Kabinet gaat 60 miljoen euro in Nederlands kweekvlees steken

Groeifonds Het kabinet gaat via het Nationaal Groeifonds investeren in een consortium van bedrijven, universiteiten en andere organisaties die bezig zijn met de technologie om dierlijke producenten zoals melk, kaas en vlees uit cellen te produceren.

Bij Those Vegan Cowboys zijn ze bezig met het maken van laborariummelk en -kaas.
Bij Those Vegan Cowboys zijn ze bezig met het maken van laborariummelk en -kaas. Foto Those Vegan Cowboys

Het kabinet trekt 60 miljoen euro uit om de ontwikkeling van kweekvlees en -zuivel te stimuleren. De investering gaat naar een consortium van bedrijven, universiteiten en andere organisaties die bezig zijn met de technologie om dierlijke producten zoals melk, kaas en vlees uit cellen te produceren. Het geld komt uit het Nationaal Groeifonds, waarmee het kabinet de komende vijf jaar 20 miljard euro uittrekt voor „projecten die zorgen voor duurzame economische groei”.

Onderdeel van dat consortium zijn onder meer Mosa Meat (makers van de eerste experimentele kweekburger) en Those Vegan Cowboys (start-up voor kaas van melkeiwit uit het laboratorium), maar ook multinationals als Nutreco en DSM.

De bedoeling is niet om samen kweekvlees of labmelk te gaan verkopen, maar om kennis en onderwijs over nieuwe technologie te bevorderen. Het plan is ook om bijvoorbeeld onderzoeksfaciliteiten te delen om de productie te kunnen opschalen.

De bijdrage van het Groeifonds is nodig om de kweeksector „tot een succes voor Nederland te maken”, zegt Ira van Eelen, woordvoerder van het consortium. De beloofde 60 miljoen euro uit het Groeifonds is overigens wel flink minder dan het consortium had gehoopt: de aanvraag was voor 382 miljoen euro. Het bedrag is lager dan gevraagd, staat in de beoordeling van het Groeifonds, vanwege „de vroege fase waar de sector zich in bevindt” en omdat onzeker is hoe de techniek en de markt voor gekweekte producten zich zullen ontwikkelen. Desalniettemin is de 60 miljoen volgens Van Eelen „de grootste overheidsinvestering in cellulaire agricultuur ter wereld”.

Op de vraag of bedrijven als Mosa Meat of Nutreco de ontwikkeling van kweekvlees niet zelf kunnen financieren zegt ze: „Deze bedrijven krijgen geen geld maar zullen juist moeten investeren. Het geld uit het Groeifonds moet het mogelijk maken om kennis uit te wisselen die dit soort bedrijven als concurrenten niet kunnen delen.”

„Dit is geen verkapte subsidie voor bedrijven”, zegt ook Tim van de Rijdt van Mosa Meat. Vorig jaar haalde Mosa nog bijna 80 miljoen euro op bij private investeerders. „Zonder publiek geld zal deze sector zich ook wel blijven ontwikkelen”, zegt Van de Rijdt. „Maar dan gaan alle kennis en financiële baten naar investeerders, vaak in het buitenland. Terwijl je wilt dat Nederland er iets aan heeft, dat wordt geïnvesteerd in talentontwikkeling, wetenschap, productiecapaciteit en banen.”

Kweekvlees of -kaas wordt gemaakt door cellen in bioreactoren te vermenigvuldigen. Voor vlees worden daarvoor met een biopt stamcellen gehaald uit een dier dat hiervoor niet geslacht hoeft te worden. Bij melk en kaas wordt met synthetisch DNA koemelkeiwit uit schimmels en gisten nagemaakt. In potentie is voor kweekproducten minder land nodig. Ook gaat het gepaard met minder CO2-uitstoot dan veeteelt. Hoe groot de milieuwinst zal zijn, is nu nog niet te zeggen. Onduidelijk is hoeveel energie nodig is voor de bioreactoren en hoe groot de voetafdruk van de benodigde grondstoffen zal zijn. Voor de productie van kweekcellen en melkeiwitten zijn suikers nodig uit gewassen.

De vraag is ook nog of consumenten openstaan voor hoogtechnologische ‘onnatuurlijke’ kweekproducten en of ze er echt minder ‘gewoon’ vlees door zullen eten.

Lees ook: De race om kweekvlees

Nederlandse wortels

Kweekvlees heeft Nederlandse wortels. De Nederlandse arts en onderzoeker Willem van Eelen verkreeg in 1999 het eerste patent. (Ira van Eelen, woordvoerder van het consortium, is zijn dochter.) In 2013 presenteerde Mark Post, oprichter van Mosa Meat, de eerste kweekvleesburger aan de buitenwereld.

Jaap Korteweg, oprichter van De Vegetarische Slager, is sinds twee jaar bezig met kaas: Those Vegan Cowboys ontwikkelt in een Gents laboratorium eiwitten die identiek zijn aan koemelkeiwitten.

Intussen staan andere landen niet stil. In de Verenigde Staten vloeien honderden miljoenen dollars van investeerders naar kweekvlees-start-ups als Eat Just en Upside Foods. Kweeknuggets of -burgers zijn nog niet te koop in de Verenigde Staten, maar er zijn al wel roomijs en mozzarella van gekweekte wei-eiwitten op de markt.

Ook in landen als Singapore en Israël wordt kweekceltechnologie omarmd. Singapore is het eerste en enige land waar kweekvlees verkocht mag worden: het Amerikaanse Eat Just begon er in 2020 op kleine schaal met gekweekte kip.

In Nederland werd de roep om overheidssteun voor ‘cellulaire agricultuur’, zoals het consortium het noemt, steeds luider. In maart werd een motie van D66 en VDD om het proeven van kweekvlees mogelijk te maken met ruime meerderheid aangenomen – op dit moment is dat nog verboden.

Het is onduidelijk wanneer het eerste stuk kweekvlees of labkaas in Nederland op de markt komt. In Europa kan het twee jaar duren voordat de Europese voedselautoriteiten toestemming geven, vanaf het moment dat fabrikanten een eindproduct kunnen laten zien. Nederlandse makers van kweekvlees en koemelk-zonder-koe hebben dat nog niet gedaan.