Russische desinformatie als vertrouwd patroon: ontkennen, verdraaien, verhullen

Informatieoorlog Rusland gooit behalve raketten en tanks ook desinformatie in de strijd. Hoe effectief is dat wapen?

Het door een Russisch bombardement verwoeste theater van Marioepol.
Het door een Russisch bombardement verwoeste theater van Marioepol. Foto Alexei Alexandrov/AP

Dat Rusland de slachtpartij in Boetsja zou ontkennen, viel te voorzien. Het valt ook geen stadswijken en ziekenhuizen aan, een schuilkelder onder een theater of een treinstation vol vluchtelingen. Het hele idee van een inval berustte volgens president Poetin tot 24 februari op „westerse hysterie”.

Toen die inval toch begon, waarbij Rusland naar schatting tweederde van zijn totale parate landstrijdkrachten inzette, mocht het dan ook geen oorlog heten, maar slechts een „speciale militaire operatie” om het Oekraïense broedervolk te bevrijden. Nu de geplande ‘frisse en vrolijke krijg’ in zijn tegendeel is omgeslagen staat het Kremlin echter voor een dilemma, schreef Michael Kofman, een Amerikaanse Rusland-expert, op Twitter. „Het kan een lange oorlog niet als ‘speciale operatie’ volhouden, maar het wil de operatie evenmin reframen als een echte oorlog.”

Dat betekent volgens hem dat Poetin geen algehele mobilisatie kan afkondigen en daarom geen dienstplichtigen kan oproepen om een doorbraak in Oekraïne te forceren. Maar het heeft ook gevolgen voor de informatievoorziening aan het Russische thuisfront.

Met great communicator Zelensky en de stroom video’s van succesvolle aanvallen op Russische tanks en ander materieel heeft Oekraïne het initiatief in de westerse beeldvorming én in eigen land. Rusland kan thuis nauwelijks beelden tonen van gevechtshandelingen, laat staan van verliezen. Ook dat zou immers bewijzen dat er een echte oorlog aan de gang is, die bovendien niet voorspoedig verloopt.

Dat Oekraïne de moordpartijen in Boetsja en elders in scène zou hebben gezet „op bestelling van de Verenigde Staten”, of ze zelf heeft begaan als „provocatie”, heeft dan ook een lugubere logica, die nog steeds op steun kan rekenen. Het bevestigt in veel Russische ogen immers dat het nazisme in Oekraïne aan de macht is, zoals hun president zegt.

‘Ze gelooft me niet’

Hoe effectief dat frame is, blijkt ook uit de vele getuigenissen van Oekraïners die hun eigen familie in Rusland er niet van kunnen overtuigen dat Russische raketten hun steden in ruïnes veranderen. Of zoals Nadezjda Bakran (73), een verpleegster in het door Rusland verwoeste stadje Trostjanets ontdekte toen ze een goede vriendin in Moskou belde met wie ze al 43 jaar op vakantie gaat: „Ik probeerde het uit te leggen maar ze gelooft me niet”, vertelde ze tegen The Guardian. „Ze zei: ‘Jullie hebben die oorlog aan jezelf te danken’. Terwijl wij vrienden waren. Inniger zelfs dan vriendschap. ”

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties schorste Rusland deze week weliswaar als lid van de Mensenrechtenraad maar tegenover de 93 landen die dat voorstel steunden stonden 24 tegens en 58 onthoudingen. En in de Veiligheidsraad noemde China de beelden uit Boetsja „zorgwekkend”, maar het eiste eerst „zorgvuldig onderzoek”.

Het vaste patroon van ontkennen of verdraaien van feiten maakt Rusland op een bepaalde manier ook voorspelbaar. Beïnvloeding van de Amerikaanse presidentsverkiezingen in 2016? De poging om oud-spion Sergej Skripal in 2018 te vergiftigen? De moordaanslag op oppositiepoliticus Navalny met hetzelfde Novitsjok-gif in 2020? Daar hebben we niets mee van doen (het was de CIA!).

Op Twitter heeft Rusland de informatieoorlog verloren, maar dat kanaal is in Rusland goeddeels geblokkeerd.

Of die andere Russische traditie: niet zozeer proberen mensen van het tegendeel te overtuigen, maar de waarheid verhullen in een mist van alternatieven, zodat mensen niet meer weten wat ze moeten geloven. Een praktijk die in Rusland infoshum, ‘info-ruis’ heet, schrijft Rusland-expert Mark Galeotti in The Weaponisation of Everything (2021). Voorbeeld: voor het neerhalen van MH17 door een Russische Boek-raket in 2014 bestaan volgens EUvsDisinfo, een project van de Europese Unie om Russische desinformatie te bestrijden, intussen 388 alternatieve verklaringen.

Hersenspoelen

Rusland blinkt nog steeds uit in „het ongelimiteerd sturen van wat mensen denken”, schreef de Amerikaanse diplomaat George Kennan in 1944, toen hij voor de tweede keer in Moskou werd gestationeerd. „Zodat je je eigen propaganda kunt voeren, én kunt voorkomen dat iemand anders de zijne voert”. Of zulke informatie „naar onze begrippen waar is, doet er niet toe”, voegde hij eraan toe. Bovendien „wordt deze niet alleen waar voor degenen tot wie ze is gericht, maar ook voor de bedenkers ervan. De macht van de autosuggestie speelt een enorme rol in de Sovjet-Unie.”

Rusland had er volgens Kennan voor kunnen kiezen zijn relatie met het buitenland „harmonieus te laten ontwikkelen”. Maar Rusland is niet alleen permanent onzeker, ja paranoïde over zijn verhouding met de rest van de wereld, maar ook over zichzelf. Het volk afsluiten van „buitenlandse invloeden” en het geloof in complottheorieën dienen zo het voortbestaan van het Kremlin.

Zoals Frank Bruni in The New York Times schreef: „Een leider kan de harten van zijn volk winnen door hard te werken om hun lot te verbeteren. Of hij kan de korte goedkope route kiezen die Poetin heeft gekozen: proberen ze te hersenspoelen.”

De leugens op overheidskanalen zijn „onvoorstelbaar monstrueus”, aldus Navalny’s Twitteraccount deze week. „Helaas geldt dat ook voor de overtuigingskracht ervan op mensen zonder alternatieve bron van informatie.” Op Twitter heeft Rusland de informatieoorlog verloren, maar dat kanaal is in Rusland goeddeels geblokkeerd. Op Telegram, populair in Rusland én Oekraïne en niet geblokkeerd, moet Rusland wel onwelgevallige berichtgeving tolereren. „Telegram is nu het belangrijkste slagveld in de informatieoorlog”, zei Clint Watts, onderzoeker bij het Foreign Policy Research Institute in Philadelphia. Telegram vormt „de schakel tussen het Russische internet en het internet dat de VS en NAVO-landen gebruiken.”

Hoe die informatieoorlog – ook al „Z-War”, „World Cyber War I” en „TikTok War” genoemd – uitpakt is, zeker nu de ‘echte’ oorlog doorgaat, niet te voorspellen. Optimisten kunnen wellicht hoop putten uit de dagelijkse briefing van het Institute for the Study of War in Washington, donderdag. Die meldde dat Russische commandanten te velde opdracht gekregen hebben de internettoegang voor hun soldaten sterk te beperken om het „slechte moreel” te bestrijden.