Wat voetballers achter de hand zeggen, blijft voor het publiek geheim

Voetbal Het is gemeengoed geworden: voetballers die op het veld met de hand voor de mond spreken zodat voor de buitenwereld niet te ontcijferen is wat ze zeggen. Waar praten spelers over op zulke momenten? En welke rol spelen sociale media bij dit verschijnsel?

Cristiano Ronaldo (rechts) in zijn tijd bij Juventus op de reservebank in gesprek met zijn teamgenoot Medhi Benatia.
Cristiano Ronaldo (rechts) in zijn tijd bij Juventus op de reservebank in gesprek met zijn teamgenoot Medhi Benatia. Foto Paolo Magni/EPA

Chelsea-spelers Romelu Lukaku en Hakim Ziyech lopen, nog bezweet en nahijgend van hun inspanningen, over het veld na het rustsignaal bij Brighton-Chelsea. Hun club staat 1-0 voor, maar toch lijkt er wat onenigheid te zijn tussen de Belgische spits en de Marokkaans middenvelder. Wat ze precies zeggen is aanvankelijk niet goed verstaanbaar; Ziyech houdt een hand voor zijn mond terwijl hij in het Nederlands met zijn ploeggenoot praat.

Een dag later zijn er talloze artikelen vol speculaties geschreven over de ‘ruzie’, is de video uitgebreid geanalyseerd en geeft Ziggo Sport uitsluitsel: het gesprek ging over een pass bij een kansrijke aanval. Het was een voetbalinhoudelijke discussie zoals er elke wedstrijd tientallen plaatsvinden op het veld, maar doordat Ziyech zijn mond bedekte, hing er een zweem van geheimzinnigheid rond het breed uitgemeten overleg.

Waar het achter de hand praten inmiddels tot de voetbalfolklore behoort, was dat in 2010 nog niet het geval. Toen Robin van Persie in dat jaar in een WK-wedstrijd tegen Slowakije gewisseld werd, beet hij bondscoach Bert van Marwijk foeterend iets toe. Wat hij precies zei, was niet geheel duidelijk. Na de wedstrijd huurde de NOS liplezers in, om zo de code te kunnen kraken. „Je moet Sneijder wisselen”, zou Van Persie gezegd hebben. De spits zelf ontkende dat: „Ik heb geen namen genoemd”, zei hij. „Dan moeten jullie betere liplezers in dienst nemen.”

Toeval of niet, maar in de periode na het WK raakte dit verschijnsel – met een hand voor de mond praten zodat voor tv-kijkers niet duidelijk is wat er gezegd wordt – steeds meer in zwang bij Oranje. Zo uitte Rafael van der Vaart in september 2010 met een hand voor de mond zijn onvrede na een wissel in een interland tegen Finland. Mark van Bommel bedekte zijn mond voor de buitenwereld terwijl hij na de gênante EK-uitschakeling in 2012 op het veld sprak met zijn schoonvader, bondscoach Bert van Marwijk.

WK 2010: Robin van Persie beklaagt zich bij bondscoach Bert van Marwijk. Foto Back Page Images/Rex Features

Van Lionel Messi en Cristiano Ronaldo tot aan spelers in de Eredivisie, het achter de hand praten op het veld is inmiddels gemeengoed geworden. Soms vergeten voetballers in het heetst van de strijd dat er liplezers mee kunnen kijken, wat kan zorgen voor precaire situaties. Paris Saint-Germain-aanvaller Kylian Mbappé ontketende in september vorig jaar een mediastorm nadat hij collega-ster Neymar weinig eerbiedig voor „clochard” had versleten na een wissel. Het moge duidelijk zijn: alle verbale uitingen van topspelers op het veld worden, mits zichtbaar, opgepikt en uitgebreid geanalyseerd.

