Diepzeebodem strijdtoneel voor milieuclubs en mijnbouw

Mangaanknollen Kilometers onder het zeeoppervlak wachten kostbare metalen, nuttig voor de energietransitie. Hoewel nog geen vergunning voor winning is verleend, vrezen wetenschappers en activisten onoverzienbare milieuschade.

Diepzee mijnbouwschip Hidden Gem kan mangaan- en lithiumknollen van de oceaanbodem te krabben. Onderzoekers voorzien problemen. „We zien grote risico’s voor de biodiversiteit.”
Diepzee mijnbouwschip Hidden Gem kan mangaan- en lithiumknollen van de oceaanbodem te krabben. Onderzoekers voorzien problemen. „We zien grote risico’s voor de biodiversiteit.” Foto Jan Everhard / ANP

Gerard Barron, topman van het Canadese The Metals Company, weet begin november dat hij op een uiterst belangrijke plek is als hij een loods in het Noord-Brabantse dorp Heijningen binnenstapt. De meeste tijd brengt hij door in Canada of de Verenigde Staten, op het hoofdkantoor of op bezoek bij investeerders. Eerder dat jaar heeft hij in New York de beursgang begeleid die zijn bedrijf een waardering van 3 miljard dollar opleverde. Maar Heijningen – dat is misschien wel het feitelijke hart van The Metals Company.

In de loods bekijkt Barron cruciale technologie. Het gaat om een ingewikkelde machine die op de zeebodem zeldzame metalen kan winnen: mangaan, nikkel, kobalt. Die grondstoffen zijn relatief zeldzaam, en hard nodig voor bijvoorbeeld batterijen van elektrische auto’s – een enorme groeimarkt.

Barron is blij met wat hij ziet. De hele constructie getuigt volgens hem van de grote „inventiviteit” van de ingenieurs van het Delftse Allseas, zal hij achteraf zeggen.

De afgelopen jaren is de interesse in diepzeemijnbouw enorm gegroeid. Start-ups als The Metals Company zien veel potentie in deze bedrijfstak, die kan bijdragen aan de vergroening van de wereld. Het Nederlandse bedrijf Allseas is hier nauw bij betrokken. Het werkt al vergaand samen met The Metals Company, waar het medeaandeelhouder van is.

Alleen: de plannen van deze bedrijven leiden wereldwijd tot veel onrust. Zoeken naar metalen in een van de weinige ecosystemen die de mens nog nauwelijks heeft aangetast, kan rekenen op kritiek van milieuactivisten, overheden en zelfs potentiële afnemers als BMW. Is het wel zo’n goed idee om met metalen van de zeebodem de wereld te vergroenen?

Golfballen

Gerard Barron, met zijn lange haar en baard het clichébeeld van een surfer, houdt bij presentaties graag een stuk steen omhoog. Dit is een polymetallic nodule, zegt hij dan. „En ze liggen op de zeebodem als golfballen op een golfbaan.”

Deze mangaanknollen, die kilometers diep in sommige stukken zee liggen, wil The Metals Company opvissen. Nu worden de metalen die erin zitten nog gewonnen in mijnen op land. Daar bestaan zorgen over: zo zouden er in de Congolese mijnen kinderen werken en wordt voor sommige mijnen regenwoud gekapt.

Zorgen zijn er ook over de toekomstige beschikbaarheid van veel van de metalen. Uit een recente studie van het Institut der Deutschen Wirtschaft blijkt dat tekorten aan grondstoffen als nikkel een probleem kunnen vormen bij de energietransitie. Nikkel is niet alleen nodig voor batterijen, maar ook voor opwekking van waterstof. Ook bij kobalt is het spannend.

The Metals Company denkt dat de zeebodem een goed alternatief voor de huidige winning biedt en is vergevorderd met plannen daarvoor. In 2024 wil het bedrijf commercieel aan de slag gaan in het oosten van de Grote Oceaan, in de Clarion Clipperton Zone. Bij de Internationale Zeebodemautoriteit (ISA), een VN-orgaan, loopt een procedure – de eerste ooit – om in internationale wateren de metalen te mogen winnen. De aanvraag is ingediend via het eilandstaatje Nauru (10.000 inwoners), omdat alleen landen zo’n verzoek bij de ISA kunnen doen.

