Recensie

Recensie Film

Nightmare Alley is een remake van de film noir-klassieker, maar dat alleen al zeggen doet de film tekort

Drama In de elegante remake van film noir ‘Nightmare Alley’ staat een kermis in de jaren veertig voor ons verlangen naar illusie.

Bradley Cooper in Nightmare Alley.
Bradley Cooper in Nightmare Alley. Foto Kerry Hayes, 20th Century Studios

Wat een rijke en tegelijkertijd oogstrelende film heeft Guillermo del Toro weer afgeleverd met zijn remake van film noir-klassieker Nightmare Alley (1947) . Maar dat alleen al zeggen doet de film tekort. Ja, het is een remake, en ja, het is een film noir, maar dan eentje die zich niet alleen afspeelt in de schaduwwereld van beregende straten, fatale vrouwen en gedoemde mannen die heen en weer worden geslingerd tussen recht en onrecht, lot en zelfbeschikking.

Om te beginnen is de circuswereld waar Bradley Cooper als kermisknecht Stanton Carlisle zijn talent voor illusionisme ontdekt, een heerlijke modderpoel van alles wat onder het menselijk bewustzijn valt. Het reuzenrad draait alleen in de verte. Kermisbaas Willem Dafoe heeft allereerst een bonte verzameling gedachtelezers en goochelaars om zich heen verzameld. De belangrijkste attractie van het spookhuis is een spiegel waarin je je ware zelf kan zien.

Fatale vrouwen zijn er ook, ze worden gespeeld door Toni Collette, Rooney Mara en Cate Blanchett, die als psychoanalytica Stanton wil ontmaskeren maar ook in de ban raakt van zijn vermogen om mensen te lezen. Is er eigenlijk wel zo’n groot verschil tussen hun beider talenten en vooral ambities? Wat maakt de mens eigenlijk monsterachtig? Daar verschuift de film van noodlotsdrama naar psychologische thriller en weer terug. De kermis vertegenwoordigt de periferie, het subversieve, maar in de stad is pas echt eer te behalen. Daar wordt Stantons ondergang ingezet door de verleidingen van hebzucht en hoogmoed. Een klassiek faustiaans motief.

Fantasie-universum

Nightmare Alley bouwt verder aan Del Toro’s sprookjesachtige fantasie-universum van Pan’s Labyrinth tot het Oscarwinnende The Shape of Water. Het is een elegant gestileerd rariteitenkabinet vol morbiditeit en monsterachtigheid, nachtmerrie en visioen, een schatkamer vol eerbetoon aan de B-filmgeschiedenis. Maar Del Toro voegt ook een vleugje sociaal-realisme toe, waardoor de film zonder te moraliseren ook een menselijke en politieke boodschap heeft en over de vervaarlijke en fascinerende aantrekkingskracht van verbeelding zelf gaat. Voor de filmkunstenaar en voor zijn publiek, gehypnotiseerd door het grote bioscoopscherm. We verlangen naar illusie, we spelen begeesterd met vuur. De bliksemschichten en elektrische pulsen in de film verbeelden hoe wij mensen ons vaak halfgoden wanen en steeds weer het vuur uit de hemel stelen.