Taliban zien gesprekken in Oslo als stap naar erkenning

Diplomatie Westerse overheden hoopten de Taliban in Oslo tot concessies te bewegen op het gebied van mensenrechten. De Afghaanse machthebbers zagen er vooral een pr-kans in.

Taliban-vertegenwoordiger Anas Haqqani in Oslo.
Taliban-vertegenwoordiger Anas Haqqani in Oslo. Foto Stian Lysberg/AFP

Een driedaagse ontmoeting tussen westerse overheden en de Taliban in Oslo heeft – voor zover bekend – alleen iets opgeleverd voor de Taliban.

De gesprekken vonden plaats op uitnodiging van de Noorse regering en hadden plaats in het luxe Soria Moria-hotel, waar de Taliban per privévliegtuig voor afreisden. Regulier vliegverkeer vanuit Afghanistan is er nog steeds nauwelijks, en het is voor gewone Afghanen nog altijd heel moeilijk om aan een paspoort of visum te komen. Hierdoor leven veel Afghanen die vrezen voor represailles van de Taliban al bijna een half jaar ondergedoken.

De dinsdag beëindigde bijeenkomst was een poging om afspraken te maken over humanitaire hulp en rechten voor met name Afghaanse vrouwen en meisjes. Door de instorting van de economie na de machtsovername in augustus heeft ruim de helft van de bijna 40 miljoen Afghanen te weinig te eten. Steeds meer gezinnen leven in de vrieskou op straat.

De gesprekken moeten volgens de Noorse premier Jonas Gahr Støre ook gezien worden als „de eerste stap in de omgang met de mensen die de facto de macht hebben in Afghanistan”.

Vrijgave van tegoeden

De Taliban eisen de vrijgave van zo’n 10 miljard dollar aan tegoeden die de Amerikaanse centrale bank, het IMF en de Wereldbank in augustus hebben bevroren. Westerse overheden eisen van de Taliban dat zij de mensenrechten naleven. Pas dan willen ze officiële erkenning van het nieuwe regime overwegen, en die erkenning stellen zij als voorwaarde voor het vrijgeven van de tegoeden.

Zij willen nog niet concluderen dat de Taliban tekortschieten. Sommige waarnemers stellen dat de situatie meevalt, omdat bijvoorbeeld massa-executies tot nu toe zijn uitgebleven. Daartegenover staat dat er wel degelijk mensen worden omgebracht en dat activisten en journalisten worden opgepakt, ontvoerd en mishandeld. Vrouwenrechtenactivisten vragen bijvoorbeeld tevergeefs om opheldering over de verdwijning van de activistes Parawana Ibrahimkhel en Tamana Zaryabi Paryani met haar twee zussen, na deelname aan een vreedzaam protest.

Lees ook: Uitzonderingen op sancties tegen de Taliban om hongersnood te voorkomen

Ook mogen de meeste vrouwen niet buitenshuis werken en de meeste meisjes niet naar de middelbare school. Over dat laatste hebben de Taliban gezegd dat het hun intentie is om dit weer mogelijk te maken, maar dat er eerst aparte schoolgebouwen moeten komen voor gescheiden onderwijs. Concrete toezeggingen hebben zij in Oslo niet gedaan.

Internationale erkenning

De Taliban zijn hard op zoek naar internationale erkenning en de beschikking over de Afghaanse fondsen, maar in onderhandeling zijn ze zeker niet de onderliggende partij. Dit komt doordat ze nu eenmaal de macht hebben in het land, en beschikken over het lot van de duizenden mensen die westerse landen nog willen evacueren. Britse, Franse en Duitse diplomaten grepen daarom de gelegenheid aan om de Taliban in bilaterale gesprekken om medewerking op dit dossier te verzoeken.

Zo zaten de Taliban-leiders dus als volwaardig gesprekspartner aan tafel, zonder beloftes te hoeven doen. De Noorse minister van Buitenlandse Zaken benadrukte dat de gesprekken „geen legitimering of erkenning van de Taliban betekenen”. Maar het beeld is anders, en dat verwoordden de Taliban ook zonder blikken of blozen. „Het feit dat we naar Noorwegen zijn gekomen is een succes op zichzelf, omdat we hebben deelgenomen op het internationale toneel”, zei waarnemend minister van Buitenlandse Zaken Amir Khan Muttaqi.

Mensenrechtenactivisten hadden Noorwegen opgeroepen om zowel hem als de meegereisde Anas Haqqani – een leider van het terroristische Haqqani-netwerk – te arresteren wegens misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden. Noorwegen had dit op grond van univerele jurisdictie kunnen doen, maar heeft er geen gehoor aan gegeven.