Artiesten met een onverwoestbaar podiumverlangen

Zap De muziekfilm Tot de laatste snik?! portretteert oudere artiesten die blijven optreden. Voor de vrouwen in de documentaire is het aanmerkelijk moeilijker om door te werken.

Monique en Suzanne Klemann van Loïs Lane in Tot de laatste snik?!.
Monique en Suzanne Klemann van Loïs Lane in Tot de laatste snik?!. Beeld NTR

Het idee was van Henny Vrienten: een muziekfilm over artiesten van zekere leeftijd die aan hun laatste ronde bezig zijn – of aan hun voorlaatste, want zolang het bloed kruipt, kruipt het waar het niet gaan kan. De 73-jarige Vrienten moest in september de afscheidstournee van Doe Maar wegens ziekte afzeggen; de concerten worden niet ingehaald. Tot de laatste snik?! (NTR) begint met gloedvolle beelden van Golden Earring George Kooymans, na wiens ALS-diagnose de band stopte. „Dat is toch het mooiste: een optreden waarvan je niet bevroedt dat het het laatste is”, zegt Rinus Gerritsen, de bassist van de Earring.

Gerritsen (75) speelt nu mee met de band van een andere zeventiger, Robert-Jan Stips. „Heb je het gas uitgedaan?” grapt Stips als hij zijn bassist thuis ophaalt voor een optreden. In dit nieuwe bestaan moet Gerritsen weer gewoon zelf zijn apparatuur aansluiten en hij moet flink studeren op de ‘notenbrij’ die Stips hem laat spelen, maar het podiumverlangen is onverwoestbaar. Gerritsen lijkt gegrepen door weemoed als hij een tijdje naar een foto van zichzelf uit de jaren zeventig kijkt: „Maar ik ben nu een veel betere bassist.” Al weet hij dat er altijd fysieke kwalen op de loer liggen waardoor het niet meer gaat: je moet wel je vingers kunnen bewegen.

De vergankelijkheid van alles treedt vooral op de voorgrond in de beelden van Jan Rot, nog niet zo oud (64), maar ongeneeslijk ziek. Hij hoopt met een stevige chemokuur de zomer te halen. Op de tonen van zijn eigen opgewektheid zien we hem zich voorbereiden op een optreden, steeds grappend over zijn conditie. Hij legt zijn baseballjack over zijn hoofd om een dutje te kunnen doen in de kleedkamer. Even later ligt hij op zijn buik te slapen op een rij schouwburgstoelen – alle energie is bestemd voor de muziek. „Na twee of drie liedjes vergeet ik dat ik ziek ben.”

Sexy sixty

Gerritsen, Stips en de aan de heroïnehel ontkomen Michel van Dijk (ex-Alquin) zijn ontwapenende mannen geworden: grijze rimpelkoppen, slobbertruien of zwarte overhemden die losjes afhangen over de tekenen van het goede leven. Regisseur Marcel Goedhart zocht ook vrouwelijke artiesten op, voor wie het aanmerkelijk moeilijker is om door te werken. „Vroeger moest je dood als je veertig was”, vat Angela Groothuizen het samen. „Nu zijn we sexy sixty en hebben we een zaal vol vrouwen van vijftig. Die willen we empoweren.”

De zussen Monique en Suzanne Klemann (pas 56 en 58) van Loïs Lane vertellen hoe ze in 2013 een nieuw album presenteerden. Niemand had belangstelling. „Iedereen vond ons oude wijven, zonder te luisteren. Als Henny Vrienten, De Dijk of Bløf met een nieuwe plaat komt, is dat heel anders. Terwijl we nu echt veel beter zingen dan dertig jaar geleden.” Ook veel onzekerheid is verdwenen, maar zakelijk hebben de zussen het niet altijd voor het uitkiezen. Er zijn bevreemdende beelden van Loïs Lane dat op een bruiloft Mamma Mia van Abba staat te zingen. „Op zo’n moment is het heerlijk dat je met zijn tweeën bent, dat je er niet alleen staat.” Monique Klemann vertelt dat ze „een derde” van zichzelf is kwijtgeraakt doordat corona maakte dat ze niet kon optreden.

Groothuizen gebruikt „oud wijf” als geuzennaam. „Ik heb zo’n zin”, zegt ze als ze een zaal ziet waar ze optreedt tijdens de tournee van de Dolly Dots. Wel is ze vastbesloten dat het hierna afgelopen moet zijn met optreden. „Het is een heel mooi laatste rondje, maar ik wil niet met mijn dikke reet op het podium plakken.”

De laatste tonen van Tot de laatste snik?! zijn van Jan Rot, die als toegift een sublieme ingetogen vertaling van de oudemannenkraker My Way zingt: „Dit is wat ik was.” Ik dacht nog even aan Henny Vrienten, de man die de film over ouderdom op het podium bedacht, maar er niet meer in zit.