Stel dat je met een of andere ellendeling had afgesproken dit weekend bij het eerste ochtendgloren op een afgelegen veldje te duelleren, hoe laat had je je dan moeten melden? Kwart over acht? Acht uur? Niet veel eerder natuurlijk want om half acht had je elkaar niet kunnen vinden.
Over deze kwestie moet vertaler Charles B. Timmer rond 1989 hebben nagedacht toen hij Poesjkins gedicht Jewgeni Onegin van aantekeningen voorzag. In het verhaal besluiten de vrienden Lenski en Onegin tot een duel dat rond 27 januari zal plaatsvinden. Lenski’s secondant wekt hem op de kwade dag om kwart over zes omdat-ie bang is dat Onegin allang op het afgesproken terrein staat. „Nogal zonderling”, schrijft Timmer kribbig. Wat had Onegin daar in het stikdonker te zoeken? Het vroor dat het kraakte, op het beslissende moment had hij van de kou geen pistool meer kunnen vasthouden.
Timmer vond het niks maar liet het vers ongemoeid. In Tolstojs Anna Karenina komt ook zo’n verwarrende passage voor. In hoofdstuk 14 van het tweede deel gaan de vrienden Oblonski en Lewin ’s avonds na zonsondergang op snippenjacht. Het is begin mei, er ligt nog wat sneeuw maar de koekoek is al terug. Tolstoj geeft een sfeerrijke beschrijving van het beladen samenzijn: hoog aan de donkerblauwe hemel de Grote Beer, in het oosten de sombere, rossige Arcturus, laag in het westen de zilveren Venus. Dan komt die passage: om de terugkeer nog wat uit te stellen besluit Lewin te wachten tot Venus, die hij eerst onder een berkentak ziet staan, voldoende ver boven de tak gekomen is.
Indrukwekkende film
Tja. Een heel schuine tak? In het westen is Venus altijd ‘avondster’, ze kan er alleen maar dalen en niet zomaar boven een tak verschijnen waar ze eerst onder stond. Het is met een pennenstreek recht te zetten.
Niet helemaal toevallig kwam deze week de indrukwekkende film Melancholia terug in de herinnering. Angst en niet te ontlopen zwaarmoedigheid worden er verbeeld door de nadering van een nooit eerder waargenomen planeet die tegen de aarde dreigt te botsen. Wetenschappers berekenen dat het goed zal aflopen maar dat doet het niet. Ook deze film, die in Zweden speelt, heeft een kosmografische ontsporing. Als hoofdpersoon Justine op de avond van haar huwelijk hoog aan de hemel een rode ster ziet staan krijgt ze te horen dat dat Antares is, deel van het sterrenbeeld Schorpioen. De volgende ochtend is Antares zogenaamd onzichtbaar omdat die wordt afgedekt door planeet Melancholia. Sinister genoeg, en alleen de insider weet dat Antares in Zweden nooit hoog aan de hemel staat en zeker niet ’s ochtends én ’s avonds.
Dichterlijke vrijheden: wij van de hbs hebben er moeite mee. Vorige maand ging Netflix’ Don’t Look Up in première, deze keer is het een komeet die op de aarde te pletter zal slaan. Aangenomen wordt dat de satire eigenlijk over de klimaatcrisis gaat maar het zou net zo goed corona of kernenergie kunnen zijn. Het gaat vooral over het verloren aanzien van de wetenschap en het cynisme van politiek en media. En over het gemak waarmee het publiek is te bedonderen.
In de film valt na enig oponthoud het besluit de aanstormende komeet met kernwapens uit de koers te blazen, later wil men hem liever in kleine stukken laten neerkomen. Als ook dat mislukt verlaat een select gezelschap de aarde om ergens verderop een nieuwe planeet te gaan bewonen. Het is helemaal Hollywood.
Toenemende snelheid
Het verrassende van Don’t Look Up is dat het astronomisch gedeelte zo realistisch is uitgewerkt. Wie de notaties op de computermonitor van de telescoop ontcijfert stelt vast dat komeet Dibiasky, als hij ontdekt wordt, in het sterrenbeeld Zwaan staat (rechte klimming 21 uur 24 minuten, declinatie 58 graden 15 minuten) en dat het dus logisch is dat de telescoop van Michigan State steil omhoog (73 graden elevatie) op het westzuidwesten (azimut 243 graden) gericht wordt om hem in beeld te krijgen. Ook de positie van de komeet, voorbij Jupiter, en de bij nadering toenemende snelheid zijn heel geloofwaardig. Zelfs valt in te stemmen met de bewering dat de komeet bij zijn inslag meer energie zal overdragen dan een miljard Hiroshima-bommen.
Minder aannemelijk is dan weer dat vijf uur registratie volstaan om (op een schoolbord!) uit te rekenen dat de komeet over 194 dagen zal aankomen. Raar is ook het schema van het zonnestelsel dat de Michigan-astronomen naar NASA mailen om de aard van de dreigende catastrofe te verduidelijken. Het laat juist zien dat de komeet de aarde ruimschoots zal passeren.
Het zullen wel weloverwogen onjuistheden zijn. Als student Kate Dibiasky ’s avonds laat vrijend op het dak van een huis in Illinois de planeet Venus bij de Grote Beer en de Poolster ziet staan is er toch weer twijfel. Venus komt daar nooit in de buurt en het genoemde schema liet juist zien dat Venus op het betreffende moment ‘ochtendster’ is. Wat ook hindert is dat het in die 194 dagen voortdurend tussen zomer en winter wisselt. En dat er ‘s nachts in het besneeuwde Washington krekels tsjirpen. Gewoon donker is nooit donker genoeg voor Hollywood.