingen, valt arbeidssocioloog Fabian Dekker op. „De quick fix, daar zijn we in Nederland dol op. Terwijl we juist aan het systeem – regelgeving, normen, arbeidsvoorwaarden – moeten sleutelen.”

Dekker is verbonden aan het Rotterdamse onderzoeksbureau SEOR en doet al vijftien jaar onderzoek naar de Nederlandse arbeidsmarkt. Niet eerder in zijn jaren als onderzoeker was die arbeidsmarkt zo krap. Tegenover elke honderd werklozen staan 105 vacatures. Die spanning op de arbeidsmarkt wordt steeds zichtbaarder in het dagelijks leven. Kinderopvangcentra die een dag dicht moeten, treinen die niet rijden, kranten die niet bezorgd worden, of, het meest recente voorbeeld: lange wachtrijen op Schiphol.

Schiphol-directeur Benschop wil bij te weinig personeel aantal vluchten gaan beperken

Op de luchthaven was het afgelopen weekenden grote chaos door het tekort aan beveiligers en bagageafhandelaars. Twee weken geleden besloten de bagageafhandelaars van KLM ook nog eens tot een ‘wilde’ staking, uit onvrede over de in hun ogen slechte werkomstandigheden en lage lonen. Maar zelfs zonder die stakingen is het personeelstekort voelbaar – waarschijnlijk staan er dit weekend wéér lange rijen op de luchthaven.

De personeelstekorten zijn simpel te verklaren, zegt Dekker. „We vergrijzen. Dus is er minder personeel.” Werkgevers hebben tegelijkertijd lang te weinig gedaan om het werk, zeker fysiek zwaar werk zoals dat van de bagageafhandelaars of krantenbezorgers, aantrekkelijk te houden. Kijk naar de lonen, die afgelopen jaren achterbleven bij de economische groei. Werkgevers hielden de loonkosten laag, zegt Dekker. Of kijk naar arbeidsvoorwaarden: „We zorgen steeds meer in Nederland. Mantelzorg, zorg voor kinderen of zieke familieleden. Een organisatie die het werknemers gemakkelijker maakt om dat te combineren, heeft echt een voorsprong.” Of naar de kwaliteit van werk: „Die hebben we links laten liggen. De werkdruk nam toe en de autonomie af.”

Is wat bij Schiphol gebeurt het voorland voor andere werkgevers?

„Ik denk het wel. Het rottige is dat het met name in de publieke en semi-publieke sector gebeurt, in het onderwijs, de zorg, de politie. Daar zijn forse tekorten, terwijl we als samenleving niet zonder kunnen.”

Je zou zeggen: verhoog de lonen en werkgevers vinden heus wel personeel.

„De lonen stijgen nu wat, en dat is zeker goed. Maar de discussie over één of twee procent meer loon is margewerk. Het zou over fundamentelere zaken moeten gaan, bijvoorbeeld verhoging van het wettelijk minimumloon, bestaanszekerheid aan de basis van de arbeidsmarkt. Uiteindelijk zit er ook een grens aan hoe ver lonen omhoog kunnen. Dan wordt arbeid te duur en prijzen werkgevers zichzelf uit de markt. Het is alleen onduidelijk waar dat punt precies ligt. Hét concurrentievoordeel wordt hoe mensvriendelijk een organisatie is, of personeel autonomie heeft, of werk en zorg gemakkelijk te combineren zijn.”

De race naar de bodem heeft niet alleen nadelige gevolgen voor werknemers, ziet Dekker. „Als arbeid goedkoop is, ontstaan er nauwelijks technologische innovaties. Waarom zou je nog als je als werkgever kunt concurreren door te bezuinigen op lonen.” Nu blijft Nederland volgens Dekker achter op het gebied van automatisering, terwijl juist dat zou kunnen helpen bij het oplossen van het personeelstekort.

Er is al veel mogelijk, ziet Dekker. „De zorgsector is een goed voorbeeld. Er zijn robots die operaties kunnen uitvoeren, tilarmen.” Vervolgens dient zich de vraag aan of je de mens uit zulk werk wilt schrappen. Weer zo’n fundamentele kwestie waar het volgens Dekker over zou moeten gaan. „Het is een keuze die we als samenleving moeten gaan maken.”

Nog zo’n fundamentele kwestie. „De vraag naar een bepaald serviceniveau is hoog in Nederland. Onhaalbaar hoog, misschien. Daar zouden werkgevers eerlijk over moeten zijn. Misschien moet je als bedrijf gaan communiceren: er kan maar een maximaal aantal mensen door die terminal op een dag. Of: de krant kan voor deze prijs niet elke ochtend voor acht uur ’s ochtends worden bezorgd.”

Intussen zitten werkgevers nú met een tekort. Wat kunnen zij nog wel doen?

„Dan kom je toch echt uit bij wat het onbenut arbeidspotentieel wordt genoemd, een groep van 1,2 miljoen mensen. In die groep zitten onder meer ‘onbenutte deeltijders’, mensen die graag meer uren zouden werken. Maar ook een gigantisch deel van lang- en kortdurig werkzoekenden, voor een deel mensen met een arbeidsbeperking. Er zitten ook 55-plussers tussen, of mensen met een migratieachtergrond. Het zijn al gauw een half miljoen mensen, onderwijsvolgenden niet meegerekend. Die zouden met enige ondersteuning zo aan de slag kunnen. Ik vind dat echt bizar.”

Waarom gebeurt dat dan niet?

„Een werkgever moet bereid zijn ze te begeleiden, in ze te investeren. Het kost misschien drie tot vier maanden. Het is een fundamentele keus: kies je voor een snelle oplossing, of voor een duurzame? Bedrijven vinden dat over het algemeen te veel gedoe. Niet álle bedrijven trouwens, ik wil ze niet over één kam scheren.”

Ook vooroordelen spelen een rol. Dekker vertelt over onderzoek in de Rotterdamse haven. Er is veel vraag naar technischgeschoolde mbo’ers. „We vroegen werkgevers of ze bereid zijn op korte termijn werkzoekende 55-plussers, mensen met een arbeidsbeperking of in de bijstand in dienst te nemen. Dan zie je een gigantische terughoudendheid. Om en nabij de helft zei: dat weet ik zo net nog niet. I rest my case.

Hebben ze een punt, is het gedoe?

„Het is soms wel gedoe, zeker voor kleine bedrijven. Voor mensen met een beperking moet je soms langs allerlei loketten.”

En waarom is arbeidsmigranten aantrekken dan geen goed idee?

„Je haalt maatschappelijke problemen in huis. Hoe en waar huisvest je die mensen? Ook voor hen wil je duurzaam, goedbetaald werk vinden. Hoe doe je dat?”