Opinie

Wat weet ik nu helemaal?

Ben Tiggelaar

Mijn vrouw en ik hebben corona en mogen de deur niet uit. Als medicijn kijken en becommentariëren we een aflevering van Ik vertrek. Twee hippe Amsterdammers emigreren met hun kinderen naar Portugal. De leader van het programma activeert meteen allerlei vooroordelen bij mij. Maar nog geen tien minuten later leer ik dat zij na een zware burn-out haar carrière heeft omgegooid en hij is hersteld van kanker. Een klein uurtje verder resteert vooral respect voor het stel.

Voor mijn werk verdiep ik me al jaren in de denkfouten die we maken bij het beoordelen van mensen en het nemen van beslissingen. Maar dat betekent niet dat ik er minder vatbaar voor ben. Wat er gebeurde bij dit tv-programma is een voorbeeld van de representativiteitsheuristiek: een cognitieve vuistregel waarbij je op basis van een of enkele kenmerken mensen en dingen meteen indeelt in een categorie. Amsterdam? Praatjesmakers! Emigreren voor je 40ste? Verwend!

Dat ik zelf een aantal jaren in Amsterdam woonde en ons gezin een tijdje buiten Nederland vertoefde, speelt op zo'n moment even geen rol.

Helemaal slim is het je mond te houden tot je iets meer weet en wat beter hebt nagedacht

De Amerikaanse politicoloog Herbert Simon gaf dit fenomeen in de jaren 1950 een naam: bounded rationality, begrensde rationaliteit. Volgens Simon is het voor ons mensen meestal niet mogelijk over alle feiten te beschikken die nodig zijn om optimale beslissingen te nemen en die vervolgens ook nog eens systematisch te evalueren. Dus behelpen we ons met brokjes informatie en simpele denkprocedures.

Een paar weken geleden sprak ik er nog uitgebreid over met een groep studenten. Een van hen vertelde hoe zij zich, na het lezen van een stuk over de beschikbaarheidsheuristiek, realiseerde dat ze haar mening over andere mensen vaak te snel en te gemakkelijk vormde. Enkel op basis van de informatie die zij snel en eenvoudig kon oproepen uit het eigen geheugen. „Bij Mark Rutte denk ik altijd meteen aan die foto’s waarop hij staat te lachen. En dan krijg ik een hekel aan hem, omdat ik denk dat hij de problemen in het land niet serieus neemt.”

We realiseerden ons samen dat je vaak maar heel weinig weet over collega’s, medestudenten en bestuurders, en toch denkt dat je ze kent of kunt inschatten. Maar wie weet nu echt of Ernst Kuipers een geschiktere minister van Volksgezondheid is dan Hugo de Jonge? En wie kan nu daadwerkelijk de leiderschapskwaliteiten van Rutte inschatten? Of beoordelen of er serieus wordt gewerkt aan een nieuwe bestuurscultuur in Den Haag? Welke feiten kennen we echt en hoe weten we of die representatief zijn? Wat weet ik nu helemaal?

Wanneer je belangrijke beslissingen neemt of zwaarwegende oordelen velt, is het goed om jezelf dit soort kritische vragen te stellen. Wat ook helpt, is actief zoeken naar informatie die niet overeenkomt met wat je al weet. En helemaal slim is het om gewoon je mond te houden totdat je iets meer weet en wat beter hebt nagedacht. (Even tussendoor: wat zou het dan heerlijk rustig zijn in de meeste talkshows en op social media). Vanavond ga ik zelf nog eens goed oefenen met een nieuwe aflevering van Ik vertrek.

Ben Tiggelaar schrijft wekelijks over persoonlijk leiderschap, werk en management.