Sotheby’s helpt Louvre met onderzoek naar roofkunst in de collectie

Roofkunst Veilinghuis Sotheby’s gaat het Louvre helpen met onderzoek naar roofkunst in de collectie. Het gaat om kunstwerken die tussen 1933 en 1945 zijn verworven.

Het Louvre in Parijs gaat de 13.943 kunstwerken onderzoeken die het museum verwierf tussen 1933 en 1945.
Het Louvre in Parijs gaat de 13.943 kunstwerken onderzoeken die het museum verwierf tussen 1933 en 1945. Foto Bertrand Quay / AFP

Het Louvre in Parijs heeft experts van veilinghuis Sotheby’s ingehuurd om de collectie te laten doorvlooien op roofkunst uit de Tweede Wereldoorlog. Dat heeft het museum met een persbericht bekendgemaakt.

De komende drie jaar zullen medewerkers van Sotheby’s de 13.943 kunstwerken onderzoeken die het Louvre verwierf tussen 1933 en 1945. Ze gaan beoordelen of daar kunstwerken bij zitten die door de nazi’s zijn gestolen en dus in aanmerking komen voor restitutie.

Het driejarige partnerschap zal worden uitgevoerd door wetenschappers van de restitutie-afdeling van Sotheby’s. Naast het onderzoek zullen zij de betreffende collectiestukken ook digitaliseren en fotograferen.

Conferentie

De restitutie-afdeling van het veilinghuis telt vier medewerkers en werd opgericht een jaar na de Washington Conference on Stolen Nazi Art in 1998. Bij die conferentie werden elf uitgangspunten opgesteld voor teruggave van gestolen kunst. Deze regels zijn door 44 landen overgenomen, waaronder Nederland.

Volgens het veilinghuis heeft de restitutie-afdeling al geholpen bij het oplossen van problemen met honderden kunstwerken met een totale waarde van zo’n 900 miljoen euro.

De samenwerking gaat van start met een conferentie in het Louvre over de kunstmarkt tijdens de nazi-bezetting van Frankrijk. Daar bij zal de vorig jaar uitgebrachte documentaire van Vassili Silovic worden getoond, The Art Market During the Nazi Occupation.

Die documentaire is gebaseerd op een boek van de Franse kunsthistoricus Emmanuelle Polack. Hij maakte duidelijk hoe de kunstmarkt in Frankrijk bloeide tijdens de Duitse bezetting. Tussen 1940 en 1944 verwisselden bijna twee miljoen kunstwerken van eigenaar. Vanuit Parijs vertrokken die jaren meer dan 35.000 treinen beladen met kunstwerken en geplunderde voorwerpen, vooral afkomstig van Joodse eigenaren.

In opdracht van het Louvre deed Polack vanaf 2020 onderzoek naar de museumcollectie. Hij ontdekte tien kunstwerken van de Parijse advocaat Armand Dorville die in 1940 door de Duitse bezetters waren geroofd.