Opinie

Wees toch niet zo naïef, Elon Musk

Twitter De oude, digitale droom van Twitter als digitaal stadsplein geeft een overdreven optimistisch beeld van de onbegrensde vrijheden op internet, schrijven en .

Moeten we één miljardair eigenaar maken van het invloedrijke speeltje Twitter? Het was een vraag die velen deze week stelden. Het gaat natuurlijk over Elon Musk, die voor een bedrag van 44 miljard dollar Twitter overnam. Naast Musks miljardenovername werd er gesteggeld over een tweet van PVV-leider Geert Wilders die eerst wel en toen niet van Twitter werd verbannen. En in een historisch akkoord in Brussel werden strengere regels voor internetbedrijven afgesproken.

De verwachting dat Musk Twitter zal hervormen is terecht. Hartstochtelijk voorvechter van het vrije woord twitterde hij na de bekendmaking dat „de vrije meningsuiting het fundament is van een goed functionerende democratie”. Musk rakelde een oude, digitale droom op: „Twitter moet het digitale stadsplein zijn waar gedebatteerd wordt over zaken die van vitaal belang zijn voor de toekomst van de mensheid”.

Die uitspraak getuigt van een hoop naïviteit. Deze digitale droom geeft namelijk een overdreven optimistisch beeld van de onbegrensde vrijheden op internet.

In de afgelopen jaren is Twitter de inhoud op het eigen kanaal sterker gaan modereren; er wordt geprobeerd in te grijpen bij verspreiding van desinformatie en ‘hate speech’. De verbanning van oud-president Donald Trump van Twitter is het meest in het oog lopende voorbeeld daarvan.

Dat deze moderatie gepaard gaat met vallen en opstaan, blijkt uit het akkefietje met Wilders afgelopen week. In een tweet was hij onder meer negatief over de profeet Mohammed, waarna Twitter hem schorste. Afgelopen dinsdag keerde hij weer terug na, volgens eigen zeggen, excuses van Twitter.

De uitspraak van Musk doet denken aan het optimisme in het begin van deze eeuw. Presidentskandidaat Barack Obama wist een grote groep kiezers te mobiliseren, en zijn verkiezingsoverwinning uit 2008 is vaak gekoppeld aan zijn geweldige digitale campagne. Digitale media leken een zegen voor de democratie te zijn.

Er zijn meer, recente, voorbeelden die de positieve kanten van sociale media en in het bijzonder Twitter laten zien. Zo hielp de hashtag #MeToo in 2017 vele slachtoffers zich uit te spreken over grensoverschrijdend seksueel gedrag.

Toch verdween het optimisme grotendeels als sneeuw voor de zon na de verkiezing van Trump, Brexit en de groei van desinformatie. Het negativisme wordt versterkt door de rol van sociale media tijdens de coronapandemie. Het delen van desinformatie speelde een grote rol in het wel of niet opvolgen van maatregelen en sommige burgers bleven hangen in een fuik van alternatieve media.

Ook de bestorming van het Capitool is een sprekend voorbeeld. Hoewel nog wordt onderzocht wat de precieze rol van desinformatie in die bestorming was, lijkt het erop dat sociale media een significante rol hebben gespeeld in de opruiing van de bestormers. Zo lijkt de digitale droom veranderd in een digitale nachtmerrie.

Lees ook deze analyse: Op het dorpsplein van Elon Musk klinken de wildste stemmen het hardst

Wat kan wel, wat niet

Voor een steeds grotere groep burgers zijn sociale en online media de belangrijkste informatiebronnen. We moeten het dus vooral hebben over de grenzen van wat wel en vooral niet kan. Regulering is in een aantal opzichten nodig. De Europese Unie heeft dat goed begrepen. Al enige jaren wordt wetgeving ontwikkeld om burgers en hun privacy online te beschermen en illegale content tegen te gaan.

Socialemediaplatformen zijn daarbij een cruciaal aandachtspunt. Vorige week ging de EU akkoord met de Digital Services Act (een pakket aan maatregelen dat voor meer toezicht zorgt en meer bescherming van internetgebruikers).

Dit is een cruciale stap voorwaarts, al duurt het tot 2024 voordat ze in werking treedt. Bovendien moeten invoering en naleving op nationaal niveau worden georganiseerd, wat niet eenvoudig is. De Europese boetes (tot 6 procent van de omzet) zijn in ieder geval gigantisch.

Zullen andere landen Europa volgen? In Amerika, waar de vrijheid van meningsuiting is verankerd in het eerste amendement van de grondwet, zal men daar minder snel toe geneigd zijn. Pas als er regelgeving komt in verschillende landen kunnen deze overheden succesvolle regulering doorvoeren.

Moeten we nu bang zijn voor de overname door Musk? Aan de ene kant moeten we de directe invloed van Twitter op gebruikers, een relatief klein platform in vergelijking met Facebook en Instagram, niet overschatten.

Aan de andere kant speelt Twitter een belangrijke, indirecte rol in het publieke debat omdat het zo veelvuldig gebruikt wordt door politici, opiniemakers en journalisten. Door informatie van Twitter over te nemen en te gebruiken wordt deze nog verder verspreid.

Laten we daarom opletten welke informatie we overnemen, verder verspreiden of gebruiken. Want we zijn allemaal verantwoordelijk voor een veilig digitaal stadsplein – zeker als Twitter dit zelf achterwege laat.