Spanje en Zuid-Amerika

Waar het achter de hand praten is begonnen, is niet geheel duidelijk. Het populaire Spaanse voetbalprogramma El Día Después liet al in de jaren negentig zeer regelmatig audiofragmenten van gesprekken tussen spelers of trainers tijdens voetbalwedstrijden horen, gewoon opgenomen met een cameramicrofoon. De mogelijkheid dat gesprekken of opmerkingen op nationale televisie werden uitgezonden, zorgde ervoor dat voetballers ietwat voorzichtiger werden. „Ik denk dat het eind jaren negentig gebruikelijk werd”, zei José Larrazo, destijds betrokken bij El Día Después, in 2017 tegen Hoy over het achter de hand spreken op de Spaanse voetbalvelden.

Volgens communicatieadviseur Phil Hall is het fenomeen ontstaan in Zuid-Amerika, waar tv-programma’s (zoals het Braziliaanse Fantástico) al jarenlang liplezers inhuren om uit de doeken te doen wat er wordt gezegd op en rondom het veld, zo vertelde hij aan de Britse tabloid The Sun.

Het is dus niet helemaal duidelijk waar en wanneer het fenomeen precies begonnen is, ook omdat het praten achter de hand eveneens in andere sporten gebruikt wordt – zoals in de NBA door sterbasketballer LeBron James, die soms zelfs de kraag van zijn shirt voor zijn mond houdt zodat liplezers niet kunnen zien wat hij zegt.

Wel valt op dat het fenomeen tijdens het WK in Brazilië in 2014 een extra impuls kreeg. Een Engelse liplezer kondigde voor het toernooi aan dat zij alle uitingen van bondscoach Roy Hodgson en diens spelers nauwgezet zou volgen en op Twitter zou zetten. En Braziliaanse tv-zenders nodigden liplezers uit die alle wedstrijden en trainingen bekeken, zodat elke zin die de mond van een Braziliaanse voetballer verliet opgevangen en geanalyseerd kon worden. Het zorgde voor ergernis bij bondscoach Luiz Felipe Scolari, zeker omdat de verwachtingen torenhoog waren en het toernooi weinig succesvol verliep. Hij en zijn spelers spraken daarna op het veld voornamelijk nog met de hand voor de mond, niet alleen zodat ze geen onverstandige uitspraken zouden doen, maar ook om Scolari’s strijdplan niet te openbaren.

„Ik heb het eerlijk gezegd nooit begrepen, maar dat komt misschien ook door het niveau waarop ik speel”, zegt Sparta-verdediger Bart Vriends. Hij kan zich niet herinneren dat hij zelf ooit zijn mond heeft bedekt op het veld. „Het is natuurlijk wel de Eredivisie, maar zoveel camera’s zoomen ook weer niet in op wat ik tegen Aaron Meijers [verdediger van Sparta] zeg.”

Vriends begrijpt dat de absolute topvoetballers op bijvoorbeeld WK’s voorzichtig zijn, maar op andere niveaus voelt het voor hem „een beetje overdreven en onnodig.” Gevraagd naar de redenen waarom andere spelers wél achter de hand praten, vertelt de verdediger dat hij denkt dat niet alleen de angst voor de camera’s, maar ook kopieergedrag en gewenning een rol spelen. In de voetbalwereld worden de handelingen van sterspelers nu eenmaal vaak gemeengoed.

De Sparta-verdediger heeft wel een idee waar voetballers het over hebben als ze niet willen dat de buitenwereld meekijkt. „Over een teamgenoot die alles alleen doet of alle ballen inlevert. Of over de trainer die staat te blèren langs de kant. Zoiets zal het zijn. Dat zijn van die momenten dat spelers elkaar opzoeken om even te roddelen.” Al komt het soms ook voor dat voetballers na afloop van een wedstrijd slechts wat beleefdheden uitwisselen en dan alsnog de hand voor de mond houden, zegt Vriends.

