Opinie

Niet de jager spreekt voor de dieren

Eva Meijer

Onlangs ging de zomertijd in. De NOS schreef dat veel wilde dieren last hadden van de vroegere ochtendspits. Als de tijd wordt verzet, zijn er tijdelijk meer aanrijdingen. Dit probleem werd toegelicht door een woordvoerder van de Jagersvereniging.

Een jager als expert laten spreken over herten en andere dieren is natuurlijk net zoiets als de Vereniging voor Geweld tegen Vrouwen aan het woord laten over de veiligheid van vrouwen. Maar kijkers zien vooral een expert. Er wordt op de website van de NOS ook verwezen naar cijfers van Stichting Wildaanrijdingen Nederland, opgericht door jagers, alsof dat een wetenschappelijke organisatie is.

Dit voorbeeld is extreem, maar de berichtgeving over de niet-menselijke dieren volgt over het algemeen mensenbelangen. In NRC wordt vooral over ze geschreven onder het kopje Wetenschap. Biologen en ecologen weten vaak veel van een kenmerk van een soort. Nieuws daarover stelt de diersoort in kwestie op een bepaalde manier voor. Dat kan interessant en nodig zijn, maar is niet het hele beeld. Hun maatschappelijke en politieke belangen komen nauwelijks aan bod en als het gebeurt vooral als inzet van mensenproblemen, zoals met de vleestaks (een pijnlijk woord) of in de discussie over stikstof. Niet alleen worden de dieren zelf niet aan het woord gelaten, hun perspectief blijft vaak onbelicht.

Dit probleem treft niet alleen de dieren. Het is minder normaal dan eerder om alleen mannen aan het woord te laten over abortus of dickpics, maar het komt voor. Tijdens de coronapandemie en in de klimaatcrisis zijn de belangen van kinderen en jongeren anders dan die van volwassenen, maar volwassenen spreken voor ze en nemen de besluiten.

De keuze voor sprekers beïnvloedt niet alleen hoe een discussie verloopt, maar ook welke perspectieven aan bod komen. Wie tot wie spreekt is net zo belangrijk als wat er gezegd wordt om tot waarheid te komen, schrijft filosoof Linda Alcoff.

Spreken voor anderen is vaak niet legitiem. Ook wanneer je met de beste bedoelingen voor iemand anders spreekt kun je je eigen positie nooit helemaal overstijgen. Het houdt bovendien het beeld in stand dat de spreker recht heeft om te spreken en dat degene voor wie gesproken wordt dat zelf niet kan. Daarom kun je beter spreken met, in plaats van spreken voor.

Maar er zijn ook problemen met het spreken voor jezelf of je eigen groep. Tot welke groep je behoort is vaak onduidelijk, schrijft Alcoff. Is ‘vrouw’ een groep, of is dat te breed? Daarnaast weet je nooit precies wat in je eigen belang is omdat je niet alle informatie hebt over de wereld. Spreken is altijd een vorm van vertegenwoordiging, zelfs wanneer je alleen voor jezelf spreekt.

En soms kan een kwestie alleen in de taal van de macht aan de orde gesteld worden en moet je voor een ander spreken. Wie kan spreken, heeft dus een verantwoordelijkheid. Als je voor jezelf praat, want daarmee beïnvloed je anderen. Maar zeker als je voor anderen praat. Je kunt er zorgvuldig mee omgaan door je bewust te zijn van je eigen positie en te denken over de invloed die je woorden zullen hebben.

De jager spreekt natuurlijk voor zichzelf, maar de NOS zou zich op het publieke belang moeten richten. Onderzoek van I&O Research uit januari laat zien dat meer Nederlanders tegen dan voor de jacht zijn, en dat een overgrote meerderheid tegen de plezierjacht is.

Herten hebben trouwens ook belangen. Etholoog Joe Hutto leefde jaren met muildierherten samen. Hij schrijft over hun taal en cultuur, en hun vermogen met mensen samen nieuwe manieren van spreken te vinden. Misschien moeten mensen soms voor andere dieren spreken, maar dat kan pas na goed geluisterd te hebben.

Eva Meijer is schrijver en filosoof. Ze schrijft om de week een column.