Bij de realisatie komt veel Nederlandse hulp kijken. Het vaartuig waarmee The Metals Company wil gaan zoeken, is een tweedehands boorschip, de Hidden Gem, aangekocht door Allseas. In Rotterdam is het onlangs door meer dan tweehonderd mensen omgebouwd tot het eerste diepzeemijnbouwschip ter wereld.

Maritiem hightech-netwerk

Allseas (2.500 werknemers) is een grote naam in de Nederlandse maritieme wereld. Oprichter is Edward Heerema, afkomstig uit de gelijknamige offshore-ondernemersfamilie. Samen met scheepsbouwers als Damen en IHC vormt het bedrijf de kern van een netwerk van maritieme high-techbedrijven die wereldwijd technologie en schepen leveren. Allseas is vooral groot geworden met het leggen van pijpleidingen op de zeebodem en installatie en verwijdering van olieboorplatforms. Voor dat werk beschikt het over het grootste schip ter wereld, de Pioneering Spirit.

Allseas zet stevig in op diepzeemijnbouw: het bedrijf – formeel gevestigd in Zwitserland – verleent niet alleen diensten aan The Metals Company, het is ook grootaandeelhouder met een belang van 7,5 procent. En het ontwikkelt en bouwt dus in Heijningen zo’n verzamelmachine.

„Wij zijn van mening dat dit noodzakelijk is voor de energietransitie”, verklaart Allseas-woordvoerder Jeroen Hagelstein de nauwe betrokkenheid. „Je hoeft de knollen niet uit te graven, zoals bij traditionele mijnen.” Volgens Allseas is diepzeemijnbouw duurzamer dan mijnbouw op land. „De CO2-voetafdruk en de sociaal-economische impact zijn veel kleiner.”

Hoe mooi het allemaal ook mag klinken, diepzeemijnbouw is het afgelopen jaar ook al uitgegroeid tot een zeer omstreden praktijk. Zo beklommen activisten van Greenpeace in december de Hidden Gem in de Rotterdamse haven. Grondstofwinning op de zeebodem is schadelijk voor de bijzondere ecosystemen die je op kilometers diepte kunt vinden, luidde hun drijfveer. Het is een van de laatste plekken waar de mens de boel niet heeft verstoord – en dat moet zo blijven, stelt de milieu-organisatie.

Tegenstanders diepzeemijnbouw

Greenpeace vindt verschillende partijen aan zijn zijde. Een aantal landen, waaronder Zuid-Afrika en Australië, dringen aan op grote voorzichtigheid bij diepzeemijnbouw. En een petitie om voorlopig geen diepzeemijnbouw toe te staan, is ondertekend door 622 mariene wetenschappers. Zij vrezen onherstelbare schade aan ecosystemen, door gebrek aan kennis en te grote haast om met diepzeemijnbouw te beginnen.

Over grondstoffenwinning op de zeebodem is inderdaad – net als over de diepzee in het algemeen – erg weinig bekend, zegt Sabine Gollner. Zij bestudeert als senior onderzoeker bij het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee de diepzee. Dit onderzoek is nieuw: wat gebeurt er precies, hoe snel herstelt de zeebodem zich nadat metalen zijn weggezogen, kun je deze ecosystemen restaureren? Maar over anderhalf jaar, als The Metals Company de winning wil beginnen, „weten we dat nog niet”, zegt Gollner.

Ze onderzocht de organismen die in en op de knollen leven. Dat bleken er nogal wat te zijn. „Wat in ieder geval zeker is, is dat het leven óp zo’n knol voor een miljoen jaar weg is.” Een knol groeit met maar enkele millimeters per miljoen jaar. En zonder knol geen knoldieren, zoals koralen en sponzen, die weer impact hebben op de voedselketen op de zeebodem.

Ook Rudy Helmons, universitair docent Offshore en Dredging Engineering in Delft, weet dat de winning hoe dan ook effect zal hebben. Hij onderzoekt nu hoe de ‘stofwolken’ die bij diepzeemijnbouw ontstaan, zich gedragen – en hoe die te beperken. De vraag is volgens hem of je de impact kan terugbrengen tot acceptabele proporties. Maar ook hij benadrukt dat daar meer tijd voor nodig is. „Je moet bij elke stap in het proces goed monitoren wat de werkelijke milieu-impact is. Op basis daarvan kan je besluiten: gaan we door of niet?”