Er lijken twee belangrijke redenen voor spelers om voorzichtiger te zijn met hun uitspraken op het veld: de toename van het aantal camera’s – minstens dertig bij Premier Leaguewedstrijden – en de opkomst van sociale media. Gesprekken op het veld worden nu vrijwel altijd geregistreerd, en kunnen via bijvoorbeeld Twitter razendsnel de hele wereld over gaan.

Lionel Messi (links) hield bij FC Barcelona jarenlang een hand voor zijn mond als hij tegen een medespeler sprak, zoals hier tegen Ricard Puig. Foto Enric/Fontcuberta

In 2019 ging een korte video van Manchester United-verdediger Phil Jones viraal, omdat hij op de tribune gerefereerd zou hebben aan een mogelijk ontslag van zijn toenmalige trainer, Ole Gunnar Solskjær. Vice-voorzitter Ed Woodward, die op de tribune onder Jones zat, ontkende dit en legde later in een interview uit dat er iets anders gezegd werd, maar het kwaad was al geschied. Ook door tabloids ingehuurde liplezers gingen met de uitspraak van Jones aan de haal.

Beledigende opmerkingen

Het is „plausibel” dat het achter de hand praten te maken heeft met de opkomst van sociale media, zegt Jacco van Sterkenburg, als bijzonder hoogleraar verbonden aan de Erasmus Universiteit. Hij kent geen onderzoek dat een directe oorzaak-gevolgrelatie tussen de twee suggereert, maar vermoedt wel dat sociale media bijdragen aan een voetbalcultuur waarin achter de hand praten normaal wordt gevonden. „Ik denk dat de opkomst van sociale media bijdraagt aan het feit dat spelers nóg beter weten dat ze onder een vergrootglas liggen en dat mensen met ze meekijken”, vertelt hij.

Het is duidelijk dat de hand voor de mond kan voorkomen dat beledigende opmerkingen of het strijdplan op sociale media verschijnen. Volgens communicatieadviseur Hall is er nog een andere reden waarom voetballers op het veld vaak met de hand voor de mond praten: om beter verstaanbaar te zijn in een rumoerig stadion.

„Flauwekul”, volgens Vriends. „Als je naast elkaar staat binnen een afstand van één of twee meter, kan je elkaar prima verstaan in een vol stadion”, zegt hij. Halls theorie wordt bovendien ontkracht door het feit dat spelers in lege stadions nog steeds hun mond vaak bedekken als ze praten. „Het heeft met de camera’s te maken. Met de mogelijke dreiging van een close-up, waarbij geregistreerd wordt wat een voetballer zegt tegen een teamgenoot. En ook een beetje met een overtrokken angst van spelers om exposed te worden”, aldus Vriends.

Het achter de hand praten van voetballers kwam vorig jaar onder een vergrootglas te liggen toen Slavia Praag-verdediger Ondrej Kudela zijn tegenstander, Glen Kamara van het Schotse Rangers, racistisch bejegende tijdens een Europa Leaguewedstrijd. Kudela werd voor tien wedstrijden geschorst door UEFA. Clarence Seedorf – ambassadeur voor diversiteit bij de Europese voetbalbond – riep daarna op tot een verbod op het bedekken van de mond als spelers tegen de scheidsrechter of tegenstanders spreken.

Op dit moment zijn er nog geen sancties aangekondigd voor het achter de hand praten. Van Sterkenburg, die zelf al jarenlang onderzoek doet naar racisme en voetbal, zou meer zicht willen hebben op hoe frequent dit voorkomt. „De omvang van het probleem is mij nog onduidelijk”, zegt hij. Van Sterkenburg stelt voor om bij spelers te inventariseren hoe vaak racistische uitingen bij het achter de hand praten voorkomen en noemt het voorbeeld van Kamara „reden genoeg om hier serieus naar te kijken”.

Vooralsnog zal het achter de hand praten nog te zien blijven op de velden, als eigenaardigheid die inmiddels tot de voetbalcultuur behoort.