‘Zonder veranderingen blijft politiek iets voor grijze oude mannetjes’

Raadswerk Werkdruk weerhoudt sommigen ervan raadslid te worden of te blijven. Partijen moesten hard zoeken naar kandidaten.

Campagneposters in de gemeente Haarlemmermeer in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2018.
Campagneposters in de gemeente Haarlemmermeer in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 2018. Foto Peter Hilz / Hollandse Hoogte

In Leudal zegt VVD-fractievoorzitter Ad Thomassen: „Als ik mensen vraag voor de gemeenteraad zeggen ze dat ze het te druk hebben met hun baan of opleiding.” De VVD in Leudal doet niet mee aan de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Hij wil er „geen drama van maken. Maar ik had na twaalf jaar graag het stokje overgedragen.”

In Etten-Leur vertelt Anita Meeuwsen: „Het raadswerk werd me op een gegeven moment gewoon te veel.” De VVD’er stapte vorig jaar op als raadslid, nog voor haar termijn was afgelopen. Want na een raadsvergadering tot half twaalf gaat „de volgende ochtend de wekker gewoon om half zes, zes uur”, zegt de ondernemer. „Dat gaat je opbreken.”

In Alkmaar zegt Rich Tiggeler: „Als ondernemer neem je opdrachten aan. En het gemeenteraadswerk is niet altijd even goed te plannen. Het werd steeds moeilijker verenigbaar.” Met een dochter van vijf en een zoon van vijftien maanden werd ook voor deze VVD’er de combinatie met raadswerk lastig. „Op een gegeven moment merkte ik dat ik hun sneller ging voorlezen om op tijd bij vergaderingen te zijn.”

Zulke verhalen zijn niet voorbehouden aan VVD’ers. Afhakende raadsleden komen bij vrijwel álle partijen voor, landelijk en lokaal. Uit onderzoek van NRC op basis van gegevens van de Overheidsalmanak blijkt dat tussen de 13 en 15 procent van de raadsleden die in 2018 werd gekozen en niet onmiddellijk wethouder werd, voortijdig stopte met raadswerk.

Lees ook: Met het werk voor de gemeenteraad kun je een hele week vullen, weet dit raadslid uit Gouda

En in het hele land zijn er raadsleden die het na één termijn welletjes vinden, en hebben partijen moeite met het vinden van aspirant-raadsleden voor de volgende vier jaar. Maandag wordt bekend hoeveel partijen genoeg kandidaten vonden om in maart mee te kunnen doen.

Een van de redenen is tijds- en werkdruk, zo blijkt uit het laatste Nationaal Raadsledenonderzoek. Een vijfde van de iets meer dan 8.506 raadsleden wil niet terugkeren na de verkiezingen: ze hebben de „behoefte aan meer vrije tijd, of willen hun tijd liever besteden aan hobby’s en/of familie.” Dat horen partijen die niet voldoende geschikte kandidaten vinden ook.

Gemiddeld besteden raadsleden in 2021 16,75 uur per week aan hun nevenfunctie – want dat is het raadswerk, naast hun gewone werk of opleiding. Hoe groter de gemeente, hoe meer tijd het raadswerk kost, tot in de vier grote steden meer dan 21 uur per week.

Zware dossiers

„Mijn vak is hoge hoeveelheden informatie verwerken”, zegt advocaat Hans Hueting. De D66’er stapte op uit de gemeenteraad van Westvoorne. „Jammer, ik denk wel dat het goed zou zijn dat – iemand zoals ik, dus iemand die in het werkend bestaan zit – in de raad zou zitten. Er zitten mensen met veel tijd. Zij gaan bijzaken erbij betrekken.”

Meer ondersteuning voor de gemeenteraad zou helpen, zegt Hueting. De Raad voor het Openbaar Bestuur signaleerde in 2020 dat er bij veel gemeenteraden – in essentie een lekenbestuur – een „grote verlegenheid” is om te investeren in griffiers en rekenkamers, terwijl gemeenten het afgelopen decennium meer taken kregen.

VVD’er Tiggeler vertelt dat hij zich wilde vastbijten in de „zware dossiers” jeugdzorg en maatschappelijke ondersteuning, taken die gemeenten sinds 2015 uitvoeren. „Om al die rapporten door te akkeren, heb ik echt tijd vrijgemaakt. Als ondernemer kan je dat gemakkelijker doen.” Maar zegt hij: „Toen heb ik een jaar wel 40.000 euro minder omgezet in mijn onderneming.”

