Reportage

Eerst konden India’s armsten geen vaccins krijgen, nu hoeven ze die niet meer

Vaccinatie in India Door de rommelige vaccinatiecampagne verliezen inwoners van een sloppenwijk in New Delhi hun belangstelling. „Dit is een ziekte van de elite.”

Mobiele coronatestlocatie in een sloppenwijk in New Delhi. De uitslag is binnen dertig minuten ter plaatse bekend.
Mobiele coronatestlocatie in een sloppenwijk in New Delhi. De uitslag is binnen dertig minuten ter plaatse bekend. Foto Pradeep Gaur/Getty Images

Aniya Jaherunnisha, een 29-jarige moeder met twee kinderen, bewaart haar vaccinatiebewijs in een groezelig boterhamzakje, tussen een stapeltje bankbiljetten. Op het printje staan haar persoonsgegevens en een QR-code. Begin december kreeg ze de eerste prik met het Covishield-coronavaccin. Ze moest er een half uur voor lopen, naar een moskee in het zuiden van New Delhi. „Er was geen rij, alles was duidelijk. Maar als de onderwijzer niet had aangedrongen, had ik niet geweten waar ik heen moest.”

‘’s Werelds grootste vaccinatiecampagne’, volgens premier Narendra Modi, heeft na ruim een jaar nog niet alle duizenden bewoners van de sloppenwijk Madanpur Khadar bereikt. Degenen zonder smartphones, laptops en televisie hebben niet veel meegekregen van de informatiestroom. De voorlichting gaat vooral via maatschappelijke initiatieven, zoals de vrijwilligers die Jaherunnisha ‘onderwijzers’ noemt.

De vaccinatiecampagne van de overheid verloopt met horten en stoten. Eerst waren er tekorten, daarna werd de inkoop door deelstaten en private zorginstellingen een zooitje. En er waren IT-problemen: toen de laatste groep 18- tot 44-jarigen zich voor inenting kon opgeven, bezweek de speciale website bijna onder de afspraakverzoeken.

Modi’s doelstelling om vóór 2022 alle volwassenen te hebben gevaccineerd, is niet gehaald. Wel is deze winter sprake van een flinke versnelling. Eind januari was zo’n 90 procent van de volwassenen eenmalig gevaccineerd en had 75 procent twee prikken gekregen.

Tweede prik? Ik heb andere zaken aan mijn hoofd

Aniya (29) inwoner Madanpur Khadar

Wat epidemioloog Chandrakant Lahariya betreft is dat gat tussen enkel en dubbel gevaccineerden de grootste uitdaging. In zijn analyse in Indiase en internationale media stelt hij voorop dat de gewenste 100 procent nooit haalbaar was, alleen al vanwege de vrijwilligheid. De gehaalde aantallen vindt hij „behoorlijk goed in zo’n groot land”. Hij ziet grote verschillen: tussen rurale en stedelijke gebieden, en in de steden tussen welvarende inwoners die alle toegang hebben en minder bedeelden.

Jaherunnisha, die ballonnen verkoopt op straat om haar gezin te onderhouden, is blij met haar prik. Ze kan in maart voor de tweede komen, volgens het certificaat, maar haalt daarover haar schouders op: „Hoe ga ik bijhouden wanneer ik weer daarheen moet? De eerste keer ging makkelijk, maar ik heb andere zaken aan mijn hoofd. Wie weet wat ik over een paar weken aan het doen ben. Ik moet werken.” Net als ze zich omdraait om haar papieren binnen te leggen, laat een grijze man zich in het voorbijgaan ontvallen: „De vaccins zijn hier toch niet nodig gebleken. Niemand in Madanpur Khadar heeft corona gehad.”

Klachten genegeeerd

Dat is ondenkbaar, stelt volksgezondheidsonderzoeker en arts Yasir Alvi. Naast zijn werk in een ziekenhuis runt hij een zorglokaal voor de ngo People’s Health Movement in Jaherunnisha’s wijk. „Ga ervan uit dat de infectiegraad overal grofweg gelijk is. Maar mensen hier konden geen testen betalen, niet thuiswerken en niet in quarantaine. Milde klachten werden genegeerd.”

Ook maatschappelijk werker Amreen Farooq, die een hulporganisatie oprichtte voor sloppenwijken in de Indiase hoofdstad, spreekt over „verborgen gevallen”. Zij beschrijft een vicieuze cirkel, waarin patiënten zich niet melden bij gezondheidsinstanties en autoriteiten te weinig in de buurten langskomen. „In de sloppen wonen gemarginaliseerde mensen, voor wie geen aandacht is. Als er geen data over hen worden verzameld, lijken zij niet te bestaan. En voor hen lijkt Covid niet te bestaan.”

