Opinie

Rekenkamer vertelde de pijnlijke waarheid over grutto-subsidies

Weidevogels Volgens een natuurbeheerder gaf de Rekenkamer een verkeerd beeld van de gruttostand. Dat is feitelijk onjuist, repliceert .
Grutto met op de achtergrond een tractor met mestinjecteur die door het broedgebied rijdt.
Grutto met op de achtergrond een tractor met mestinjecteur die door het broedgebied rijdt. Foto Marcel van Kammen ANP / Hollandse Hoogte

Tegenspraak is gezond, weet de Algemene Rekenkamer als geen ander. Maar als NRC Handelsblad een volle pagina inruimt voor een stuk van Mark Kuiper die de grote ‘vertrouwensvraag’ stelt, hoort daarbij een even stevige als onweerlegbare argumentatie. Het betoog van Mark Kuiper, coördinator van een adviesbureau voor agrarisch natuurbeheer, voldoet echter niet aan die voorwaarde.

Vooropgesteld: vele boeren zetten zich in voor behoud van weidevogels. Om dat goed te doen, is inzicht in het effect van gesubsidieerde maatregelen noodzakelijk. Dat inzicht gaf ons rapport Waar is de grutto?. Maar het opiniestuk over ons rapport is gebaseerd op denkfouten en feitelijke onjuistheden. Neem de bewering dat het rapport van Rekenkamer niet kijkt naar het effect van de gesubsidieerde maatregelen die boeren nemen om de grutto te beschermen. Eén blik op ons rapport leert al dat we dat juist wel deden. De basis daarvoor is een wetenschappelijke analyse van data verzameld in het veld.

Nieuwe feiten

Ronduit merkwaardig is het verwijt dat het rapport geen nieuwe inzichten biedt. Want dan hoort de vraag niet te zijn wat de Rekenkamer „bezielt” die inzichten te reproduceren, maar wel wat degenen die dat al wisten heeft bezield om geen betere aanpak te propageren.

Het rapport biedt wel degelijk nieuwe feiten: het geeft voor het eerst inzicht in de totale uitgaven aan weidevogelbeleid in Nederland en brengt landelijk in kaart waar de grutto kansen heeft en op hoeveel hectaren in die gebieden agrarisch natuur- en landschapsbeheer wordt toegepast. En waar niet. Ook daarom is Kuipers beschrijving van ons onderzoek naar de omvang van het gebied waarin boeren maatregelen nemen, op zijn best een karikatuur. Hij doet het voorkomen of wij de kaart van heel Nederland als vergelijkingsmateriaal hebben gebruikt. Gewoon onjuist.

Lees ook: Veel meer geld, en toch zijn er minder weidevogels

Coördinator agrarisch natuurbeheer Kuiper eindigt met de stelling dat men zich geen zorgen hoeft te maken. „Het komt wel goed” omdat „impliciete suggesties” ( welke zijn dat overigens?) van de Rekenkamer „in alle bestuurslagen met een hoofdschuddend lachje de prullenbak [in gaan]”. Dat roept de vraag op waar die wetenschap vandaan komt. En wie hoeven zich geen zorgen te maken?

Let op, Kuiper stelt dat het „een zegen” is dat de minister niet weet hoe en waar het subsidiegeld wordt besteed, want „nu ligt de verantwoordelijkheid bij lokale weidevogeldeskundigen”. Ik vermag niet te begrijpen dat een dergelijk democratisch tekort als zegenrijk wordt omschreven. Zelfs al was de aanpak van die deskundigen wel succesvol gebleken, dan nog hoort in een democratie het resultaat van de inzet van publiek geld voor landelijke publieke doelstellingen bekend te zijn bij de minister en het parlement. In het openbaar.

Rekenkamer legde juist bloot dat geld voor grutto’s minder effectief was

Hier valt Kuiper in de kuil die hij graaft voor een ander: het rapport bood toch geen nieuwe inzichten? Of wilden degenen die dit allemaal wisten, liever niet dat anderen weten dat niet alle gesubsidieerde aanpak even effectief is? Dan is het maar goed dat er een Algemene Rekenkamer is, die dat bloot legt.

Nationale vogel

Want juist als het geen nieuwe informatie zou zijn dat het slecht gaat met de grutto ondanks groeiende subsidiebedragen (inmiddels ruim 33 miljoen euro per jaar), geldt: doe er wat aan! De grutto is onze nationale vogel. Nederland heeft een bijzondere verantwoordelijkheid voor de wereldwijde populatie. Sinds de jaren zeventig is geen aanpak landelijk succesvol. Er zijn zeker lokale succesverhalen, maar die zijn uitzondering en niet de regel. Dat is pijnlijk om te horen, zeker voor de vele boeren die zich hier vol overgave voor inzetten. Maar ook pijnlijke waarheden moeten worden gezegd.