Necrologie

Teun Hocks vond dat de wereld prima zonder zijn kunst kon

Teun Hocks 1947-2022, beeldend kunstenaar Geestig en tragisch is het werk van Teun Hocks. Zijn foto-schilderijen, met hemzelf in de hoofdrol, tonen een mannetje dat soms even de weg niet meer weet.

Teun Hocks in 1992.
Teun Hocks in 1992. Foto Hans van den Bogaard/Hollandse Hoogte.

De Jacques Tati van de Nederlandse beeldende kunst is dood: Teun Hocks is zondag na een lang ziekbed op 74-jarige leeftijd overleden. Dat bevestigt zijn galeriehouder, Mo van der Have van Torch Gallery. De fotograaf, decorbouwer en (performance)kunstenaar bereikte vooral met zijn foto-schilderijen een breed publiek. Hierin fungeert hij zelf als hoofdpersoon in tragikomische situaties.

Aanvankelijk had de jonge Hocks, die in 1947 in Leiden werd geboren, een traditioneel beeld van de kunstenaar. Met een wasplank, een oude slee en een sportlessenaar bouwde hij zijn eerste schildersezel om daarna wat bloemetjes op stukken karton te schilderen. Maar dankzij zijn vader, een amateurfotograaf, ontstond de liefde voor fotografie. Vader ontwikkelde zijn foto’s in een verduisterde keuken en wist er ook trucs mee uit te halen. Een gezinsfoto voor de feestdagen had hij bijvoorbeeld zo bewerkt dat het hele gezin op een vuurpijl zat om het nieuwe jaar in te luiden. Op een andere had de vader een dubbelportret van zichzelf gemaakt.

Hier werd zonder twijfel de kiem gelegd voor veel fotografische ideeën in Hocks’ werk. Zo creëerde hij een man die ligt te slapen in een vogelnest. Of: naast een kruiwagen met een hoopje zand kijkt de man met een schep in zijn hand naar de hoogte van wat bergen even verderop, in een grasland hangt hij als een uitgespeelde Jan Klaassen uit de poppenkast. Typerend voor al zijn werk: de poppenkast met twee afbeeldingen, een lachend en een huilend gezichtje.

Zonder titel, 2003 Foto Teun Hocks / TORCH gallery

Charlie Chaplin

Bij zijn fotoschilderijen werd soms gewezen op invloeden van René Magritte. Zelf gaf Hocks aan dat hij tijdens zijn studietijd onder de indruk was van het werk van de Belgische surrealist. Maar er is ook invloed van film: waar de beelden doen denken aan surrealisme, heeft de enscenering vaak iets van de absurdistische humor van Buster Keaton of Charlie Chaplin. Misverstand en verwondering worden omgezet in leedvermaak om een weerloos mannetje te midden van de wereld.

Je ziet die houding ook terug in zijn vroege performances. Zo is er een filmpje waarop Hocks zijn benen en een deel van zijn rug de lucht insteekt: draai het om en je ziet een soort hardwerkende Atlas. Of Shadows, waarmee hij met zijn handen achter een wit doek dierenfiguurtjes maakt. Wat begint met het gewone konijntje dat iedereen wel eens voor een kind heeft gemaakt, ontaardt in een hert met groot gewei en een krokodil.

Hocks hield op met de performances, omdat hij een voorkeur had voor de rust in zijn atelier en ook omdat hij niet hield van de druk om iets op het moment zelf goed te moeten doen. Zijn scènes voor de zwart-witfoto’s die hij maakte, kon hij rustig opbouwen, bepeinzen en verbouwen, om er daarna acht foto’s op los te laten waarop hij verschillende poses aannam. Van daaruit kon hij de beste foto kiezen, ontwikkelen en inkleuren. Ze zijn in feite dan ook stills van een performance.

To and Fro,1986 Foto Teun Hocks / TORCH gallery

Fotografia buffa

Met het inkleuren van de foto’s begon Hocks in 1975. Vijf jaar daarvoor was hij afgestudeerd aan de Academie St. Joost in Breda, een plek waar hij naar eigen zeggen veel inspiratie opdeed. In de jaren tachtig werden zijn foto’s gerekend tot het genre van de fotografia buffa (oftewel geënsceneerde fotografie). Samen met andere fotografen kwam hij terecht bij galerie Torch, de Amsterdamse galerie waar veel aandacht was voor fotografie. Het kwam Hocks’ bekendheid in Nederland ten goede.

Lees ook: Teun Hocks vecht tegen een onbegrijpelijke bierkaai

Aanvankelijk was er kritiek toen Hocks begon met het inkleuren van foto’s. Hij begon met ecoline, later werd dat olie, die hij er voorzichtig opbracht met een satéprikker en een dot watten. Fotografen vonden dat hij op deze manier de werkelijkheid geweld aandeed. Zelf zei Hocks hierover in een interview in De Groene Amsterdammer in 2008: „Nou, ik ben nogal een slechte schilder. Ik vind een foto van een maanwandelaar ook veel leuker dan een schilderij van een maanwandelaar – het krijgt realiteitswaarde; die man is er echt gewéést. Daarbij, ik heb veel lol in de verwarring die ik zo schep. Zie je ze zo kijken: is het nou een foto, of is het een schilderij?”

Zonder titel, 2003 (lamp)
Foto Teun Hocks / TORCH gallery
Zonder titel, 2017
Foto Teun Hocks / TORCH gallery
Foto Teun Hocks / TORCH gallery

Humor in (beeldende) kunst vergaat vaak vrij snel en Hocks werd daarom in Nederland ook een tijdje meewarig aangekeken, ‘kalenderkunst’ werden zijn bewerkingen van foto’s weleens genoemd. Het besef dat het vastleggen van humor, de komedie van de mislukking, even moeilijk is als het vastleggen van de zwaarte van het bestaan, werd in de Verenigde Staten eerder gewaardeerd dan in Nederland.

Met enige zelfspot keek Hocks terug; hij vertelde in interviews niet alleen dat hij een nogal slechte schilder was, maar ook benadrukte hij vaak dat hij niemand het verhaal van de foto wilde opleggen (vandaar dat zijn werken meestal zonder titel waren) of omschreef hij zichzelf als „plaatjeskijker”. En: „Ik wil niet zo’n kunstenaar zijn die denkt dat hij onmisbaar is. Sterker, de wereld kan prima zonder de foto’s van Teun Hocks.” Dat kan zijn, maar de manier van kijken van Hocks, die platgetreden paadjes soms wat hobbels meegaf, heeft de wereld wel een stukje mooier gemaakt.