Dat kan niet iedereen zich veroorloven. In Oirschot denkt Erik Strijbos (Groen en Sociaal) dat het raadslidmaatschap misschien een gewone baan zou moeten worden. „Het raadswerk wordt gezien als een tijdelijk contract, niet als een inkomen”, vertelt hij. Daardoor wordt de vergoeding niet geaccepteerd bij de aanvraag voor bijvoorbeeld een hypotheek – een gewone, betaalde baan is noodzakelijk voor iemand die een gezin wil onderhouden.

Lees ook dit opiniestuk: Een raadslid heeft geen sociaal leven

Die groep raadsleden raakt juist in de knel. Door de combinatie raadswerk, nieuwe baan en twee jonge kinderen zat Strijbos tegen een burn-out aan, ook hij haakte af. „Zo blijft politiek voor grijze oude mannetjes. Dat is heel treurig.”

Minder dan 1 procent actief

Het begint ermee dat minder dan 1 procent van de inwoners van een gemiddelde gemeente politiek actief is, berekent bestuurskundige Julien van Ostaaijen in zijn volgende week te verschijnen boek Lokale democratie doorgelicht – het functioneren van een onbegrepen bestuur. Terwijl er 8.506 raadsleden, ruim 1.300 wethouders en daarnaast nog fractiemedewerkers en partijbestuurders nodig zijn. „Je vist in een klein vijvertje.”

„Dat past in een patroon. Je ziet ook bij petities, bij inspraakavonden een beperkt aantal mensen. In Europees verband valt dat op: Nederland heeft heel veel vrijwilligers en mantelzorgers, maar geen lokale politieke cultuur”, zegt Van Ostaaijen.

Ik ging de kinderen sneller voorlezen om op tijd bij vergaderingen te zijn

Rich Tiggeler VVD-raadslid Alkmaar

De mensen die wél actief zijn, zijn degenen „die in een bepaalde levensfase zitten, flexibel zijn in hun werk, of hun werkende leven achter zich hebben gelaten. Ik ben niet van de school dat de raad een perfecte demografische afspiegeling moet zijn, maar je wilt wel een diverse raad”, zegt hij. „Je wilt niet alleen Rotary-leden of voedselbankvrijwilligers, je wilt beiden. Je wilt ook de drukke doelgroep met kinderen.”

Er zijn oplossingen, zegt Van Ostaaijen. „Laat je als raad eens niet leiden door het college van burgemeester en wethouders. Er zijn experimenten met agenda-, stukken- en collegeloos vergaderen.”

Marcel Boogers, hoogleraar regionaal bestuur aan de Universiteit Twente, ziet ook oplossingen. De gemeenteraad heeft er taken bijgekregen van het Rijk en is versnipperd geraakt door een hoeveelheid aan partijen. Dat betekent dat er méér gedaan moet worden door kleinere fracties. Maar „in kiezen zijn politici niet goed”. „Waar wil je je als partij op profileren? Het openbaar vervoer, milieu, werkgelegenheid? Natuurlijk ben je overal verantwoordelijk voor, maar dat betekent niet dat je van alles van de hoed en de rand hoeft te weten.”

De versnippering van partijen zorgt in veel gemeenten bovendien voor „veel gedoe”, signaleert Boogers. „Het gaat dan niet om de inhoud, maar om procedures of geheimhouding. Dat noemen ze dan werkdruk.”

Lees ook: Na een praatje bij een borrel sta je al op de lijst

Ook Willem den Ouden van Pro Actief Goirle maakte zich zorgen over de kandidatenlijst. In zijn gemeente is vier jaar geleden al bedacht om meer op hoofdlijnen en thema’s te gaan werken om „het vergadercircuit” te beperken. Toch, zegt hij „lopen we allemaal tegen onze grenzen aan. Inwoners zijn mondiger geworden, veel items zijn de gemeente ontstegen en regionaal belegd en hoe controleer je die nu weer? Onderwerpen zijn ingewikkelder.”

Hij had moeite geschikte kandidaten te vinden, maar dat lukte toch. Een bezorgde oproep in de lokale krant zorgde alsnog voor voldoende gegadigden.