Helmons sluit niet uit dat de balans op termijn kan doorslaan in het voordeel van diepzeemijnbouw, omdat mijnbouw op land ook niet zonder impact is. „Tegelijkertijd: dat soort mijnbouw doen we al.” Dat kan in theorie een ethisch argument zijn om de diepzeebodem met rust te laten.

Sommige potentiële afnemers van metalen uit de diepzee hebben inmiddels al besloten er voorlopig geen gebruik van te maken. Dat geldt onder andere voor Volkswagen, Renault, Volvo en BMW. Claudia Becker, bij BMW in München verantwoordelijk voor duurzame materialeninkoop: „We hebben hier lang naar gekeken en met veel partijen gesproken. Maar we zien grote risico’s voor de biodiversiteit.”

Daar komt bij dat BMW naar eigen zeggen te weinig zicht kan krijgen op de winningsomstandigheden, zegt Becker. „Ja, er is vaak kritiek op bovengrondse mijnen, maar je kunt erheen en zien wat er gebeurt.” Becker is zelf in Congo geweest – BMW zegt geen Congolees kobalt te gebruiken – en gaat binnenkort in Chili mijnen bekijken.

Weet BMW zeker dat het straks over genoeg metalen beschikt als het de diepzee-optie uitsluit? Dat is een uitdaging, erkent Becker. Maar ze heeft grote verwachtingen van batterijen met minder of zelfs geen kobalt, en van batterijrecycling. „Daar is nu nog bijna geen capaciteit voor.”

Lees ook dit interview over grondstoffenschaarste met expert Theo Henckens: ‘Het grondstoffenbeleid van de EU is teveel gericht op de korte termijn’

Wachten is op VN

Haalt de kritiek wat uit? Het wachten is op de VN-beslissing over de vergunningsaanvraag van Nauru. Het ministaatje heeft het economisch lastig, en profileert zich nadrukkelijk als sponsor van diepzeemijnbouw. De algemene verwachting is dat The Metals Company in 2024 van start zal mogen. Het Britse dagblad The Guardian zocht vorig jaar uit dat de Internationale Zeebodemautoriteit een onduidelijk besluitvormingsproces kent, gericht op het mogelijk maken van winning. Het handjevol experts dat aanschuift, is vooral afkomstig uit de olie- en gasindustrie.

De kritiek lijkt The Metals Company al wel financiële tegenslag te hebben bezorgd. Alle ophef rondom diepzeemijnbouw schaadt het vertrouwen van investeerders. De beurskoers van het aandeel schommelde aanvankelijk rond de 10 dollar, en ligt nu rond de 1,50. Één belangrijke geldschieter kwam bij de beursgang niet over de brug, waardoor het bedrijf zo’n 200 miljoen dollar misliep. Topman Barron noemde het tegenover de Financial -Times een tegenvaller, maar niet cruciaal.

Ook bij Allseas nemen ze de kritiek en de moeizame beursgang ter kennisgeving aan. In Delft werken ze vastberaden door aan de systemen om de knollen via kilometerslange pijpen omhoog te krijgen. Jeroen Hagelstein: „Het is technisch gezien een grote uitdaging.”

In een (tijdelijk) verbod op diepzeemijnbouw ziet het Nederlandse bedrijf niks. „Dan stoppen juist de onderzoeken”, zegt Hagelstein. „Je kan de situatie nu eenmaal niet alleen bekijken vanuit de zeebodem. Het gaat er ook om hoe de mijnbouw nú gebeurt, en hoe de behoefte aan metalen bij de energietransitie is.” Dat sommige automakers al zijn afgehaakt, vindt Allseas opvallend. Het verwacht dat de komende jaren echt gigantische hoeveelheden metalen nodig zijn.

De verbouwing van The Hidden Gem is bijna klaar. De eerste tests van de systemen in Noordzee en Atlantische Oceaan volgen later dit jaar.

Correctie (24-02-2022): in een eerdere versie van dit stuk stond dat ook België zich had uitgesproken tegen diepzeemijnbouw. Dit klopt niet.