Zeker in het begin leken de vaccins simpelweg niet bereikbaar voor deze groepen, stellen de hulpverleners. Wie geen toegang tot internet had, kon niet inloggen op het afsprakenportaal. Dat is nu niet meer nodig, een geldig identiteitsbewijs wel. Eerst werd alleen de zogeheten Aadhaar-pas geaccepteerd, het digitale registratienummer dat vingerafdrukken en andere gegevens van Indiase burgers bevat. Zeker 1,25 miljard mensen zijn opgenomen in die database, maar uit ervaring weet Alvi dat juist veel bewoners van achterstandswijken er niet in staan. Inmiddels zijn er opnieuw aanpassingen gedaan aan het vaccinatiesysteem, de computer geeft voor identificatie ook de mogelijkheid voor identificatie met een paspoort of rijbewijs, laat een medewerker van een priklocatie zien.

Het blijft lastig te zeggen of daarmee iedereen is gedekt, vindt Alvi. En wat kunnen vluchtelingen doen, zoals Rohingya die zijn neergestreken in Madanpur Khadar, zonder staatspapieren? „Die mogen hun VN-vluchtelingenpas opgeven.” Aan zijn bureau geven ze verder een telefoonnummer op, waarnaar een bevestigingscode wordt verstuurd. Maar wat als je geen mobieltje hebt? „Neem iemand mee. We mogen hetzelfde telefoonnummer meermaals gebruiken. En we printen het certificaat.”

Zo is het vaccinatieprogramma op allerlei manieren aangepast om zoveel mogelijk barrières weg te nemen. Maatschappelijk werkster Farooq vreest echter dat het momentum is verloren: „Na zo lang steggelen verliezen mensen interesse.” Ze merkt dat nu in rondetafelgesprekken in buurtcentra, waar mensen haar vertellen: „Dit is alleen een ziekte van de elite, de mensen die zich druk maken op tv.”

Lees ook over de Asha’s: Indiase vrijwilligsters in de frontlinie tegen corona én de overheid

De publieke discussie gaat nu meer over de derde prik dan de tweede. Begin januari kreeg het ministerie van Volksgezondheid kritiek omdat er te lang gewacht zou worden met een besluit over de invoer daarvan. Vanaf 16 januari wordt de ‘voorzorgsdosis’ aangeboden aan zorgpersoneel en zestigplussers met gezondheidsproblemen. De druk om die groep ontvangers uit te breiden groeit.

Vaccins in privéklinieken

Nog voordat de boostercampagne officieel gestart was, deden grote Indiase bedrijven als Tata Steel en ITC een oproep om toegang tot de boosters te vergroten. Die bedrijven maken plannen voor het vaccineren van personeel en familieleden.

Bij kleinere bedrijven gebeurt dat al. Zoals bij het advocatenkantoor in New Delhi waar Zarmina Parvez (31) werkt. Ze werkt al twee jaar vanuit haar appartement. Haar werkgever bood twee vaccinaties aan, en eind vorig jaar ook een booster, vertelt ze aan de telefoon. „Het lijkt me een logisch vervolg; ons kantoor werkt met internationale klanten, daar was de derde prik al bijna standaard. Het is een soort achterdeur, maar eerlijk gezegd vond ik het wel belangrijk. Ik wil eigenlijk nog niet terug naar kantoor. Als dat straks gevraagd wordt, wil ik in ieder geval zo goed mogelijk beschermd zijn.”

Toen de vaccinaties nog niet breed beschikbaar waren, konden Indiërs tegen betaling terecht in privéklinieken, die toen een kwart van de beschikbare voorraad hadden ingekocht. In november bleken de privéziekenhuizen een overschot te hebben: de groep Indiërs die zelf kon of wilde betalen was kleiner dan de voorraad. Die doses dreigen nu over datum te raken. De voorraad kan snel worden gebruikt voor het aanbieden van de booster, stellen de privéklinieken voor aan mensen die hun dubbele vaccinatie ook zelf kochten.

In New Delhi zou een deur-tot-deur-campagne helpen de reguliere vaccinatiegraad zo veel mogelijk op te krikken, denken maatschappelijk werker Farooq en arts Alvi. Bewoners in de sloppenwijken vertrouwen op netwerken van veelal vrijwillige zorgverleners zoals de asha’s (accredited social health activists) die ook buiten coronatijd de gezondheidszorg overeindhouden, stelt Farooq. „Uitleggen is goed,” zegt Alvi. „Maar een echt verschil maak je als de tot nu toe onbereikte mensen ook direct een prik kunnen krijgen. Zulke acties moeten er meer komen, idealiter om de vaccins van deur tot deur te brengen.”

Dit is het eerste artikel van Lisa Dupuy als correspondent India.